Now who’s cool?

Now who’s cool?
Now, who’s cool? Like John Travolta-cool
Bullshit-bingo van een foute trailer
 
flutfilm vader foute
dochter                ex           moeder
cliché shake in polycolor
met auto vliegtuig pief paf poef
de echte man engel bengel
living the highlife op foute muziek
spectaculair gedoe (kutgozer, flauwekul)
 
[Ooit gehoord van operatie zwaardvis
met trombones en violen? Tom wacht]
auto      vliegtuig               pief paf poef
 
Jaguars volautomatisch pampam bubbles
on ice                   buckets full of speedo
[Like @ handsome – Rock & Roll - junkie]
we’ve got a tag going viral
finishing the job 24/7                    chop chop
choppers near the river. Steel and trumpets
                                               bullets and wrinches
 
De man met de sigaar. Hoe verder hoe geheimer
Walther Kühne, drummer, BSN 5014 12 801
Check ‘m uit       Q&A: What’s the plan, Stan?
Boem boem en paf en pief poef toe
Verdraaide draden blauw geel rood
of knip je toch de zwarte door – gokje?
 
In 3, 2, 1… daar wappert het vaandel vol viooltjes
                een vaasje valt in slowmotion van de
schoorsteenmantel in duizend diamanten
weer bijeen boven het haardvuur.
Pief paf en poef de ploffende floepert
bim bam en de bom blaast
 
4 tijdseenheden later … take the money and run Houdini
knip de kabel en alles komt goed
en iedereen leeft nog en is rijk
op een gestroomlijnd jacht met
bijpassende monturen. Living the high life
high five, high afternoon low on tea
now who is cool, like really really cool?

© Palescue 2019

Terug gevonden in het grote schrijfboek, zonder datum. Ik zal wel tv hebben zitten kijken…

Soest in tijden van Corona

Soest in tijden van Corona

In de rubriek Raadgever laat de Soester Courant telkens een raadslid een persoonlijk stukje schrijven. Komende verschijnt weer een bijdrage vanuit de fractie van Gemeentebelangen Groen Soest (GGS):

Keelpijn? Ja. Hoesten, moe? Ja. Hoge koorts? Nee. Ik ben ook niet in contact geweest met mensen uit risicogebieden maar zit wel vanaf 10 maart ziek thuis, bijna een week voordat heel Nederland in pseudo-quarantaine ging. Inmiddels gaat het iets beter, dank u.

Ondanks het feit dat diarree geen symptoom van CODIV19 is, zagen we ook in Soest mensen met honderden tegelijk wc-papier hamsteren. Tegelijkertijd werden aanmerkelijk kleinere evenementen uitgesteld of afgelast.

En terwijl ik dat schrijf, worden de maatregelen aangescherpt. Na musea en theaters gaan ook alle scholen, horeca- en sportgelegenheden dicht tot 6 april. Corona ontvouwt zich. Als u dit leest is de toestand ongetwijfeld anders. Ik denk dat de gevolgen van deze grootschalige ontregeling nog lang merkbaar zijn.

Politiek bestrijkt vele gebieden. Kunst en Cultuur lijken daarbij soms een restpost bij sport en recreatie. Kunst en cultuur trekken natuurlijk toeristen, mooi voor de city marketing. Maar er is meer. Het brengt mensen samen, wat van belang is voor het sociaal domein. En: kinderen worden aantoonbaar slimmer terwijl ouderen tot op hogere leeftijd helder en gelukkig blijven als ze artistiek actief zijn.

Uiteindelijk is ook  politiek één van de vele aspecten waarin cultuur zich uit.  Denk aan de architectuur van de raadszaal of aan het smeedwerk en de symboliek in de ambtsketen van de burgemeester. En aan het taalgebruik, aan de timing van een interruptie in een betoog – het zijn allemaal bouwstenen van de politieke cultuur, de manier waarop gemeentepolitiek wordt bedreven.

Op de foto hiernaast zit ik bij een beeld: twee bronzen ‘zwerfkeien’ in een perk met steencirkels. Veel mensen uit de wijk Overhees zullen het herkennen. Maar hoe het hier terecht is gekomen of wie het waarom heeft gemaakt staat er niet bij. Het staat ook niet op Soest.nl. Dat vind ik jammer. Cultuur is een sieraad voor de gemeente, maar draag die juwelen dan ook met trots, zeg ik dan. Of, zoals het in het programma van GGS staat: “Een actief cultureel beleid hoort hier helemaal bij.”

Politiek moet zich niet met kunst bemoeien maar het wel een podium geven. Gelukkig wordt de cultuursector, die vooral bestaat uit ZZP-ers en kleine organisaties, opgenomen in de compensatie voor de corona-crisis. In Duitsland was de steun voor eenzelfde motie hartelijker dan hier. De Duitse Minister Grütters: “In deze situatie erkennen we dat cultuur geen luxe is die men in goede tijden uitstraalt, maar dat we nu zien hoezeer we het missen als we het een bepaalde tijd zonder moeten doen.”

Cees Paul, fractielid Gemeentebelangen Groen Soest (GGS)


Overhees - bij beeldJoop Jollanders
Bij Joop Hollanders (1944) beeld Zonder titel (1990). Foto: GGS

Z00 palescue #13: Aal de Paling

Z00 palescue #13: Aal de Paling

Vandaag pak ik de paling bij de staart. Dat valt niet mee, nee. Het is geen aaibaar wezen: aalglad, ja. Als paling in een emmer snot.

Vanuit de Sargassozee in de mysterieuze Bermudadriehoek drijft de larve hierheen en groeit onderweg tot glasaaltje. In zoet water groeit ‘ie uit tot schieraal of paling, om na 5-15 jaar terug te gaan. Dan paaien ze, en sterven. Maar nog nooit heeft iemand palingen zien paren. Ze kunnen ook niet worden gekweekt.

Hier, bij de voormalige Zuiderzee, is het culinair erfgoed maar de soort is ziek door dioxinen, drugsresten en landbouwgif in het water. De paling ontglipt ons en is in kritieke toestand opgenomen in de Rode Lijst. Sinds 1980 is de intrek van glasaal met 99% afgenomen. Bovendien wordt de terugweg de meeste alen fataal. Het grootste deel raakt gewond in de gemalen. Dus zet men glasaal massaal uit in de Randmeren, en paling over bij de Afsluitdijk. Dit lijkt een beetje te helpen.

Monsters

Vroeger gingen de grote jongens paling peuren in de polder. Nu peurt een professionele palingpenose grof geld uit smokkel. Glasaal uit de Golf van Biskaje gaat in waterkoffers binnen 24 uur – langer kan Aal niet zonder zuurstof – naar het Verre Oosten. De Aziatische palingvariant is namelijk al uitgestorven.

Aal is een taaie rakker, die tot in de pan blijft spartelen. Hij leeft in zout en zoet water met twee harten en kan ademen door de huid. Hij reist ook over land. Een oudere vriend zag als kind nog paling door het natte gras ‘lopen’ om de Praamgracht, en zo de Eem, het IJsselmeer en uiteindelijk de zee te bereiken.

Onderzoekers opperen dat het monster van Loch Ness kan bestaan als gigantische paling. Dat meer zit vol paling-DNA. Duikers zagen exemplaren zo dik als bovenbenen, vier meter lang.


N.B.: bij de vorige aflevering is de fotovermelding weggevallen. De illustratie was overgenomen van straatpoezie.nl.

De tekening bij deze aflevering is naar een schilderij van Pieter Brueghel de Oude vol Nederlandse gezegdes waaronder ‘de paling bij de staart pakken’, rechtsboven in De Verkeerde Wereld (1559).

Aal de Paling, naar Pieter Breughel, maar dan in de Praamgracht richting spoorlijn Baarn-Soest

En zo kwam het in het maartnummer van Veren & Vachten (15e jaargang, nummer 1) met een grappige spelfout of redactionele ingreep in de kop:

Meander 2020/01

Meander 2020/01

“Vroeger las ik alleen dode dichters. Inmiddels vind ik levende ook wel leuk.”

Dit is wel heel leuk eigenlijk: ik sta in een tijdschrift. En wel in de eerste editie van de jaren 2020 van Meander, het Literair E-magazine voor Nederlandstalige Poëzie.

De drie gedichten die ik eind vorig hier heb geplaatst had precies zo ook ingezonden. Of het door de tekeningetjes of de extra tekst komt weet ik niet, maar men vond het leuk en wilde ze plaatsen. Wat heet, met de tekeningetjes en een oud gedicht extra, en een interview. Dit alles vergezeld van de fraaie foto die Maurice Timmermans ooit van me maakte ter gelegenheid van en in Artishock-Soest.

Ziehier het resultaat

‘Alegría’

‘Alegría’

Nieuwjaarsreceptie Artishock en expositie Tekenclub

Op de eerste zaterdag van het nieuwe jaar, 4 januari 2020, is de openbare Nieuwjaarsreceptie van cultureel podium Artishock. Dezelfde avond wordt de jaarlijkse expositie van Tekenclub Artishock geopend. Er komen 22 werken van 80 bij 80 centimeter te hangen, allemaal persoonlijke variaties op het thema ‘Alegría.’ De live muziek is van Trio Kai von Rosenberg.

Een gure doordeweekse dinsdagavond in december. Leden van de Tekenclub Artishock zitten in de warme soosruimte aan de koffie, het model in badjas. Met coördinator Ineke Talen en deelnemers aan de expositie praten we over het thema van dit jaar en proberen een beeld te krijgen van wat we te zien krijgen.

Ineke Talen vertelt: “Eigenlijk zijn we een modeltekenclub. Met de jaarlijkse tentoonstelling laten we altijd een andere kant van ons zien. De keuze voor het thema is de uitkomst van een enquête. Iedereen mocht wat insturen. Daaruit kwam het thema Alegría. Met één L en een accent op de í. Dat is Spaans voor vreugde, blijdschap, opgetogenheid. Begin november werden de panelen uitgedeeld. Die maakt Dirk Bouman altijd, dat mag ook wel eens gezegd worden.”

Iedereen werkt op hetzelfde formaat, op een paneel van 80 bij 80 centimeter. Nadat het thema is gekozen maakt elke deelnemer thuis zijn eigen schilderij. Dit jaar begint niet alleen een nieuw jaar maar starten ook de jaren 20. Dat lijkt geen invloed te hebben gehad op de mensen die we spreken. Ineke zegt: ”Maar je weet nooit wat mensen ervan maken. Alleen het formaat staat vast. Het hoeft ook niet per se met verf te zijn gemaakt. Vorig jaar had iemand een vilten schilderij. Dit jaar doet in ieder geval één iemand iets met foto’s.”

Eén van de deelnemers, schilderes Dita Valkenet, zegt: “Toen ik het thema hoorde dacht ik Ojee, wat moet ik daar nu mee? Maar ik heb het schilderij al af en ik heb er een leuk verhaal bij.” Dat verhaal wil ze niet vertellen, ook niet als ze hoort dat dit stukje pas kort voor de expositie zal verschijnen. “Nou, ik werk altijd met olieverf, zoals Ineke altijd met acryl schildert. Maar verder zeg ik niets… Nee, echt niet.” Een andere deelnemer verklapt een digitaal werk te hebben gemaakt, en weer een ander zegt dat ze een zwart schilderij inlevert, maar het is de vraag of die informatie betrouwbaar is. Ineke besluit: “Het is altijd weer een sprong in het duister, in ieder geval in het onbekende.”

Info

De opening van de expositie valt samen met de nieuwjaarsreceptie van vereniging Artishock, waarvoor bij dezen iedere belangstellende is uitgenodigd. De expositie zal de rest van de maand te zien blijven.

Evenals in 2019 zal de expositie later in 2020 te zien zijn in het gebouw van Idea aan de Willaertstraat.

‘Alegría’ Zaterdag 4 januari opening expositie Tekenclub Artishock & Nieuwjaarsreceptie. Zaal open: 19:30u. Opening 20:00u. door voorzitter Harm-Jan Luth.

Zoals iedere eerste zaterdag van de maand is de toegang gratis en is er live muziek. Op deze eerste zaterdag in het Nieuwe Jaar speelt het Kai von Rosenberg Trio.

De expositie is te zien tot eind januari tijdens activiteiten (zie http://www.artishock-soest.nl). Daarnaast is Artishock – Steenhoffstraat 46a – open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Z00 palescue #12: Gemier

Z00 palescue #12: Gemier

Precies 300 woorden over mieren:

Hoe zie je onderweg het meeste? Met het vliegtuig ben je, als buizenpost, snel ver weg maar zie je weinig. Vanuit de trein zie je meer. Landschappen trekken voorbij. Als je met de auto gaat, zie je de verschillende steden. Je voelt de afstand nog beter als je gaat fietsen, met je kop in de wind. Elke kilometer, en vooral het hoogteverschil voel je. Je ziet nu aparte wijken en straten. Als je gaat wandelen kom je langs individuele huizen en bomen. Hoe langzamer je gaat, hoe meer je ziet. Het meest zie je dus als je stilstaat, gaat zitten onder een boom. De verste reis maak je ter plekke.

Daar loopt een kolonne kleine zwarte mieren. Zie dat beestje sjouwen met een blad dat honderden keren groter is dan zichzelf. Even verderop loopt een kolonne grote rode mieren de andere kant op. Gescheiden werelden. Er zijn 12.000 soorten mieren beschreven. Eigenlijk zijn het een soort wespen zonder vleugels. Behalve na de regen op een warme augustusdag in Nederland. Dan is het Bruidsvlucht: mannetjes en koninginnen vliegen uit en paren in de lucht. De mannetjes gaan snel dood.

Eén mier stelt niet veel voor, maar met geurstoffen als communicatiemiddel werken ze als één organisme samen. Sommige soorten doen zelfs aan een soort landbouw en veeteelt. In ondergrondse kamers liggen luizen aan plantenwortels terwijl de mieren hun honingdauw melken. Parasolmieren brengen bladeren naar het nest om schimmel te kweken als voedsel.

Bij mensen zie je ook collectieve intelligentie, bij voorbeeld in een peloton wielrenners of een stadion dat de wave doet. De massa functioneert als één organisme. Meestal levert dat weinig goeds op en delft een kwetsbare groep het onderspit. Misschien is dat bij mieren niet anders. Om dat te weten moet ik nog veel langer onder die boom blijven zitten.

Foto: straatpoezie.nl. Een jaar lang liet de anonieme graffitidichter Straathaikoe gedichten achter in de openbare ruimte van Utrecht.

Alleen dit, Planken Wambuis en de Hoop

Alleen dit, Planken Wambuis en de Hoop

Later meer, maar eerst het volgende: drie teksten die niets met elkaar te maken hebben, behalve dat ik ze redelijk recent typte. Je kan gerust zeggen dat de signatuur-tekeningen erbij vaster van vorm zijn dan de gedichten. Na de presentatie volgt een korte toelichting op het ontstaan ervan.

 Alleen dit

Geen feit of mening
                reden of bewering, argument
                geen conclusie, aanbeveling –
alleen dit.
 
Geen beeld of geluid
                beweging of stilstand
                geen begin, vervolg, einde –
alleen dit.
 
Geen goed of slecht
                humeur, gevoel, of temperament
                geen derde oog, zesde zintuig –
alleen dit.
 
Geen dag of nacht
                geen zomer winter, herfst
                of weersomstandigheden –
alleen dit.
 
Geen licht of donker
                geen gewichtige vorm, afstand
                massa of hoge diepte –
alleen dit
 
                taalstilleven, uitgelezen letters
                die zin geven per woord.
  Planken Wambuis
 
Want buiten wacht de waard
die niet valt te vertrouwen
al schijnt hij gouden bergen
op de te hoge waterstand
 
De waard waart rond en slaat gericht
zijn klauwen uit. Als zich een vinger
of teen over de drempel waagt
rukt hij je hele arme been af
 
Niemand hoort je noodklok luiden
buiten de lijken in de kast. Hoor
ze kraken op de vlizotrap
en tikken tegen ‘t dubbel glas
 
Laten we dus binnen blijven
de spoken verblijden met geesten feesten
op O zo te vermijden angsten,
de langste geflest onder ‘t aanrecht
 
Bedeesd benader ik het einde
en hamer een deur uit de nacht
Vrucht van mijn schoot, waar blijf je
om mij te redden van die gast?
  De Hoop
 
Mijn mes moet een machete worden
de valk een Ottomaanse dhow
 
De wekker staat elke dag weer op
het tijdstip van mijn executie door
een instrument met hoger doel.
De droom is heen en weer gesneld
 
over de mensen de velden de bergen en de zee
onder de radar in een opblaasboot
 
Daar wapperen witte lakens
uit de restanten van een kozijn
in de slaapzaal van het bospaviljoen,
verlaten portaal naar het ondermaanse.
 
De geest gaat te paard, de ziel te voet hier binnen
en beide laten hoop varen door het leven.

De Hoop was de eerste tekst, geschreven op 22 september 2019 in een soort vakantiedagboek waarin ik elke dag getrouw beschreef hoe we wat waar hadden gedaan. We waren in Turkije, met Lesbos in het vizier. We zijn daar ook geweest, een dag op en neer naar de EU met de reguliere ferry. Op de laatste dag van de vakantie wilde ik een stukje vrij schrijven. Dat werd dit. Toen ik het af had, zette ik mijn paraaf eronder die ik veranderde in een vissersbootje van het soort zoals ik had gezien in Turkije. De andere signatuur tekeningetjes maakte ik op 22 oktober.

Alleen Dit schreef ik begin oktober, eigenlijk als vervolg op een droom waar ik lachend uit ontwaakte. Dat was meen ik op woensdag de tweede. De lach, de bevrijdende, bijna hallucinerende vrolijkheid uit die droom heb ik niet kunnen reproduceren, daarvoor was de droom te snel verwaaid. Ik weet nog dat ik worstelde met een groot probleem toen het opeens duidelijk werd: alles begint met letters.

Planken Wambuis, tenslotte, is het product van de eerste vorm van schrijfcursus die ik volgde, een Masterclass Expressie in Poëzie door Gijs ter Haar. Dat was op zondag 13 oktober, in Zevenaar. Als onderdeel van het programma schreven we een A4 achter elkaar vol met een gegeven eind- en beginzin. Freewriting. De eerste regel was ‘Laten we vooral binnen blijven’ en de laatste ‘Je wilt dat kind behoeden’, allebei uit zijn bundel ‘Voor de zwijnen’ (2017). Elke gelijkenis met bestaande personen is louter toevallig en in die herberg op de Veluwe ben ik nooit geweest.