Stalen Slakkenhuis

Stalen Slakkenhuis

Lokale politiekMotie ‘Vreemd’ over plaatsing van een roestvrijstalen ‘Slakkenhuis’, een kunstwerk wat nog op een verlaten gemeentewerf staat. Als je de kunstenaar kent hoor ik dat graag.

Het laatste punt van de laatste raadsvergadering voor het zomerreces van 2020 betrof de plaatsing van een kunstwerk. Gemeentebelangen Groen Soest (GGS) had een Motie ‘Vreemd‘  opgesteld met de fracties van CDA en D66 als mede-indieners.

In de motie vragen we om plaatsing van een kunstwerk in de vijver rond het gemeentehuis. De aanduiding Vreemd duidt aan dat het gaat over een onderwerp wat niet op de officiële agenda staat. Wethouder Kundic (D66) van Cultuur reageerde positief.

We hebben er hier al eerder over bericht: op het terrein van de voormalige Gemeentewerf gaan sociale huurwoningen gebouwd worden. Het bouwplan is in de schetsfase en de Gemeentewerf is inmiddels verhuisd naar het terrein van de brandweer aan de Lange Brinkweg. Het belooft een mooi project te worden, maar vooralsnog ligt er nogal wat restmateriaal op het oude terrein aan de Molenstraat: stapels zand en bakstenen, afgedankte prullebakken en ander straatmeubilair, en… een glanzend kunstwerk. Ondanks oprukkend onkuid en blootstelling aan de elementen vertoont het object nog geen spatje roest. 

Een mooie plek

Eerder vroeg de fractie van GGS al wat het plan was met het kunstwerk. Het zou ergens opgeslagen moeten worden en er waren geen plannen voor herplaatsing. Dat vonden wij jammer, want het is openbaar kunstbezit dus bedoeld voor publieke presentatie. Voor de gemeente zijn er ook geen extra kosten aan verbonden. Het terrein moet sowieso ontruimd worden en opslag zal ook niet gratis zijn.

We zijn nog op zoek naar de echte naam van het kunstwerk en die van de kunstenaar. Via via hebben we echter al vernomen dat plaatsing in de gemeentevijver, wat de kunstenaar betreft, een mooie plek is. Wat ons betreft ook, want zo wordt de connectie met het gebouw aan de andere kant van de Dalweg in één oogopslag duidelijk.

Zoals gezegd reageerde de wethouder positief op de motie, al hield ze een slag om de arm voor de preciese locatie. We houden u op de hoogte van volgende ontwikkelingen.

‘Alegría’

‘Alegría’

Nieuwjaarsreceptie Artishock en expositie Tekenclub

Op de eerste zaterdag van het nieuwe jaar, 4 januari 2020, is de openbare Nieuwjaarsreceptie van cultureel podium Artishock. Dezelfde avond wordt de jaarlijkse expositie van Tekenclub Artishock geopend. Er komen 22 werken van 80 bij 80 centimeter te hangen, allemaal persoonlijke variaties op het thema ‘Alegría.’ De live muziek is van Trio Kai von Rosenberg.

Een gure doordeweekse dinsdagavond in december. Leden van de Tekenclub Artishock zitten in de warme soosruimte aan de koffie, het model in badjas. Met coördinator Ineke Talen en deelnemers aan de expositie praten we over het thema van dit jaar en proberen een beeld te krijgen van wat we te zien krijgen.

Ineke Talen vertelt: “Eigenlijk zijn we een modeltekenclub. Met de jaarlijkse tentoonstelling laten we altijd een andere kant van ons zien. De keuze voor het thema is de uitkomst van een enquête. Iedereen mocht wat insturen. Daaruit kwam het thema Alegría. Met één L en een accent op de í. Dat is Spaans voor vreugde, blijdschap, opgetogenheid. Begin november werden de panelen uitgedeeld. Die maakt Dirk Bouman altijd, dat mag ook wel eens gezegd worden.”

Iedereen werkt op hetzelfde formaat, op een paneel van 80 bij 80 centimeter. Nadat het thema is gekozen maakt elke deelnemer thuis zijn eigen schilderij. Dit jaar begint niet alleen een nieuw jaar maar starten ook de jaren 20. Dat lijkt geen invloed te hebben gehad op de mensen die we spreken. Ineke zegt: ”Maar je weet nooit wat mensen ervan maken. Alleen het formaat staat vast. Het hoeft ook niet per se met verf te zijn gemaakt. Vorig jaar had iemand een vilten schilderij. Dit jaar doet in ieder geval één iemand iets met foto’s.”

Eén van de deelnemers, schilderes Dita Valkenet, zegt: “Toen ik het thema hoorde dacht ik Ojee, wat moet ik daar nu mee? Maar ik heb het schilderij al af en ik heb er een leuk verhaal bij.” Dat verhaal wil ze niet vertellen, ook niet als ze hoort dat dit stukje pas kort voor de expositie zal verschijnen. “Nou, ik werk altijd met olieverf, zoals Ineke altijd met acryl schildert. Maar verder zeg ik niets… Nee, echt niet.” Een andere deelnemer verklapt een digitaal werk te hebben gemaakt, en weer een ander zegt dat ze een zwart schilderij inlevert, maar het is de vraag of die informatie betrouwbaar is. Ineke besluit: “Het is altijd weer een sprong in het duister, in ieder geval in het onbekende.”

Info

De opening van de expositie valt samen met de nieuwjaarsreceptie van vereniging Artishock, waarvoor bij dezen iedere belangstellende is uitgenodigd. De expositie zal de rest van de maand te zien blijven.

Evenals in 2019 zal de expositie later in 2020 te zien zijn in het gebouw van Idea aan de Willaertstraat.

‘Alegría’ Zaterdag 4 januari opening expositie Tekenclub Artishock & Nieuwjaarsreceptie. Zaal open: 19:30u. Opening 20:00u. door voorzitter Harm-Jan Luth.

Zoals iedere eerste zaterdag van de maand is de toegang gratis en is er live muziek. Op deze eerste zaterdag in het Nieuwe Jaar speelt het Kai von Rosenberg Trio.

De expositie is te zien tot eind januari tijdens activiteiten (zie http://www.artishock-soest.nl). Daarnaast is Artishock – Steenhoffstraat 46a – open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Hanz-Art houdt ermee op

Hanz-Art houdt ermee op

Eindexpositie in Artishock

De buitenissige Baarnse ‘artoonist’ Hanz-Art (Hanz voor intimi) stopt met schilderen. Komende maand houdt hij zijn laatste expositie in Artishock. “Iedereen kan een sticker plakken op de werken die ze willen hebben. Na afloop mogen ze die dan mee naar huis nemen. In een hoge hoed kunnen eventuele bijdragen worden gedeponeerd… Want wie wil het nog hebben, kunst?!”

Hanz-Art in zijn werk (foto: Cees Paul)
Hanz-Art in zijn werk (foto: Cees Paul)

“Dan ben ik geen schilder meer, maar ik blijf artiest. Het blijft dus Hanz-Art en ik blijf deze kleren dragen. Misschien ga ik meer schrijven. En ik blijf tekenen. Ik heb ook af en toe een illustratieopdracht van de RMN. En op 30 mei doe ik nog een ‘art-battle’ tijdens de atelierroute in Nijkerk. Marco van der Wielen en ik zetten dan onze ezels neer en vragen het publiek om een onderwerp. In een half uur moeten we iets op het doek zetten. Daarna mag het publiek kiezen – het hoogste bod wint. En ik heb er nog allemaal woeste ideeën omheen, haha. ”

“In Artishock laat ik een overzicht zien van wat ik de afgelopen twintig jaar heb geschilderd. In 1998 stopte ik met mijn werk bij Stichting Aap. Daar had ik vervangende dienstplicht gedaan en ben ik een tijd blijven hangen. Daar heb ik wel ontdekt dat we allemaal aangeklede apen zijn, en dat we zijn geroepen om voor elkaar te zorgen. Toen ik daar stopte heb ik van mijn laatste geld schilderspullen gekocht.”

“Ik ben geboren met een tekentalent. In mijn tienerjaren groeide de wens om ook te schilderen maar dat heeft tot ’98 geduurd. Toen was ik 31. Ik ging serieus aan het schilderen – totdat ik geld nodig had. Ik heb van alles gedaan, wilde nooit mijn hand ophouden. Later heb ik nog een tweede poging gedaan om zelfstandig kunstenaar te worden. Maar na een goed begin valt het dan weer stil, qua opdrachten.”

‘artoonist’

Alles wat ik maak valt samen in het begrip ‘artoonist.’ Ik ben iemand die alle kunst als cartoon benadert. Dat kan dus ook een landschap zijn. Het is naar de werkelijkheid geschilderd maar ook een soort karikatuur. Voor de expositie in Artishock wilde ik eigenlijk een Rondje Soest maken. Schilderijen van plekken die mij aanspreken, niet direct de geijkte dingen. Daar ben ik ook mee begonnen maar de zin was ver te zoeken. Dus houd ik ermee op.”

“In Artishock wil ik ook een paar ruimtelijke objecten ophangen. Zoals dit apparaat: een kastje met binnenin, op drie plankjes, een gouden Barbie & Ken; een gebroken spiegel en medicijnpotjes. Het is gemaakt rond de vraag ‘Wat is er in godsnaam aan de hand in de wereld?’ Dat is sowieso een leidend thema voor mij.”

(meer info onder de afbeelding)

Een landschap van ‘artoonist’ Hanz-Art (foto: Cees Paul)
Een landschap van ‘artoonist’ Hanz-Art (foto: Cees Paul)

info

Krijg een eerste indruk van Hanz-Art op zijn site: https://www.hanz-art.nl/

Opening expositie zaterdag 2 maart om 20.00 u. Daarna live muziek van het StarkLinnemann Quartet. Een kleurrijk programma waarbij de Schilderijententoonstelling van Modest Mussorgsky wordt vertaald naar jazz en aanverwante stijlen. Rusland en Amerika, 19e eeuw en 21e eeuw komen hierbij samen. http://www.starklinnemann.com/

Adres: Steenhoffstraat 46a, 3764BM Soest. Rechts het gebouw in lopen.

Er is vrije toegang voor iedereen!

De expositie is te zien tijdens activiteiten tot en met eind maart. Zie www.artishock-soest.nl voor meer informatie. Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maandag- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Juxta – Studio Veel

Juxta – Studio Veel

Kim is kunstenaar. Kim tekent. Veel. Op een gegeven moment begon hij een verhaallijn te zien in de lijnen die hij elke dag maakte. Hij ging er een boekje van maken en vroeg mij het  voorwoord te schrijven. Dat deed ik graag. Dat was bijna een jaar geleden en ik snap niet dat ik dit stuk hier nog niet eerder heb geplaatst, maar goed, hier is het. Het boek raad ik – uiteraard – van harte aan en is gelukkig nog steeds te koop bij Boekscout. Kim is ondertussen ‘alive and well and working on a more ambitious  project’.

Juxta – A Fairytale of Modern Society

by Kim van Veelen

I am not very proud of being an human being; in fact, I distinctly dislike the species in many ways. I can readily conceive of beings vastly superior in every respect.

– H. P. Lovecraft

Juxta can be seen as Kim’s first graphic novel, but it’s not. We’ll get to that later.
In Juxta we enter a mythic world with ancient gods and antique landscapes combined with a dystopian view on the consumer lifecycle. Here, the gods rule and ritual is more important than science. Does that sound familiar?

Technology has become an important part of our lives, the mobile phone is indispensable. Independent entrepreneurship promises us the ultimate freedom while the youngsters in this second millennial AC are still searching for the essence of leadership.

“I give shape
to what people are” – Juxta

This is the world Kim grew up in and, in his art he mixes what he sees around him with the myths of Mesopotamia. Mesopotamia, in fact the whole region known as the Middle East, now torn by a seemingly endless war, once produced multiple empires and civilizations. Mesopotamia is known as the “cradle of civilization” primarily because of two developments that occurred in the 4th millennium BC, in the region of Sumer (now Iraq): the rise of the city as we recognize that entity today and the invention of writing.

In fact writing is also known to have developed in Egypt, in the Indus Valley and in China, and, in a very different, independent and still mysterious way, in South America. In the world of today, writing is transformed into clicking on emoticons. And in the world of Juxta the city of today is mostly in ruins. The digital society has survived (including, thank some gods, Wi-Fi), but not in the shape we see today. There is no Facebook’s Marck Zuckerberg or Apple’s Steve Job. Here the High Priest and entrepreneurs are nameless, but the gods are called by name.

In the world of Juxta we see the same sense of the tiny humans living under a great, incomprehensible universe. If the Mesopotamians always had to be at the ready for the godly ruler of high priest, people nowadays are serving 24/7 the godly Client. Between the lines of Juxta we read the conception of the Consumer or the Client as an incarnation of Ego. And the gods provide them with the necessary tools: a smartphone, 4G and Wi-Fi. Basics for society. Not unlike H.P Lovecraft, Kim mixes the world we know with another dimension to tell his story.

This is not a novel

The title of this book, Juxta, is derived from the concept of juxtaposition. According to Wikipedia, this is an act or instance of placing two elements – preferably contradictive or unrelated elements – close together or side by side. This is often done in order to compare and contrast the two, to show similarities or differences. In art, juxtaposition will make both elements, and the whole of the artefact, gain weight. That’s what we see happening in Juxta, both in the technique of the drawings as the theme of the narrative. The objects here are the icons of the client and consumer and the gods. In his work, Kim aims at putting those object in their ultimate position in which they communicate under the ultimate tension. Especially in his statues, the tension of the construction is quite literally.

Some consumers
never return
from the forest.
They have acceptes
silence,
lost their elic,
lost their connection.” – Juxta

We, that is Kim and me, talked about this book in his studio In Space. That is less science fiction then it sounds. In fact his ‘studio’ is a garage on the grounds of a democratic school called ‘In Space’. Kim shares the garage with a marvelous old-timer reconstruction job and the only daylight he gets is when the folding door is opened. A recurring topic in our talks is how to give shape to artistic ideas, or: how to produce thought in tangible items.

When I talked about this book as a graphic novel, he shunned that term. I guess he sees it as an art-book. To Kim the story and the drawings of Juxta are just a mold in which he can pour some (actually just a tiny bit) of his artistic imagination. The book may be a fantasy, it displays some real and earnest views on contemporary society.

Kim does quite a bit of juxta positioning himself, in his art in a broader sense. For example he has made flat set pieces that act three-dimensional on stage. He also makes 3D statues out of the drawings you see on the flat pages of this book. That’s right, and although the statues are quite small they also have ‘in real life’ the sensation of greatness, probably even more so. And not only because of the juxtaposed dimensions. It is simply because Kim is a great artist.

See the website veel.org for more of Kim’s work and follow him on Instagram. Believe me – clicking is worth the effort

Palescue, April 2018

‘Grenzeloos Verlangen’

‘Grenzeloos Verlangen’

Op de eerste zaterdag van het nieuwe jaar, 6 januari 2019, is de openbare Nieuwjaarsreceptie van cultureel podium Artishock. Dezelfde avond wordt de jaarlijkse expositie met schilderijen van Tekenclub Artishock geopend. In de grote zaal komen 23 werken van 80 bij 80 centimeter te hangen, allemaal persoonlijke variaties op het thema ‘Grenzeloos Verlangen.’ De live muziek is van het Semmy Prinsen Trio.

Niemand heeft de werken nog gezien. Coördinator Ineke Talen van de Tekenclub zegt: “Ik kan je nog niets laten zien. Sorry, maar dat is strikt geheim.”

Het is dinsdag, de wekelijkse tekenavond in Artishock. In het gezellige geroezemoes van de deelnemers komt één onderwerp telkens terug. Ineke Talen vertelt: “Eigenlijk zijn we een modeltekenclub. Dan weten de leden wat ze gaan doen: het model tekenen of schilderen. Eerst een paar korte standen en daarna een paar standen van een kwartier. Met de jaarlijkse tentoonstelling laten we altijd een andere kant van ons zien.”

Nadat het thema is gekozen maakt elke deelnemer thuis zijn eigen schilderij. Iedereen werkt op hetzelfde formaat, op meubelplaat (MDF),een paneel van 80 bij 80 centimeter. Ineke: “Dat is best groot. Verder is alles toegestaan, als het maar op het paneel past.”

“Bloed, zweet en tranen,” zegt Anne, één van de deelnemers.“Mijn echte grenzeloze verlangen durf ik niet te schilderen. Voor het eerst ben ik al vroeg begonnen. Het is een beetje gebaseerd op een gedicht van Pierre Kemp. Als ik dat lees denk ik: dat zou ik nou wel eens willen.” Ineke Talen zegt: “Soms heb je teveel ideeën en krijg je keuzestress. Wat moet het nou worden? Vaak kan je dan het best uitgaan van de eerste ingeving. Ik ben dit jaar ook vlot. Het is al bijna klaar. Dat is heel bijzonder voor mezelf.”

Idea

De opening van de expositie valt samen met de nieuwjaarsreceptie van vereniging Artishock, waarvoor bij dezen iedere belangstellende is uitgenodigd. De expositie zal de rest van de maand te zien blijven.

Nieuw dit jaar is dat de expositie daarna ‘op reis’ gaat. In de zomermaanden juli en augustus zullen alle werken namelijk te zien zijn in het gebouw van Idea aan de Willaertstraat.

‘Grenzeloos Verlangen.’ Zaterdag 5 januari opening expositie Tekenclub Artishock & Nieuwjaarsreceptie. Zaal open: 19:30u. Opening 20:00u. door voorzitter Harm-Jan Luth.

Zoals iedere eerste zaterdag van de maand is de toegang gratis en is er live muziek, ditmaal verzorgd door het Semmy Prinsen Trio. Sfeervolle muziek met veel ‘evergreens’ en later op de avond ballades van o.a. John Coltrane. Bezetting: Semmy Prinsen – tenorsax; Rico de Jeer – bas; Guido Eymann- drums. Guest: Wouter Wantenaar – altsax.

De expositie is te zien tot 28 januari tijdens activiteiten (zie http://www.artishock-soest.nl). Daarnaast is Artishock – Steenhoffstraat 46a -open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

“Het moment van mijn wezen” – nieuw werk van Ruud Bijman

“Het moment van mijn wezen” – nieuw werk van Ruud Bijman

In november exposeert Ruud Bijman in de grote zaal van Artishock met nieuw werk, vrijwel allemaal uit de afgelopen twee jaar. Vier jaar geleden stelde hij hier zijn eerste series ten toon. Ruud is blijven schilderen. “Ik heb geen behoefte meer aan vakantie, want dan kan ik niet schilderen. Dat is mijn vakantie. Het is echt feest.”

Ruud Bijman vertelt: “De laatste tijd heb ik veel tekenopdrachten voor educatieve uitgaven. Maar tussendoor blijf ik schilderen. De weekenden zijn heilig voor me. Zo Ruud Bijmanmaak ik toch wel één à twee werken per maand. Normaal werk ik met acrylverf op doek. Ik heb net een nieuw soort stiften met acrylverf gekocht en sta nu te popelen om die te proberen.”

“In Amersfoort heb ik laatst 20 werken geëxposeerd bij Vreemde Gasten. Veel blijven er ook tekenwerk in zien. Ik denk doordat ik werk met zwarte contouren. Ik gebruik ook niet veel kleur, eigenlijk alleen voor de achtergrond en accenten. Ik vind de vorm belangrijker. Uit andere reacties merk ik dat mensen mijn werk rustiger vinden geworden.”

“Elk nieuw schilderij is goed. Elke keer leg ik de lat weer hoog en wil ik niet in herhaling vervallen. Ik heb heel mooie dingen gemaakt waarvan ik dacht: het voegt niets toe. Dan schilder ik het weer over. Ook als ik het niet meer uitkies voor exposities, dan heeft het geen waarde en wordt het overgeschilderd.”

“Frustrerend is wel dat je nooit uitgeschilderd raakt. Het eind is nooit in zicht. Ik ben nu bijna 60 maar ben zo benieuwd hoe ik over 60 jaar zal schilderen. Ik weet ook niet waar het vandaan komt. De personages, wezens die ik schilder hebben heel wat meegemaakt. Ik zie verdriet en  angst – dat herken ik en schilder ik. Alleen die vreemde vormen en rare wezens, daar herken me niet in. Maar het hoeft ook niet haarfijn uitgelegd te worden. Dan is de magie weg.”

“Ik vertel wel wat maar ik heb geen boodschap. Ik werk in een roes en gebruik ook maar één penseel. Wat eruit komt is het moment van mijn wezen. Dit werk hier ook. Toen ik het had geschilderd dacht ik: ‘wauw, heb ik dat gemaakt?’ Ik heb geen idee wat het is, maar het is af. Ik weet dat ik alles heb gezegd wat ik wil zeggen. Er hoeft niets bij en er is niets teveel gezegd.”

“Ik wilde een serie maken van pakweg twintig schilderijen onder de titel Les Misérables. De ellendigen. Maar eigenlijk kan ik elk schilderij daar wel onder scharen. Uiteindelijk begrijp ik geen fluit van het leven en dus ook niet van wat ik maak. Veel mensen zien humor in mijn werk. Soms vindt men het gewoon eng. Het leven is ook eng. We worden op aarde gesmeten als in de openingsscene van Mr. Bean – in de spotlight op een koude natte straat, en zoek het maar uit. Dat is ook wel een beetje eng.”

Cees Paul

Zaterdag 3 november om 20.00uur in Artishock, Steenhoffstraat 46. Na de opening JazzClub: Semmy Prinsen + Kai von Rosenberg Trio. Gratis entree. De expositie is vrij te bezichtigen tot vrijdag 23 november. Openingstijden: woensdag en vrijdag 10.00-12.00u., maandag en woensdag van 19.15- 20.15u. en in de pauze van filmvoorstellingen. Ook is het mogelijk een afspraak te maken met huismeester Semmy Prinsen (06-25 58 63 54).

Uitgelichte Afbeelding:  Les Misérables II (2017; 60×50 cm) door Ruud Bijman.

Foto Ruud Bijman door Cees Paul

2017-11-24-Les-Misérables-II-60-x-50-cm-Ruud-Bijman

Persfoto’s en portretten van twee vrienden

Persfoto’s en portretten van twee vrienden

Iedere lezer van de Soester Courant kent het werk van Ronald Kersten. Hij exposeert al 30 jaar zijn foto’s in dit weekblad. Komende maand hangen zijn mooiste pers- en portretfoto’s in Artishock. Hij exposeert samen met Hans Bult die verscheur(en)de portretten schildert.

Ronald en Hans kennen elkaar zo’n 50 jaar. Ze zaten samen op de handbalvereniging en gingen met de brommer op vakantie naar Terschelling. Toen Hans trouwde maakte Ronald de trouwrapportage. Terwijl Ronald is opgegroeid als fotograaf – “Ik was 9 toen ik al achter het doel zat om sportfoto’s te maken” – werd Hans onderwijzer. Later heeft hij de Nieuwe Academie gevolgd en werd kunstschilder. Hij heeft een heel eigen stijl ontwikkeld door portretten te verscheuren en tot nieuwe schilderijen te maken.

Bekende Soesters

Hans Bult vertelt: “Aanleiding was eigenlijk dat Ronald 75 werd. Toen vroeg ik of hij wel eens had geëxposeerd. Niet echt, zei hij, en het leek ons leuk om samen iets te doen.” Ronald Kersten heeft als fotograaf voor o.a. de Amersfoortse Courant gewerkt en had een eigen fotopersbureau: “Dat heeft mijn oudste zoon overgenomen. En met de fotostudio ben ik inmiddels ook al 10 jaar gestopt. Maar ik werk ik nog steeds als freelance fotograaf. Zometeen heb ik weer een opdracht.”

“Op de expositie laat ik portretten van bekende Soesters zien. Zo heb ik een mooie prent van Korlaar en van Paul Smit, de oude uitgever van de Soester Courant. Het wordt een mengeling met sportfoto’s en straatfotografie. En ik neem deze mee die ik in de studio maakte van mijn eerste kleindochter.”Hans en Ronald-0495-klein

Zelfportretten

De portretten die Hans Bult schildert zijn iets heel anders. “Ze zijn wel geïnspireerd op bestaande mensen, maar uiteindelijk is het een soort zelfonderzoek en zijn het allemaal zelfportretten. Het zijn een soort collages. Eerst schilder ik het portret. Dat gaat vrij snel. Dan ga ik scheuren, ik zoek stukken die de sfeer van het portret verbeteren en schik alles op een nieuwe manier. Zo stel ik het schilderij opnieuw samen. Dat kan maanden duren. Ik merkte dat op die manier het schilderij luchtigheid kreeg. Het wordt verrassender.”

“Inmiddels heb ik het gevoel dat ik ook in één keer zo kan schilderen maar ik laat me nog graag verrassen door het scheuren. Het heeft mij veel gebracht. Ik heb een eigen stijl ontwikkeld en die ontwikkeling gaat nog steeds door. Dit grote portret van een jonge vrouw bij voorbeeld is bijna klaar en laat een vrolijke kant van mij zien die er eerst niet zo was.”

Opening expositie zaterdag 6 oktober om 20.00 u. Daarna live muziek JazzClub. Het adres is Steenhoffstraat 46a, 3764BM Soest. Rechts het gebouw in lopen. De toegang is vrij.

De expositie is te zien tijdens activiteiten tot en met eind oktober. Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maandag- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354. Zie www.artishock-soest.nl voor meer informatie.

Kijk op de site van Kunstkring Kattenbroek voor een indruk van Hans Bult’s werken.

“Overal is een uitweg” – schilderijen van Ike Smitskamp in Artishock

“Overal is een uitweg” – schilderijen van Ike Smitskamp in Artishock

Ike Smitskamp is “opgegroeid tussen de tubes” maar werd andragoloog en drama-

Ike Smitskamp
Ike Smitskamp bij haar werk

docent. Pas op latere leeftijd heeft zij een kunstacademie gevolgd. Ze geeft nog steeds presentatietrainingen (Over het Voetlicht). Zij heeft ook een kinderboek gemaakt en exposeert in Artishock komende maand met 12 abstracte landschappen en 3 hondenportretten.

Ike zegt: “Het theater en het schilderatelier zijn verschillende terreinen in mijn hoofd. Toch, ook als ik met mensen werk probeer ik ruimte te creëren.”

“Mijn moeder schilderde met olieverf. Als klein kind hing ik graag rond in haar atelier. Het rook zo lekker. Ik werd ook erg gestimuleerd om te schilderen en was op de middelbare school nog erg bezig met dingen maken, maar koos toch voor een andere studie.”

“Ik ben in Indonesië opgegroeid in een open ruimte. Ik rende als peuter volkomen vrij rond, alleen in een broekje. Tussendoor heb ik nog even in Canada gewoond, dat was ook groots. Toen ik vijf en een half was kwam ik naar Nederland. Daar waren opeens overal hekken en moest ik oppassen voor het verkeer. Ik wil uitbreken, dat is wel een thema in mijn werk. Ik zal ook nooit een schilderij dichtmetselen.”

Nieuw. Nu

In 2000 volgde Ike drie jaar de Nieuwe Academie Utrecht. Ze is inmiddels een aantal keren geselecteerd voor de Nationale Zomerexpo in het Gemeentemuseum Den Haag met zowel schilderwerk, een foto en beeldend werk van haar hand. Ook heeft Ike een educatief kunstboek voor kinderen gemaakt.

De werken in Artishock zijn van de laatste acht maanden. “Ik ga nog wel even door met deze serie over open ruimte, landschap en tijdelijkheid. Misschien ga ik er personen in zetten. Hier zie je ook al een figuurtje wat overal boven uit torent, de weidsheid benadrukt.”

Ike Smitskamp: Driftwood and commotion (2) - 2018
Ike Smitskamp: Driftwood and commotion (2) – acrylverf, 2018

“Voorheen maakte ik veel ‘city scapes’ maar ik kreeg genoeg van al die lange rechte straten en gebouwen. Toen heb ik mezelf als opdracht gegeven geen scherpe hoeken en rechte lijnen meer te maken.”

“Het zijn geen landschappen. Wel gaan alle werken over ruimte, er is een horizon. Je kan niet alleen maar ruimte weergeven, ruimte zie je pas door een begrenzing. Ik zet obstakels in de leegte, bouw mezelf in. Daarna zoek ik een uitgang. Hoe kan ik adem halen en de wind voelen? Overal is een uitweg.”

Tekenen

De schilderijen van Ike Smitskamp gaan ook over beweging: “De suggestie dat het een moment later anders kan zijn. Deze golf hier heeft je even later overspoeld. Voor die schijnbaar toevallige penseelstreken maak ik veel schetsen, want het moet meteen raak zijn. Tegelijkertijd kan ik die schets niet letterlijk overnemen, dan verlies je de vaart .

“Ik maak nog steeds graag lijnen. Dat ‘tekenen’ heeft een grote voorliefde van mij. Verder werk ik nooit met primaire kleuren, altijd in tinten maar die kunnen best contrasteren met donkere vlakken en een lijntje neon. Dat maakt het speels maar ook geschikt om langere tijd naar te kijken.”

Terwijl de abstracte landschappen erg uitzoomen, zoomt Ike met de drie grote hondenportretten juist heel erg in. Ike: “Ik denk dat ze heel goed uitkomen op de achterwand in Artishock. Ik wil graag exposeren om mijn werk te tonen aan een groter publiek. Hoewel de werken te koop zijn gaat het mij om het plezier en de associaties die het werk oproepen.”

Kijk ook op www.ikesmitskamp.nl.

 

Opening expositie zaterdag 1 september om 20.00 u. Daarna is er JazzClub met de band Atilli, ook met hapje en drankje. Het adres is Steenhoffstraat 46a, 3764BM Soest. Rechts het gebouw in lopen. Er is vrije toegang voor iedereen!

De expositie is te zien tijdens activiteiten tot 21 september. Zie www.artishock-soest.nl voor meer informatie. Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maandag- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Meindert Rasker: Ter herinnering. Een proeve van zijn oeuvre

Meindert Rasker: Ter herinnering. Een proeve van zijn oeuvre

Meindert Rasker was een Soester kunstenaar en architect. Bijna dertig jaar was hij nauw verbonden aan Artishock. Hij overleed op 13 februari van dit jaar. In de maand juni is er een overzichtstentoonstelling van zijn werk, verzorgd door zijn kinderen Sander en Barbara, in samenwerking met Ineke Talen. Zij is als coördinator van de Tekenclub de opvolger van Meindert.

In de jaren 80 speelden Sander en Barbara Rasker verstoppertje in het Sint Joseph gebouw terwijl Meindert aan het tekenen of schilderen was. Nu vertellen ze: “Voor ons is deze expositie een deel van het afscheid. Artishock was een van de pijlers van zijn leven, dus is het heel mooi om namens hem deze expositie te organiseren.”

Kistje

“Van de meeste soorten van zijn  werken hebben we wel iets in huis. Er zijn natuurlijk veel modeltekeningen van de Tekenclub. Maar hij hield ook veel schilder-vakanties in Frankrijk. Dat waren meestal zijn productiefste tijden. Meindert heeft ook twee kistjes gemaakt. Daarvan is er nog eentje over. De andere is een keer gestolen bij een inbraak.”

Sander en Barbara zijn blij met de medewerking van Ineke. “We hebben wel eens voor hem model gestaan maar durven niet alleen de selectie van zijn werk te doen. De keuze maken we graag samen met Ineke. Ineke Talen vult aan: “Naast de modellen en Franse schilderijen heeft hij ook veel zee-landschappen gemaakt. Hij heeft vaak mee gezeild op zo’n oude zeilboot.”

Belezen

Meindert Rasker was van huis uit architect. Een van zijn obsessies is het merkwaardige bouwsel tegenover het gemeentehuis. Dit omdat het een verkeerd omdraaiend slakkenhuis betreft. Ondanks zijn hevige protesten is het ontwerp niet aangepast. Ineke Talen: “dat hij architect was, blijkt ook in zijn tekeningen en schilderijen. Jaloersmakend, zoals Meindert de meest ingewikkelde constructies van gebouwen en drukke stadstaferelen in enkele potloodstreken of in verf neer kon zetten. Daarnaast was hij ook heel belezen en hij deelde die kennis graag. Hij pakte een onderwerp op en ging dat uitzoeken door de hele (kunst)geschiedenis heen. Daar gaf hij dan lezingen over.”

Meindert Rasker 2005
Ineke Talen: “Deze foto is gemaakt in 2005 in mijn atelier. De leden van de tekenclub poseerden toen om de beurt voor elkaar en we maakten portretten.”

Ineke herinnert zich ook de bibliotheek in zijn huis in Soest. “Die was vermaard. En wat  opviel was dat zijn honger naar boeken niet ophield bij één exemplaar. En, nog mooier, hij deelde royaal. Sommige boeken had hij toch dubbel! Vermeldenswaardig zijn ook de boekjes die Meindert zelf maakte. Die boekjes, over diverse onderwerpen uit de kunst en literatuur, uitgegeven door zijn zelfbedachte uitgeverij “Kunst en Liefdewerk.”

Meindert Rasker is 75 jaar oud geworden. Hij werd lid van Artishock in 1985 waar hij actief bleef tot hij zich in 2014 om medische redenen moest terugtrekken. Ineke besluit: “Hij was een professioneel en gepassioneerd kunstenaar. Hij had ook een heel eigen, krachtige stijl. Zijn eigen schilderijen en tekeningen zijn er nog. Het gemis van de persoon blijft.”

Overzichtstentoonstelling Meindert Rasker. U bent welkom bij de opening op zaterdag 2 juni, 20:00u. Vanaf 20:30 is er JazzClub. Speciaal optreden wegens 20 jaar JazzTrio met Douwe Suesan, Joost Korsten en Jasper van der Wilden. Toegang gratis.

De expositie is te zien tijdens activiteiten tot en met eind juni. Zie www.artishock-soest.nl voor meer informatie. Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maandag- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Meindert Rasker 2008
Meindert Rasker (links) richt met Dirk Bouman een expositie in. (foto: Artishock, 2008)

Naar vijftig portretten – mensenfoto’s van Maurice Timmermans

Naar vijftig portretten – mensenfoto’s van Maurice Timmermans

Maurice Timmermans
Maurice Timmermans met foto’s uit de serie Laat je vaderschap zien! (foto: Cees Paul)

Maurice Timmermans woont en werkt in de wijk Soestdijk. Hij vat zijn werk samen met de zin “Ik vind het gewoon leuk om mooie dingen te maken en het moet altijd over mensen gaan.”

Zijn expositie in de grote zaal van Artishock wil hij complementeren door portret-ten te maken van bezoekers. Doel is dat de serie “Hoofden” uiteindelijk gaat bestaan uit vijftig gefotografeerde gezicht-en tegen een zwarte achter-grond. Daarnaast worden nog zes andere fotoseries tentoongesteld.

Maurice maakte artistieke en documentaire fotoseries over Soester onderwerpen zoals het tractor pulling, maar ook een intieme serie van vaders met hun kind. Op het Fotofestival van Breda was zijn serie over een buurtwacht te zien. Voor deze serie ging Maurice op pad met de buurtwacht en haalde de titel uit berichten die de leden elkaar stuurden: “En hij zat in een donkergrijze stationwagen.”

“Ik wil dat het kunstwerk “Hoofden” groeit door samen met het publiek de tentoon-stelling te maken,” legt Maurice uit. “De mensen krijgen zelf hun eigen afdruk, na afloop van de tentoonstelling. Ik houd wel het recht de foto’s ook elders te publiceren. Door de zwarte achtergrond worden de gezichten benadrukt, en ook doordat ik de foto’s iets groter dan levensecht afdruk. Een puistje of zo haal ik wel weg, maar ik ga niet echt fotoshoppen en de mensen hoeven ook niet in de make-up. Het wordt gewoon zoals de mensen er die dag bij lopen.”

Mensenkant

Een andere serie gaat over Parkeercontrole in Den Haag. Maurice: “Het is een documentair project over de scanauto’s. Dat is wel wat anders dan de parkeerwacht die rondloopt: geavanceerde scansystemen die 200 beelden per seconde maken met zes camera’s die ook infrarood licht gebruiken. Het aardige is, dat ik bij dit project ook ben betrokken als projectmanager. Ook daarin is het uitgangspunt de mens. Met deze serie ben ik nog bezig. Ik hang het ook op om te zien wat voor reacties het krijgt. ”

“Ik woon nu tien jaar in Soest. Oorspronkelijk ben ik opgeleid als natuurkundige, dus heel erg bèta. Daarna heb ik bedrijfskunde gestudeerd en gewerkt als consultant. Sinds 2013 studeer ik naast mijn werk fotografie aan een kunstacademie. Het gaat dus steeds meer de mensenkant op. Ik heb altijd wel gefotografeerd en wilde dat intensiever oppakken. Dat greep me en nu is het de bedoeling binnenkort beroepsfotograaf te zijn.”

Naast documentair werk heb ik ook de serie Soest Objectief gemaakt. Als fotograaf maak je altijd keuzes wanneer en hoe je een foto maakt. In navolging van een fotograaf uit de jaren ’70 prikte ik willekeurig een aantal punten op de kaart van Soest. Daar maakte ik foto’s met een willekeurige kijkrichting om de invloed van de fotograaf te elimineren. Het zijn geen mooie foto’s, maar dat is ook niet de bedoeling. Het is een academisch werk, ik neem het ook niet mee naar Artishock. Wel valt op hoe groen Soest is.”

“Ik ben nu druk bezig met puzzelen. Kijk, als schilder zijn de werken al klaar maar als fotograaf kan je de formaten uitzoeken en materialen kiezen om de tentoonstelling in te richten voor een bepaalde ruimte. En nu dus ook samen met het publiek. Spannend.”

Meer van zijn werk is te zien op www.mauricetimmermans.studio

Opening Expositie Mensenfoto’s: zaterdag 7 april om 20:00u. Vanaf 20:30 is er JazzClub met Saxofoonkwartet en Jazzkwartet o.l.v. Job Helmers. Toegang gratis. De expositie is te zien tot en met Koningsdag 27 april. Tijdens de opening, op Koningsdag en tijdens een aantal activiteiten maakt Maurice portretten die deel worden van de expositie. Zie www.artishock-soest.nl voor meer informatie. Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maandag- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Kosmos in olieverf – Willem Glaudemans

Kosmos in olieverf – Willem Glaudemans

In de serie ‘Kosmos’ worden de denker en de kunstenaar verenigd. De reeks WG_Kosmos1_ed_kleinschilderijen is te zien in Artishock gedurende de maand maart. De opening op de eerste zaterdag van de maand zal met klassieke pianomuziek en jazz worden omlijst.

Willem Glaudemans is bekend als levenscoach en schrijver: “Ik heb die kunstenaar altijd in me gehad, maar het werken voor andere mensen is mijn beroep geworden. Mijn missie is spirituele wijsheid overdragen. Maar ik kreeg al vroeg de geur van olieverf mee. Vooral via oudoom Wim. Hij woonde in zo’n oud huis met hoge plafonds en overal schilderijen. Tijdens de oorlog ruilde mijn vader, die zelf niet rookte, zijn tabaksbonnen tegen kunstwerken die oom Wim maakte. Dat was echt een cultuurmens. Toen ik Nederlands ging studeren kreeg ik een karrevracht aan boeken van hem mee.”

“Tijdens mijn studie in Utrecht stond het kunstenaarschap even op een laag pitje. Na een paar jaar ging ik naar vrije academie Artibus. Daar heb ik allerlei technieken geleerd, maar de olieverf is blijven hangen. Daar kan ik me het best in uitdrukken. Je kan er meer mee zeggen dan met acryl.”

Rembrandt’s verf

“Na mijn tijd bij Artibus kon ik bij toeval een partij pigmenten gratis overnemen, kleurstoffen om zelf olieverf te maken. Daar ben ik mee aan de gang gegaan. Toen heb ik ook een tijdje in de sfeer van Rembrandt gewerkt, maar technisch ging dat niet altijd goed. Nu zit ik weer in een Rembrandt periode. Ik heb les gehad bij het Rijksmuseum en een aantal van zijn zelfportretten nageschilderd om van te leren. Die man was geniaal, maar schilderde ook heel efficiënt. Hij liet een deel van de onderschildering gewoon staan. Binnenkort ga ik ook verf leren maken bij verfmolen De Kat. Ik ben op zoek naar die dikke, pasteuze verf die Rembrandt gebruikte. Ik weet dat hij meel in de verf gooide, maar daarmee ben je er nog niet.”

Hubble

“Ik was altijd al bezig met schepping en schreef daar ook over in het ‘Boek van de Universele Wetten, en leidraad voor bewust leven” (2015). In die tijd zag ik ook een boek

(tekst gaat verder onder de afbeelding)

Kosmos-serie-nr-2a-Sterrenpoort
Kosmos-serie-nr-2a-Sterrenpoort

met foto’s van de Hubble telescoop. Prachtig. Daar zit zo’n diepte in, letterlijk. Ik begon dat soort beelden te maken. Ze ontstonden eigenlijk gewoon.”

“Deze serie was ook een kentering in mijn beleving van schilderen. Eerst bedacht ik vooraf wat ik wilde schilderen. Nu liet ik dat wat ik aan het schilderen was, bepalen hoe ik verder ging. Het was voortborduren op wat zich aandient. Dat heeft eigenlijk ook weer geleid tot mijn boek. Het schrijven van dat boek en het schilderen van deze serie ging min of meer gelijk op.”

“Het leuke van dit soort werken is dat er geen horizon is. Ik kan het schilderij telkens draaien en verder werken. En je kan ook een onderdeel pakken en dat uitvergroten in een volgend schilderij. In de kosmos is elke vorm mogelijk. Je kan het zo gek niet bedenken of het bestaat. Je bent daardoor totaal vrij in het schilderen. Het zit heel dicht bij het abstracte maar is toch realistisch. Je ziet het universum.”

“Technisch gezien is deze serie één geheel. Eerst zwarte acrylverf als ondergrond en dan met olieverf in doorzichtige laagjes verder – glacerend werken in doorzichtige laagjes. Er komen telkens kleuren bij maar je blijft de ondergrond zien. Zo krijg je die dieptewerking.”

In april verschijnt een nieuw boekvan me: “Boek van het scheppen.” Daarmee rond ik ook een serie boeken af, de Biblos-serie. Voor zover ik weet is ook de serie schilderijen afgerond. Maar het kan best zijn dat er nog één ontstaat.”

Meer van zijn werk is te zien en te lezen op www.willemglaudemans.nl

Kosmos, schilderijen van Willem Glaudemans, wordt geopend met een muzikale ‘reis door de sterren’ door twee jonge talenten. Sil speelt de muziek van de film ‘Interstellar’ en Myrthe ‘The Journey’ van Maroney.

Opening zaterdag 3 februari om 19:30u. Vanaf 20:30 is er JazzClub. Toegang gratis. De expositie is te zien tot 23 maart tijdens activiteiten (zie http://www.artishock-soest.nl). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

WG_Kosmos1_ed_klein

Metamorfoses en Emoties in overzichtstentoonstelling Ton van Gennip

Metamorfoses en Emoties in overzichtstentoonstelling Ton van Gennip

In februari exposeert Ton van Gennip in Artishock. Ton maakt kleurige schilderijen in zijn “strijd om het positieve te behouden.” In zijn schilderijen lukt dat zeker.

Ton van Gennip: “Ik zat met een burn-out als cultureel werker en kort na elkaar overleden mijn twee boers. Toen ben ik eind 1995 gaan schilderen. Dat ging eigenlijk vanzelf. Ik had geen basis voor de olieverftechniek maar kon wel tekenen. Dat zit ook in de familie. Een broer van mij heeft op de Kunstacademie gezeten en mijn zus als grafisch ontwerpster ook.”

“Ik begon als kopiist, het kopiëren van werken die ik interessant vond: Dalí, Van Gogh, Kadinsky, Hockney…studies, om te ontdekken hoe zo’n schilderij in elkaar steekt. Met een bewerking van het schilderij ‘Strijdende Vormen’ van Franz Marc (1880-1916) naar een schilderij met de titel ‘Innerlijke Strijd’ ontdekte Ton zijn eigen thematiek.

Emoties

Ton van Gennip
Ton van Gennip in atelier

“Dat schilderen ging zo goed dat mijn zus zei: Je moet ermee doorgaan. We hebben samen een project ontwikkeld over emoties. Zij maakte digitale kunstwerken en ik een serie olieverfschilderijen Daarmee hebben we ook in Italië, waar mijn zus vaak woonde, geëxposeerd. Een bijna biografisch project van onze ervaringen op gebied van verlies.”

Ton maakt verzorgde schilderijen met veel kracht en kleur. Toch noemt hij als belangrijkste thema’s “vergankelijkheid en emotie. Ik heb er veel mee te maken gehad en op deze manier komt er dan wat moois uit. Dit schilderij bij voorbeeld, ‘Angst’, uit het tienluik ‘Emoties.’ Abstracte vormen, maar je ziet eigenlijk een verrotte citroen van heel dichtbij genomen met macro lens. Deze serie heb ik nu gerestaureerd, dat wil zeggen: sommigen wat minder, andere behoorlijk veranderd.”

“Daardoor ben ik ook gaan zoeken naar andere aspecten van vergankelijkheid, naar het proces van groei en het vergaan ervan. Beelden van dat proces fotografeer ik, vergroot ik, en schilder ze op groot doek zodat vaak een mystiek beeld ontstaat.”

‘Metamorfoses’

“Voor het project Metamorfoses 1-2-3-4-5 heb ik bij voorbeeld het vergaan van een aardappel gevolgd. Met macro-foto’s zie dan heel aparte vormen en kleuren.”

“Ik ben wel heel productief geweest maar heb ook slechte tijden gehad. In 2014 overleed mijn zus plotseling. We hadden plannen om meerdere projecten te gaan ontwikkelen. Ik heb daardoor een tijd niet kunnen schilderen. In april 2016 heb ik toch weer de draad opgepakt.”

“Mijn stijl ontwikkelt zich nu naar het surrealistische vlak. Om deze stijl meer te perfectioneren ben ik toen begonnen bij Peter van Oostzanen met fijnschildertechniek. Nu ben ik bezig aan een hyperrealistische serie. Ik krijg steeds meer inzicht in het fijnschilderen om details heel ver door te voeren.”

Ton is nu 18 jaar bezig en was al eerder te zien bij verschillende groepstentoonstellingen. Ook heeft hij in die tijd heel wat werken verkocht en opdrachten gehad, maar “ik vind het zo leuk dat ik nou eens solo kan exposeren. En de ruimte van Artishock is op zich al zo mooi.”

Meer over het werk van Ton van Gennip is te zien op zijn site ‘toon-aard.nl‘.

Ton van Gennip’s Overzichtsexpositie wordt geopend door Peter van Oostzanen op zaterdag 3 februari om 20:00u. Zaal open: 19:30u. Vanaf 20:30 JazzClub: Willem Romers Trio. Toegang gratis.

De kunstenaar is ook aanwezig op zondagmiddag 11 februari bij de sessie voor (semi-)professionele jazzmusici. De expositie is te zien tot 26 februari tijdens activiteiten (zie http://www.artishock-soest.nl). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Jan Nuijten: 50 jaar schilderen

Jan Nuijten: 50 jaar schilderen

In december exposeert Jan Nuijten met een overzicht van een halve eeuw schilderen in de grote zaal van Artishock. Het ‘cultureel podium Soest’ sluit daarmee het kroonjaar af waarmee de vereniging haar 50e verjaardag viert. “Het eerste schilderij dat ik wil laten zien is ook uit 1967.”jan nuijten

“Ik studeerde toen Bouwkunde aan de Technische Universiteit Delft,” vertelt Jan Nuijten. ”Een van de vakken was handtekenen. Dat bestond uit drie onderdelen: het tekenen van opstellingen met blokken, voor het perspectieftekenen; stillevens maken van bij voorbeeld antieke kasten en gipsen beelden en modeltekenen. Ze vonden dat een architect ook wat anders moest kunnen dan rechte lijnen tekenen. Samen met een clubje vrienden bezocht ik ook veel tentoonstellingen. Dat doe ik nog steeds graag, met mijn vrouw.”

Plein

“Ik trouwde met Agnes, die danst, in 1971. We wilden graag in deze omgeving wonen en werken en ik kon aan het werk bij architectenbureau Van Wijk en Gelderblom aan de Hildebrandlaan. Zo’n vier jaar later ging ik daar weg en heb tot de VUT bij het College bouw zorginstellingen gewerkt dat de bouwplannen voor de zorgsector coördineerde. Dat was in Utrecht.”

“Ik heb met mijn zoon foto’s gemaakt van alle bouwwerken van mij die zijn uitgevoerd. Mijn belangrijkste werk was het stadskantoor van Nieuwegein. Toen ik daaraan begon in 1975 was er niets, dus ik kon het plein inrichten vanaf de sneltramhalte. In 2000 is het gesloopt omdat het te klein werd. Als ik in de sneltram zat, keek ik maar de andere kant op toen ze bezig waren met zo’n kogel. Er is nu weinig plein meer.”

Drie Periodes

“In 1986 ben ik lid geworden van Artishock, waar ik toen ook een cursus etsen heb gevolgd. Je had toen een jaarlijkse ledententoonstelling waar ik een paar keer aan heb meegedaan. Op deze tentoonstelling is te zien dat drie periodes in mijn werk te onderscheiden zijn. Die periodes hebben vooral te maken met de fase waarin het gezinsleven zich bevond.”

“In mijn eerste en tweede periode werkte ik vooral met olieverf. In de derde periode was ik op een gegeven moment door mijn doeken heen, maar had nog wel een aquarelblok. Dat beviel wel. Ik begon met landschappen en stadsgezichten, en daarna vooral portretten.”

“Het overlijden van onze zoon Kaj in 2009 was voor mij aanleiding een portret van hem te maken in acrylverf. Meer acrylschilderijen volgden, waaronder portretten, ook van onbekenden. Eerder had ik niet gedacht dat ik portretten kon maken.”

“Het is nog steeds een uitdaging om mezelf te ontwikkelen. Nu ben ik met inkt aan het experimenteren bij aquarelwerken.”

Jan Nuijten_Dickens1

Opening Expositie ‘Een Halve Eeuw Schilderen’ van Jan Nuijten: zaterdag 2 december. Zaal open: 19:30u. Vanaf 20:30 JazzClub. Toegang gratis. De expositie is te zien tot 22 december tijdens activiteiten (zie http://www.artishock-soest.nl). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Philip Westera: “Ik kies voor Pan” – of: De mythologische Rolling Stones

Philip Westera: “Ik kies voor Pan” – of: De mythologische Rolling Stones

Deze maand exposeert Amersfoortse schilder Philip Westera in Artishock met abstract expressionistisch werk. Ook neemt hij deel aan het gesprek rond de filmPhilip Westera met Draw Back ‘Basquiat’.

Jean-Michel Basquiat had als neo-expressionistisch schilder in de jaren ’80 een korte, turbulente carrière voor hij overleed op 27-jarige leeftijd. Jan Hazelaar en Ali van den Berg (Beeldentuin; Kunststichting Hazart) hebben als gastprogrammeurs de film over zijn leven uitgezocht. Artishock Galerij vond Philip Westera bereid zijn werken – “vrijwel allemaal uit de afgelopen vijf jaar” – te exposeren.

Zeker in dit jubileumjaar gaan in Cultureel Podium Artishock verschillende kunstvormen een samenwerking aan. In november pakt het filmhuis uit met enkele bijzondere initiatieven, waaronder Harten 5. Vijf mensen uit de Soester samenleving mogen een film uitkiezen en lichten hun keuze toe. De expositie van multi-kunstenaar Philip Westera sluit bij aan bij de filmkeuze van Kunststichting Hazart.

Spelen voor volwassenen

“Waarom is het abstract-expressionistisch?” begint Philip uit zichzelf. “Dat heeft ook met muziek te maken. Als ik op het podium sta probeer ik mensen te bereiken met wat ik uit. Dat is expressie, iets doen. Er is een wisselwerking tussen publiek en instrument. Maar voor muziek zijn weinig woorden, of beelden – het gaat door de lucht en verdwijnt. Dat is heel abstract.”

Philip schilderij2Schilder-beeldhouwer-bard-bassist Philip Westera is “liever filosoof van het platteland dan beroemd kunstenaar…Ik pretendeer niet heel moeilijke dingen te maken. Ik probeer tot een soort zen-boeddhistische leegheid te komen waarin je bijna onbewust werkt in het hier en nu. Het schilderij wordt een weerslag van het moment, het vastleggen van een toestand, zoals in de fotografie.”

“Wat ik doe is spelen voor volwassenen. Die manier van werken is niet nieuw. Het begon eigenlijk al 100 jaar geleden, na de Eerste Wereldoorlog, en werd groot in de jaren vijftig, met Jackson Pollock in Amerika en Nederlanders als Karel Appel en Lucebert, die ik erg bewonder. In de jaren ’80 was er weer een opleving.”

Nu is die richting niet populair. Philip: “In Duitsland wordt het nog steeds als echte kunst gezien. In Nederland is alles nu heel conceptueel en bestaat kunst alleen als toeristische attractie. Mondriaan zou zich omdraaien in zijn graf, als hij wist hoe er nu met hem wordt omgegaan. Hier vragen mensen vaak: kan je daarvan leven? Nou, zeg ik dan, ik ben niet dood. Maar zonder de kunst was ik misschien wel dood geweest. Het geeft me de kans alles van me af te gooien.”

“Daarnaast is er ook altijd de muziek. Ik heb van alles gespeeld, maar de bas is mijn belangrijkste instrument. Ik heb een dansband gehad, maar ben nu meer met jazz bezig en speel in jamsessies. En ik treed op als bard: liedjes zingen met de gitaar – vertaalde liedjes, bekende songs en ook zelfgeschreven werk. Ik schrijf vanuit m’n gevoel. De tekst moet er in één keer uit. En als het me dan drie keer echt aangrijpt tijdens het spelen is het goed. Maar er is er in Nederland maar één iemand die dat echt goed kon: Annie M.G. Schmidt. Bij de opening zal ik ook een paar liedjes spelen.”

De mythologische Rolling Stones

Philip volgde de beeldhouwrichting van de Utrechtse kunstacademie. “Op de HKU heb ik niet echt leren beeldhouwen. Na de academie wilde ik het echte werk leren. Daarmee ben ik vreselijk op mijn bek gegaan. Ik verschoot al mijn kruit voordat het echte leven begon en raakte in een depressie. Beeldhouwen kon ik al wel, dus ben ik gaan schilderen. Dat is voor mij een worsteling maar ik wilde het doen omdat ik het niet kan. Het moet een uitdaging blijven. Dat heeft ook iets met mijn vader te maken. Ik ben kritisch opgevoed: het is niet gauw goed. Mijn vader kon ook goed schilderen, dus deed hij het maar weinig. Hij vond zichzelf een technicus. Hij kon maken wat hij wilde met zijn handen.”

Philip schilderij Fallen Angel“Sommige werken zijn echt abstract. Dan ben ik vaak gewoon op tijd ermee gestopt. Als beeldhouwer heb ik nog steeds vormdwang. Ik probeer de verf spontaan te laten werken, maar zie onvermijdelijk vormen die ik benadruk. Toch, als ik iets gemaakt heb, zit ik nog dagen te bedenken wat het is. Van deze – ‘Draw Back’– weet ik na bijna een jaar nog niet waar het over gaat. Er zit een pornografisch tikje in maar dat is niet zo leesbaar, dus ik vind het wel toonbaar.”

“Van deze wist ik na zes weken dat het de bosgod Pan was. In de mythologie bestaat het verhaal dat hij en oppergod Apollo een wedstrijd deden wie de beste muziek kon maken. Pan maakte mooiere muziek, maar Apollo won. De gevestigde macht kreeg erkenning, de halfgod Pan niet. Dat is een beetje zoals The Rolling Stones en het begin van de popcultuur. Dat soort bands ging op een spontane manier tegen de stroom in. Maar die spontaniteit was zo sterk dat het de mensen betoverde. Als in De rattenvanger van Hamelen gingen ze erachter aan. De tegencultuur werd zo zelf een machtsfactor en Apollo, de zittende macht, moet daarmee om zien te gaan.”

“Dat is een thema in mijn leven en mijn werk. Ik voel me niet zo verbonden met succesverhalen. Erkenning hangt altijd samen met een groepsbelang. Ik probeer de schoonheid die ik zelf mooi vind te verbeelden. Sommigen vinden het wat teveel van het goede, of teveel van het lelijke. Ik ben onbeheerst. Ik geloof niet zo in de beheersing van mensen. Ik kies voor Pan, de miskende halfgod. Wat ik zeg is vrij en ik ben vrij om te doen wat ik wil.”

“Sinds een jaar of vijf ben ik ook weer aan het beeldhouwen. Dat is heel veel werk, maar ik voel geen druk meer om daar een carrière van te maken. Ik geloof ook niet in zoiets als cultureel ondernemerschap. Als thema voor de discussie na de film stel ik dan ook de vraag: kan en mag een kunstenaar helemaal uit zichzelf werken, zonder engagement?”

uitnodigingPhilipWestera

Zie ook: vormforum.nl (Philip Westera) en hazart.nl.

Philip werkt ook als beheerder op Cultuurboerderij Nieuwe Erven in Amersfoort.

De expositie van Philip Westera wordt geopend op zaterdag 4 november. De zaal is open vanaf 19:30u. Philip zal dan ook optreden als bard (singer/songwriter). De opening wordt mede opgeluisterd door Jan Hazelaar en Ali v.d. Berg van Kunststichting Hazart. Vanaf 20:30 JazzClub. Toegang gratis.

De expositie is te zien tot 24 november tijdens activiteiten (zie artishock-soest.nl ). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Zondag 12 november: film ‘Basquiat’ – 19:30u. Kassa open: 19:00u. Voor de film is er een kort interview met de gastprogrammeurs. Na afloop is er een nabespreking met zowel kunstenaar als gastprogrammeurs. Entree € 7,50 / leden € 5,50; Passe Partout 5 avonden € 32,50 / leden € 22,50. Zie artishock-soest.nl voor het complete programma

Hanz-Art hangt in De Speeldoos

Hanz-Art hangt in De Speeldoos

Sinds dit seizoen verzorgt Cultureel Podium Artishock de exposities in de openbare ruimte van theater De Speeldoos. Deze weken is daar, tot 8 november, het werk van kunstenaar Hanz-Art te zien. Hanz-Art, Hanz voor intimi (inderdaad, met een z) noemt zichzelf liefst ‘Artoonist.’

Zelfportret van Hanz-Art
Zelfportret van Hanz-Art

Deze Baarnse kunstenaar is een kleurrijke verschijning, met zijn kleding van Victoriaanse snit en bijpassende baard met krulsnor. Zijn schilderijen zijn ook kleurrijk. Zijn werk bevat veel humor maar hij gaat zware onderwerpen niet uit de weg.

Hanz-Art: “In De Speeldoos komt ook wel zwaar werk te hangen, qua gewicht ook, als het lukt. Kunst mag ook confronterend zijn, vind ik. Het hoeft niet alleen gezellig te zijn. Het wordt een soort bloemlezing uit al mijn periodes, met cartoons en impressies, maar ook Eemgezichtjes – landschappen dus.”

Hanz-Art is vaste gast bij Tekenclub Artishock in Soest. Daar studeert hij modeltekenen. Ook is hij bij diverse gelegenheden actief als karikaturist. Daarnaast is hij actief betrokken bij Kunsthuis het Koetshuis in Baarn. Ondanks zijn expressiviteit en jarenlange ervaring is hij erg bescheiden over zijn vrije werk. De expositie in De Speeldoos in dan ook zijn eerste solotentoonstelling.

Artoonist

Hanz-Art zegt: “Ik omschrijf mijzelf het liefst als Artoonist. Ik las deze term in zo’n wegwerpkrantje dat ik in de trein had gevonden. Een kunstenaar, van wie een schilderij getoond werd, noemde zijn stijl zo. Zijn werk beviel mij en deed me denken aan mijn eigen werk. Sindsdien leen ik deze term met plezier. Een Artoon is een kleurrijk en illustratief geschilderde kritiek. Geen tekening zoals een cartoon, maar een schilderij waarin het onderwerp op humoristisch-kunstzinnige wijze wordt verbeeld.”

flyer Hanz-Art“Ik ben als het ware met een potlood in mijn hand geboren. Als autodidact heb ik een ruime ervaring opgedaan in tien jaar schilderen op muren, doeken en panelen. Ik heb illustraties gemaakt, kaarten ontworpen, en natuurlijk veel karikaturen getekend. En ik begeleid workshops. Mijn kleurrijke, illustratieve stijl leent zich uitermate goed voor kinder- en babykamers, of bij voorbeeld snoezelruimten.”

“Mijn verhaal staat te lezen op mijn doeken. Ik heb zo alweer genoeg gepraat over mijzelf. Kom vooral kijken.”

Hanz-Art exposeert – te zien tot 7 november in theater De Speeldoos, Rembrandtlaan 35, 3741 TA Baarn. De expositie is tot 7 november a.s. te zien in de gangen van het theater tijdens de openingstijden: op werkdagen van 9.00 uur tot 17.00 uur, in de avond en in het weekend tijdens theatervoorstellingen en andere activiteiten. Adres: Rembrandtlaan 35, 3741 TA Baarn. Website van de kunstenaar: www.hanz-art.nl.

 

HanzArt in Actie
Hanz-Art in actie met een landschap

“Muzikanten in de spotlight” – expositie van Henk Smeekes

“Muzikanten in de spotlight” – expositie van Henk Smeekes

Henk Smeekes schildert “Muzikanten in de spotlight.” Zijn expositie is in Artishock foto Henk tbv Artishock-001precies op zijn plek. Deze weken organiseert Artishock-Jazz namelijk enkele bijzondere evenementen vanwege het 50-jarig bestaan van de vereniging.

“Nu ben ik bezig met Keith Richards, van The Rolling Stones. Je bent de eerste die het ziet, na José, mijn vrouw. Het moet nog gevernist worden. Het is klassiek geworden, maar ook ruw. Ik heb ‘Zelfportret met tulband’ van Rembrandt gebruikt als voorbeeld. Rembrandt gebruikte ook een soort spotlights in zijn werk, vaak met het licht van links.”

9 seconden

“Ik heb veel jazzmusici geschilderd, Miles Davis zelfs drie keer, maar dus ook rock & roll iconen – altijd mensen met een bepaalde uitstraling. En ik moet wat met hun muziek hebben, die draai ik ook tijdens het schilderen. Daarnaast maak ik stadsgezichten, deels van foto’s, deels fantasie. Het regent er vaak. Dan krijgt een straat glans, begint zo’n straat te leven en kan je er zo een jazzcafé inlopen.”

Henk Smeekes_Portret van John Coltrane
Henk Smeekes: portret van John Coltrane

“In mijn werk probeer ik diepte te geven en de kracht van de werkelijkheid naar voren te halen. Het zou mooi zijn als mensen langer dan 9 seconden bij het schilderij blijven staan kijken en zin krijgen om de muziek erbij te horen. Zelf ga ik altijd alleen naar musea, want ik kan zomaar een half uur voor een schilderij staan. Veel kijken is belangrijk en daarbij blijf ik een beetje spelen, experimenteren, om mijn eigen signatuur duidelijker te krijgen. Als het goed is drukken schilderijen uiteindelijk alleen zichzelf uit.”

Losgegaan

“Kennelijk wordt de bedoeling van mijn werk herkend. Ik krijg best vaak particuliere opdrachten. Daarnaast ben ik actief als creatief therapeut bij Viore in Hilversum. Ik viel in voor 6 weken, maar doe het nu alweer 6 jaar. Viore is een activiteitencentrum voor mensen die leven met kanker. Ik geef niet echt les. Dan zeg ik: ‘Doe gewoon wat in je opkomt. Vaak is dat heel zwart, zeker in het begin. Dan geef ik wat kleur aan of een paletmes. Mensen die nog nooit een kwast hebben vastgehouden zie je in een maand opbloeien.”

De expositie ‘Muzikanten in de spotlight’ wordt geopend op zaterdag 7 oktober, 20:00u. Vanaf 20:30 JazzClub. Toegang gratis. De expositie is te zien tot 27 oktober tijdens activiteiten (zie www.artishock-soest.nl). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Zie ook: www.henksmeekes.nl

Green Avenue – Versie 2
‘Green Avenue’ – een stadsgezicht door Henk Smeekes

Saskia van Dorresteyn: “Bestaat de maan wel als niemand kijkt”

Saskia van Dorresteyn: “Bestaat de maan wel als niemand kijkt”

In de maand september presenteert Galerij Artishock een overzichtstentoonstelling van Saskia van Dorresteyn. Overdag werkt ze in de schoenenzaak met haar naam op de Van Weedestraat. ’s Nachts schildert ze thuis in de woonkamer, altijd met muziek. Soms werkt ze aan drie schilderijen tegelijk, soms schildert ze op leer, soms ook met leer. Niet zo gek, als je bent “geboren in een schoenendoosje.”

“Die muziek heeft geen invloed op het schilderen. Ik luister van alles – als het maar niet te langzaam is, dan gaat het niet. Maar ik luister niet bewust. Ik schilder ook niet bewust. In mijn hoofd ben ik bezig met alledaagse dingen terwijl mijn handen het werk doen en ik de tijd vergeet. Soms word ik ’s morgens wakker en ben zelf gewoon benieuwd naar wat het is geworden.”

Alhoewel Saskia van Dorresteyn herkenbare mensen en gebouwen schildert zit er altijd een surrealistische twist in haar werk.

Niet op internet

saskia van dorresteyn schilderij 48 gezichten“Nu ben ik hier mee bezig: een doek met een vrouw en 48 gezichten die overlopen in haar ogen en tranen. Vroeger werkte ik heel realistisch. Dat werd op de Kunstacademie afgeleerd. Ik moest met brede kwasten werken en abstract. Maar daar ben ik niet zo van.”

“Ik heb een ‘knutselboek’ , kijk: schetsen van mensen in allerlei houdingen, ogen, anatomische studies, een stukje metaal dat ik vond… en veel citaten. Ik lees heel veel maar niet op internet, daar doe ik niet aan. Ik zie wel van alles wat anderen niet zien, gewoon als ik buiten loop, of rij op mijn paard of motor. Dat hoef ik niet te schetsen. Een mooie lucht komt wel terug in het schilderij.”

“Soms ik ben ik wel drie doeken tegelijk aan het schilderen, maar allemaal verschillend. Ik maak geen series. Wel zie ik dat ik doorga op persoonlijke thema’s zoals het ongrijpbare van het leven. Het is toch vreemd, hoe we hier op Aarde terecht zijn gekomen in een onmetelijk groot heelal? Toch, als ik schilder heb ik geen andere instelling, geen ander leven, dan in de zaak.”

Leer

“Ik ben natuurlijk geboren in een schoenendoosje. Mijn opa had al in 1926 een schoenmakerij aan de Korte Brinkweg. Toen hij plots overleed, nam mijn vader op vijftienjarige leeftijd de zaak over en bouwde het uit. Halverwege de jaren zeventig verhuisde de zaak naar de Van Weedestraat. Nu werk ik samen met mijn broer en zus in een familiebedrijf met drie winkels. Ooit zeiden we alle drie: ‘we gaan nooit de schoenen in.’”

“Maar hoe gaat dat? Na de Kunstacademie begon ik bij een reclame- en ontwerpbureau. Maar ik paste niet bij de mentaliteit in dat wereldje. Toen begon ik voor mezelf en zat de hele dag in pyjama achter de pc. Ik zag niemand, vandaar dat ik in de weekends in de winkel ben gaan werken, en later helemaal. Ik krijg er energie van, maar dat geldt voor alles wat ik doe.”

“Ik had een portret van mijn vader geschilderd op leer. Dat veranderde in de loop der tijd, het portret krijgt steeds meer craquelé en de pigmenten van het looien komen door de verf heen door de veroudering van het leer. Zo kwam ik op het idee wat anders te doen met leer. Ik heb laarzen beschilderd en jasjes. Die zijn ook op de opening te zien, met andere beschilderde objecten. En deze gaat ook zeker mee: een portret uit duizenden kleine rondjes leer. Je herkent het pas als je aan de andere kant van de kamer staat.”

saskia van dorresteyn schilderijen rogier

“Mensen hebben soms hele verhalen bij mijn schilderijen. Dat heb ikzelf niet maar ik vind het mooi hoe mensen reageren. Het is ook een fijn idee dat, als ik dood ben, mijn ideeën en gevoelens in mijn schilderijen zichtbaar blijven. Soms zit er ook niet zoveel achter.”

“Wat het moet kosten? Ik verkoop liever niet. Maar vragen staat vrij, als mensen maar niet over de kleur van het bankstel erbij beginnen.”

De expositie ‘Bestaat de maan wel als niemand kijkt…’ wordt geopend op zaterdag 2 september, 20:00u. Vanaf 20:30 JazzClub met Rosamint Faas. Toegang gratis. De expositie is te zien tot 22 september tijdens activiteiten (zie http://www.artishock-soest.nl). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354. 

 

Minibundel: Zaterlog

Minibundel: Zaterlog

* Aan de ketting * Op de kast * Op de bank *

Vrijwel direct uit het notitieboek, tekst en tekening van een zaterdagavond.

* Aan de ketting *

Een ijzeren stormlamp

Een oude verrekijker aan een

lederen riempje

Een damestas in kraaltjeswerk

        vervlochten met zilver

Een Bowiemes in schede

        wederom aan leder geregen

En de volledige kaken van een haai

        met revolverend ivoor

In de schakels van de ijzeren ketting

        met ijzer gehaakt

* Op de kast *

Een kist eigenlijk

Uit Indonesië vervoerd in Ruim 4

Een lange couponschaar

bij een vel obligaties van

Den Bataafschen Olie en Palm Compagnie

Een donker houten gedraaide tabakspot

Een Fransch artisanaal gebakken

en beschilderde pot met passend deksel

Ronde kaarsen wit en blauw

uit bruin ijzer gehamerde waxinelichthouder

en glazen kegels, een vaas en koptelefonades

en een metalen wierookstokjeshouder

* Op de bank *

Kussen’s natuurlijk

Wollen hout en haar van de kat

        onvermijdelijk. Telefoon op afstand

hand- en zakgehouden oortjes van

plastic en koper en meer voor beeld & geluid

        centraal op de plank

belicht in Led en halogenen blauw rood wit

        en groen amber en sepia

van silicoon en edele metalen onder

eeuwig nederdalend stof, in een sfeer

gedraaide lange snorharen,

brandend vet & van geparfumeerde oliën

        doordrenkte lonten in het vat.

Tubien: Het volle hoofd op reis

Achteraf moest ik aan David Bowie denken. Dat komt wel vaker voor als het over kunst in het algemeen gaat, maar niet direct in relatie met een kunstenaar die ik net heb gesproken. In de documentaire Five Years – the making of an icon omschrijft David Bowie zichzelf als verzamelaar van personages en ideeën. Volgens mij zit hij in dezelfde documentaire op de achterbank van een limousine als hem wordt gevraagd hoe hij muziek schrijft. Hij zegt dan, vrij geciteerd: je neemt een idee, doet het in een rock and roll mixer, add some genius en dat is het wel.

Bowie gebruikt rock and roll maar er zijn onlosmakelijk andere disciplines nodig zoals Tubientheater, film, en mode om het af te maken. Kunstenaar Tubien van Wulften werkt ook op een dergelijke manier met fotografie als uitgangspunt.

Tubien: “Ik ben altijd heel creatief geweest. Na de middelbare school wilde ik ook de kunstacademie doen. Uiteindelijk ben ik toch naar de PABO gegaan. Niet daar, maar in die tijd, deed ik een cursus fotografie en dat klikte. Zo heb ik mijn medium gevonden. De PABO heb ik nog wel afgemaakt maar ik ben nooit schooljuf geweest. Met geleend geld heb ik daarna de Amsterdamse Fotoacademie gedaan. Fotografie is de basis maar ik moet er altijd nog iets mee doen. Daarom noem ik mezelf liever kunstenaar.”

Op reis

“Ik ben net terug van twee maanden solo backpacken door Azië. Dat was fantastisch. Maar het was ook de tijd dat Trump gekozen werd als president van de VS. Ik was die dag in Lombok. Met een gezelschap zaten we op een uitzichtpunt: een grasveld op de kliffen boven de zee. De natuur, het uitzicht en het geluid, het was onwaarschijnlijk mooi en tegelijkertijd had ik het gevoel ‘Jezus, alles gaat naar de tering.’ Van daaruit ben ik deze nieuwe serie begonnen met militaire objecten op een onschuldig landschap.”

“Op reis merk je aan alles dat de wereld kapot aan het gaan is. Daarom ging ik ook eigenlijk – aapjes kijken. In Indonesië sterven de Orang Oetangs uit omdat het regenwoud verdwijnt om plaats te maken voor palmboomplantages. Ik heb ze gezien, die eindeloze plantages. En ook Orang Oetangs, ons hostel zat vlak bij een opvang waar ze kunnen komen om te eten. Bij voedertijden zag ik er wel vijf of tien. Maar is dat nu ‘in het wild’? Dat dit nodig is voor ze om te overleven. Diep triest.”

Polaroid

Tubien_OtherMes2“Het is zo makkelijk om je ogen te sluiten. Ik hoop met dit project een steentje bij te dragen aan het besef dat het om de aarde gaat…en de frustratie te delen dat we er niks aan doen dat die kapot gaat. Nu ben ik aan het spelen met militaire objecten op een onschuldig landschap.”

Tubien gebruikt fotografie als uitgangspunt en zoekt naarstig andere ‘lagen’ om zich volledig uit te kunnen drukken. “Zo verwerk ik er gevoelens en een visie in die ik normaal niet zo kan uiten. Ik vind het ook belangrijk verschillende facetten weer te geven. Ik heb altijd een digitaal cameraatje bij me maar dat is niet mijn eindresultaat. Die is voor mooie plaatjes ter herinnering. Met mijn Polaroid ben ik meer bezig kunst te maken.”

“Ik heb ook nog een analoge camera maar die pak ik niet zo snel. Daar kan ik niet zo mee spelen. Polaroid is voor mij de leukste manier. Polaroidfoto’s zijn altijd een cadeautje. Het is basale fotografie: wat doet het licht? Hier zit een streep op, daar heb ik dubbele beelden – hoezo verkeerd? Ik scan ze, maak uitsnedes en combineer. Fotografie is heel pietluttig maar het moet ook een spel blijven. Het toeval moet een rol blijven spelen.”

“In de fotografie snappen ze die manier van werken niet zo. Het is mixed media maar wel met fotografie als uitgangspunt. En het is storytelling maar dan zonder begin of eind. Het is een soort collage, maar collage is een rotwoord. Dat doet denken aan oma die ook eens creatief is met schaar en plaksel. Het gaat mij om een extra laag waarmee ik een visie wil meegeven. Ik wil ook mijn eigen struggle laten zien, de andere kant van mij die je normaal niet ziet.”

Ruimte

Ik: “Je kan met fotografie alle kanten op. Wat ontbreekt er aan dat medium?”

Tubien: “Het lijkt te echt. Daarom moet er een analoge laag in. Dat kan met verf of geschreven teksten, maar die analoge bewerking staat voor mijn fantasie.”

Een foto is ‘echt’ maar ontastbaar. Ook als je het met Photoshop bewerkt blijft het beeld nog ontastbaar, het blijft teveel in je hoofd zitten. Als ik er graffiti in verwerk wordt het al meer tastbare werkelijkheid. Het is ook zo dat ik iets uit mijn hoofd tastbaar wil maken. Maar op zo’n manier dat je weet dat het nep is. Dat is de grens waarop ik werk: aantonen dat de werkelijkheid niet tastbaar is, en de fantasie, de gedachtewereld, wel.”

Gezien het streven iets tastbaars te maken is het niet vreemd dat Tubien ook installaties maakt: “Eigenlijk wil ik elementen apart ontwikkelen en die in een ruimte laten communiceren. Dat heb ik gedaan voor een video-installatie. Een andere beeldinstallatie, “The Other Me’s”, is een onderzoek naar de vraag ‘Wie ben ik?’ Iedereen heeft verschillende personages in zich. Als jij denkt dat je een open persoon bent of een krijger, of wat dan ook, is dat een deel van jezelf. En het is vaak een keuze of je dat personage naar buiten laat.”

“Toen ik daarmee aan het werk ging werd het ook een onderzoek naar materiaal: wie word ik met verf, Photoshop etcetera? Iedereen heeft van huis-uit een blauwdruk meegekregen, maar je hebt ook alle andere facetten in je. Zo gaat het onderzoek heel erg over mij, maar is het ook universeler. Iedereen is hetzelfde en iedereen is uniek.”

Ubien_OtherMes1

Website: Tubien, Artist with Camera Instagram: @Tubien

Illustraties: The Other Me’s, details.

Interview d.d. 27JAN2017 @ Tubien’s Studio

slaapstede

slaapstede

 

Doe het raam in mijn kruin

dicht en laat de luxaflex

neer voor mijn gezicht

in het venster op zolder

 

Hang het kleed over de kooi

waar mijn stem tegen tralies fladdert

en doe buiten mijn blinden,

met die hartjes, toe.

 

Vergrendel het luik van de keldertrap

die steil mijn koele buik indaalt.

Laat gordijnen zich draperen

over de erker van mijn middel

 

en knip al het licht

in huis uit.

Hier is de sleutel, sluit me

af voor de nacht.

 

slaapstede_20170609_def

 

Palescue 15.VIII./30.X. ’16

Gewijzigd 8/9 VI.’17 tgv EO Radio 5; uitzending ‘Thuis op 5’ dd 09.VI

Tactiel Textiel in Tilburg – Kloppende Testikels en Kruikengezijk

Tactiel Textiel in Tilburg – Kloppende Testikels en Kruikengezijk

Tilburg is een prachtige stad. Zeldzaam lelijk. Ik zag er laatst dingen die ik nog nooit gezien had. Kunst en vakmanschap wat ik niet voor mogelijk had gehouden. Bij voorbeeld textiel wat zelf tactiel wordt.

IMG_20170303_134403306_HDRTilburg dus, met meer dan 200.000 inwoners toch mooi de zesde stad van Nederland. Het is een redelijk jonge stad en toch al ouder dan bij voorbeeld Eindhoven, wat pas in de twintigste eeuw tot wasdom kwam. De oudste gebouwen die ik in Tilburg zag zijn negentiende-eeuws. Toch wonen er al elfduizend jaar mensen.

Tilburg werd in 1809 officieel stad dankzij de Franse koning Lodewijk Napoleon Bonaparte (de neef van -). Koning Willy II liet er een paleis bouwen waar hij nooit gewoond heeft wegens doodgaan en Koning Willy van Max vierde er zijn 50e verjaardag en heeft dat overleefd. Er schijnt ook hevig carnaval te heersen in de Kruikenstad, maar daar weet ik niets van.

Tilburg is gegroeid uit een klont ‘herdgangen’ waar schapen doorheen liepen. Het was dan ook tot diep in de twintigste eeuw een centrum voor de textielindustrie.

Damast

Ik was er onlangs om boeken te brengen en nog iets minder onlangs bezocht ik toevallig het textielmuseum. Inmiddels heb ik daar ook op gestemd als winnaar van de Museumprijs voor Mode en Design van de BankGiro Loterij. Op de andere twee musea kan je ook nog stemmen. Je kan er een reis naar new York mee winnen. Eigenlijk is museum Boymans mijn favoriete museum, sowieso, maar dat lijkt me al bekend genoeg. De andere kandidaat  is het stedelijk van Den Bosch. Dat is het meest gespecialiseerd in design en lijkt me daardoor het minst interessant.

Het textielmuseum in Tilburg is een gecombineerd museum. Je ziet de historische
fabriek in werking: het proces van schaap naar draad en wollen deken met behulp van de stoommachine. Maar je kan er ook zelf aan de slag in het TextielLab. Bovendien kan je er je damasten servetten laten reinigen. Je kan het er ook kopen. Een tafel is pas gepast met zilver en damast, zeg ik altijd maar.

Gepotel

Als het over textiel gaat, valt al gauw het woord ‘tactiel’: de ervaring van het voelen is belangrijk voor de beoordeling van textiel. Het moet immers ook lekker zitten. Textiele voorwerpen zijn daarnaast nogal kwetsbaar, het slijt natuurlijk van al dat gepotel. Dat is voor een textielmuseum natuurlijk een dilemma. Gelukkig is er ook een materiaalkast waar je kan voelen aan allerlei vormen van textiel.

Maar, over de kunst. Textiel is meestal een zogenaamde toegepaste kunst. In de haute couture wordt het een autonome kunst, maar dan blijft de textiel het medium. Voor mijzelf was het bezoek aan Tilburg een eerste kennismaking met textiel als autonome kunstvorm.

IMG_20170303_125058689_HDR‘Leuke lamp, overigens’

In de permanente expositie zijn slimme, mooie en artistieke toepassingen te zien, en objecten die er zo’n beetje tussenin zitten. Zo zag ik een prachtige lamp van glasdraden waar licht door stroomde. En nog veel meer moois zag ik.

In de tijdelijke tentoonstelling ‘Rafelranden van Schoonheid’ is werk te zien van vier kunstenaars. Allemaal prachtig en autonoom: eigenzinnig gebruik van materialen door Nan Groot Antink. Voor het verfproces maakte ze gebruik van urine, geïnspireerd door de originele Tilburgse Kruikenzijkers, fabrieksarbeiders die met hun urinekruiken over straat liepen. We zagen ook grote, bizarre vormen van Tanja Smeets die als schimmel in de ruimte lijken te zijn gegroeid en een monumentaal soort schild van het duo Heringa/Van Kalsbeek. Er was ook een zaal met een vreemd soort filmbeelden. Fazinierend.

Stimulus

In de laatste zaal die ik inliep was het nogal donker. In vitrines hingen en lagen donkere voorwerpen. Het totaal heet ‘Stimulus’ en is gemaakt door Bart Hess. De inspiratie voor Hess was “de zachte puls van testikels”. Ik moest een beetje lachen, waarschijnlijk vanwege het ongemakkelijke gevoel dat ik kreeg. Plots bewoog een voorwerp in de vitrine naast me. Ik schrok me rot. Er hing een soort gerafelde leren zak die klopte, alsof er een hart in zat.

Ook de objecten in de andere twee vitrines reageerden op geluid. In dit werk wordt het textiel zelf dus tactiel. Autonomer textiel zal je niet gauw zien.

Helaas heb ik er geen foto’s van. Ga dus zelf even kijken. De tentoonstelling Rafelranden van Schoonheid is nog te zien tot 28 mei 2017.

Deze diashow vereist JavaScript.

 

 

Peter Schippper: niet van de kan-geen-kwaad kunst

Peter Schippper: niet van de kan-geen-kwaad kunst

Het atelier van Peter Schipper is in de polder. Daar schildert hij drie tot vijf dagen atelier webin de week in een leeg zwembad. Komende maand exposeert hij in de grote zaal van Artishock in Soest. 

Ooit begon hij als technisch tekenaar bij Fokker en ging verder in de reclamewereld. Twee jaar geleden verkocht hij zijn bedrijf en heeft nu alle tijd om te schilderen. Kunstschilder Peter Schipper vertelt:

“Bij Fokker bleek ik wel aanleg te hebben. Zo werd ik ontwerper en kwam toch creatief terecht. In 1979 heb ik mijn eigen reclamebureau opgestart in Amsterdam. In de goeie tijd werkten er zestien, zeventien man en we hadden grote klanten zoals automerk Seat en parkeerbedrijf Q-Park. Toen ik naar Soest ging heb ik het bedrijf daar naartoe overgeheveld. Dat was in 1983. De laatste tien jaar zat het in Amersfoort. Ruim twee jaar geleden heb ik het verkocht.”

“Ontwerpen deed ik altijd met viltstift, dus ik zat altijd wel te tekenen. Toen het bureau groter werd was ik vooral bezig met concepten, advies en klantcontact. In de reclame was ik ook wel creatief, maar dat noem ik gebonden creatief – gebonden aan de doelstellingen van de klant en de marketing. Pas eind jaren ’90 ben ik serieus gaan schilderen. Dat deed ik voor die tijd ook weleens, maar toen was het vooral werken, werken, werken.”

Verval

“Eerst schilderde ik thuis maar ik begon steeds groter te werken. Ik kon mijn ezel niet hoog genoeg zetten zonder een deuk in het plafond. Nu werk ik alweer bijna vijf jaar in dit lege zwembad. Prachtig licht hier. Ik begon met landschappen en portretten tot ik werd gegrepen door het desolate van oude fabrieken. Dat werd een serie over verval, in vervreemdende perspectieven.”

PeterSchipper_1934
Peter Schipper naast zijn “Selfiesh”  (foto: Cees Paul)

“Toen was ik een keer in Boedapest en kwam daar uit de metro. Dan loop je daar de trappen op naar de mooiste McDonalds van Europa en ziet de zwervers in de sneeuw liggen [zie “Fast food”]. Die tegenstelling zorgde ervoor dat ik me bezig ging houden met het menselijk verval. In de schilderijen versterk ik de tegenstelling ook door delen heel hard en schetsmatig te schilderen in acrylverf en andere delen heel realistisch met olieverf. Het werd een serie van een stuk of tien schilderijen die aardig verkocht. Voor Artishock heb ik er twee terug in bruikleen gekregen. Dat schilderij met die slapende zwerver voor een Rolex-reclame [zie “Time of your life”] hangt bijvoorbeeld in een accountantskantoor. Het thema is nog steeds actueel. Zelfs hier in de buurt zijn mensen die op straat leven maar helemaal onder de radar blijven.”

“Meestal werk ik wel in thema’s. De laatste tijd werk ik aan een serie met meer sociale reflectie. Het is ook een soort verval, maar het zijn ook situaties die ik om me heen zie. Zoals hier: dit stel zag ik ergens een selfie maken. Voor het schilderij [zie “Selfiesh”] plaats ik ze in een museum. Ze zitten voor de mooiste Van Goghs maar zien alleen zichzelf. Aan deze ben ik nu aan het werk. Het is de zesde in de serie en die wil ik af hebben voor de opening van de expositie. Die andere krijg ik niet meer op tijd af.”

Niet alles hoeft af

“Ik merk dat ik door mijn reclame-achtergrond sterk in beelden denk. Als ik begin heb ik wel in mijn hoofd hoe het eruit moet komen te zien. Maar het is niet zo dat ik ga zitten en het schilderij maak. Je moet er wel wat voor doen. Ik ben continu bezig met schetsen, detailstudies en foto’s. Zo ga ik elke week een paar uur modeltekenen. Het meeste gooi ik weg, het is een oefening in vingervlugheid en vormgevoel. Niet alles hoeft af. Zo ga ik ook elk jaar met een groep naar Frankrijk, veertien dagen alleen maar schilderen. Soms werk ik wat uit. Op vakantie zit ik ook altijd schetsjes te maken. Je moet blijven trainen ”

“Daarnaast doe ik af en toe portretopdrachten. Daar neem ik ook een paar van mee naar Artishock. Ik maak ook soms portretten als studie in kleurvlakken. En sinds vorig jaar heb ik houtskool als nieuw medium ontdekt. Dat is wel een geduldwerk, hoor… In Artishock komen ook twee grote houtskooltekeningen. Dat wordt een serie met relatiescenes.”

“Er zit altijd een laag onder mijn werk. Ik ben niet van de kan-geen-kwaad-kunst. Ik heb wel een boodschap maar vaak met een kwinkslag en ruimte voor je eigen invulling. Zoals die relatieserie: het kan zijn dat ze ruzie hebben, maar de scene kan ook het begin van iets moois zijn. Het is verval met een kwinkslag.”

Op de site van kunstschilder Peter Schipper kunt u de genoemde schilderijen en ander werk van zijn hand zien. De uitgelichte afbeelding heet “What’s up?”

De expositie van Peter Schipper wordt geopend op zaterdag 6 mei, 20:00u. Vanaf 20:30 uur JazzClub. Toegang gratis.

De expositie is te zien tot 26 mei tijdens activiteiten (zie www.artishock-soest.nl). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Meester en Leerling – fijnschilders uit Atelier Kunstkeuken in Artishock

Meester en Leerling – fijnschilders uit Atelier Kunstkeuken in Artishock

Komende maand exposeren in Artishock ruim twintig schilders. Allen zijn realistische Portret met hoed en penseelfijnschilders uit Atelier Kunstkeuken, het centrum voor beeldende vorming aan de Beckeringhstraat.  Mint Faas verzorgt er cursussen expressief en intuïtief schilderen. Peter van Oostzanen is van de afdeling realistisch fijnschilderen. Ook van hem zal tijdens de opening op zaterdag 1 april een nieuw schilderij onthuld worden.

‘Meesterschilder’ Peter van Oostzanen: “er komt werk van mensen die al acht jaar bij de Kunstkeuken zitten, maar ook van mensen die net zijn begonnen. Het zijn wel allemaal realistische schilderijen, gemaakt met olieverf.”

“Ik heb nu zo’n 60 leerlingen. Ze komen uit de weide omtrek om klassiek te leren
schilderen, en dan ook nog eens fijnschilderen. Dat wil niet zeggen dat je geen fantasie mag gebruiken. Zo is er een groeiende groep die fantasievoorstellingen maakt. Dat vind ik leuk, want dat doe ik zelf ook. Maar iedereen zoekt zijn eigen thema. Wat dat betreft zijn we minder traditioneel, we gaan niet met de hele groep dezelfde fruitschaal schilderen. Er zijn ook mensen die meer voor de gezelligheid komen en anderen met meer ambitie. In dat geval wordt het leerplan meer een coaching traject.”

Hollandse school

“Ik krijg ook mensen binnen van de kunstacademie. Dat is wel vreemd. Nederland heeft een grote naam maar die Hollandse school wordt niet meer onderwezen op de academies. Afgestudeerden komen hier om de traditionele technieken te leren. Als ik dat in het buitenland vertel vallen er wel monden open. Toen ik begon was realisme ook niet populair. Ik voelde me een buitenbeentje en dacht ook dat realistische kunst zou opgaan in video en conceptuele kunst. Het realisme is hier na de Tweede Wereldoorlog weggevaagd maar leeft nu weer op. De kaartjes zijn niet aan te slepen voor exposities met realistische kunst.

kunstkeuken2In Amerika en Oost-Europa is altijd een onderstroom van realisme gebleven, met traditionele onderwerpen. Nu zie je, ook in West-Europa, weer traditionele schilderkunst, maar dan met moderne thema’s. Mensen vinden ook het ambacht weer interessant. Dat zie ik ook bij cursisten. Het is leuk om zelf iets degelijks te maken wat langere tijd meegaat.”

Ontdekkingstocht

“De cursisten staan altijd versteld van wat ze zelf kunnen. Als hier iemand komt die landschappen wil schilderen, zeg ik “Kijk eens om je heen. Bomen zijn niet bruin.” Zo verandert je kijk op de wereld – en alles kan. Het is voor iedereen een ontdekkingstocht. Dat geldt ook voor mezelf. Een paar jaar geleden begon ik met het schilderen van gras. Ik wilde het gevoel overbrengen dat je er doorheen loopt als door de zee. Dat ontwikkel ik dan verder, want ook schildertechnisch is het heel interessant. Met gras worden de lijnen in de compositie vloeiender. De wind zit erin. En in het nieuwe schilderij hóór je, als het goed is, de wind en het tsjirpen van krekels.”

“Meester en leerling” van Atelier KunstKeuken opent zaterdag 1 april, 20:00u. Vanaf 20:30 JazzClub. Te zien tot 28 april.

De expositie is te zien tijdens activiteiten (zie www.artishock-soest). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Don’t open the light door

Don’t open the light door

ErPeterVOostzanen_don_t_open_the_lightdoor_ca80x60cm

is gevlogen en geland

ontdekt en opgestegen

de piloot is ver geweest en

de hangar is duister

 

ver

tinkelt ijs en ongebroken glas

het licht hier wijst niet maar omhult

en wat nog vliegt

dooft niet in water uit

 

de

nacht zoemzingt hem tegemoet

de reiziger weet niet

of zijn droom nu uitkomt

of dat hij die voorbij is

 

hij

tast langs een muur tot een deur

naar buiten of binnen

weg van zijn kist die terug is

en nu wacht op aarde

 

de

drempel over gaat hij verder

en vindt weer vaste grond

tot eerst de muur verdwijnt

en dan de vloer

Palescue @ Peter v Oostzanen: ‘Don’t open the light door’ (conté) (tekst: bewerking van ‘Ruimte’) feb/mrt 2017

*Pictures @ an Exhibition*

*Pictures @ an Exhibition*
In het Artishock Jubileumjaar staat De Galerij deze maand in de spotlights met een tentoonstelling van diverse kunstenaars. Na een openingswoord door Rob Metz, burgemeester van Soest en Harm-Jan Luth, voorzitter van Artishock vindt een bijzonder concert plaats. Componist Henk Meutgeert heeft een aantal schilderijen voorzien van muziek.

henkmeutgeert_originalSinds jaar en dag opent Artishock elke eerste zaterdag van de maand een expositie. Doorgaans is dat met werk van één bepaalde schilder of fotograaf, soms is het een groep samenwerkende kunstenaars. Na de opening is er altijd Jazz Club waarbij, vaak gerenommeerde muzikanten in intieme setting een gratis optreden verzorgen.

Voor deze speciale opening worden beeldende kunst en muziek nog dichter bij elkaar gebracht. De inspiratie daarvoor komt ook van het klassieke muziekstuk ‘Pictures at an exhibition’ (Schilderijen op een tentoonstelling). Daarin vangt componist Mussorgsky een aantal schilderijen van een vriend van hem in muziek.

Verrassende onthulling bij exact 50 jaar

Componist Henk Meutgeert gebruikt voor de muzikale belichting van deze opening eigen composities naast bestaande standards en klassieke muziek, maar dan wel in een jazz uitvoering. Henk heeft zijn sporen verdiend in de klassieke muziek, pop en jazz. Zo is hij oprichter en dirigent van het Jazz Orkest van het Concertgebouw. In Artishock zal hij onder andere optreden met zangeres Rosamint Faas. Inmiddels woont en werkt zij in Amsterdam, maar ze komt uit Soest. Zowel Henk als Mint werken belangeloos mee aan dit evenement, evenals de beeldend kunstenaars.

Voor de samenstelling van de expositie werd gekeken naar het archief van solo-exposities die de afgelopen tien jaar in Artishock plaats vonden. Uit de kleine honderd kunstenaars brengen circa twintig kunstenaars nieuw werk aan. Coördinator van de werkgroep die de exposities voorbereid Cees Paul licht toe: “Op 4 maart is het op de kop af 50 jaar geleden dat de vereniging Artishock officieel werd opgericht. De tentoonstelling is geen best-of van de afgelopen halve eeuw. Daarvoor hebben we te weinig ruimte. Van onze werkgroep nam ieder een aantal jaar voor zijn rekening maar we kijken niet of nauwelijks terug. We lieten ons leiden door nieuwsgierigheid naar wat mensen nu maken. Tijdens de opening wordt ook een speciaal nieuw werk onthuld. Een cadeau aan de vereniging.”

De werkgroep Galerij Artishock kijkt niet alleen naar lokaal talent. Toch zijn er ook bekende Soester namen te zien zoals Peter van Oostzanen, Tjerk Reijinga en Lia Laimbock.

De speciale opening wordt uitgevoerd in de grote zaal, te midden van de kunstwerken. Daarna wordt het muzikale gedeelte van de avond voortgezet in de bar, waar Jazzstandards worden vertolkt door Rosamint Faas, met haar trio en Semmy Prinsen.

 1703jazzclubrosamintDe overzichtstentoonstelling met optreden opent zaterdag 4 maart, 20:00u. Vanaf 20:30 JazzClub.

De toegang is gratis.

De expositie blijft hangen en is tot 24 maart te zien tijdens activiteiten (zie www.artishock-soest).

 

 

Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Foto rechtsboven: Henk Meutgeert

Foto links: Rosamint Faas

Foto onder: LP-hoes van Emerson, Lake & Palmer – Pictures at an exhibition (1972)

eml_pic-at-expo

Man van staal – IJzersterk nieuw werk van Ruud Termijn in Artishock

Man van staal – IJzersterk nieuw werk van Ruud Termijn in Artishock

Na twee jaar is metaalkunstenaar Ruud Termijn in februari weer te zien in de grote zaal van Artishock. Met nieuw werk: “Het verschil is enorm. je kan me niet betrappen op één stijl en ik ben constant aan het evolueren. Ik ben nu veel aan het hameren en werk ook veel met verf. Het is een volledig nieuwe collectie.”

“Metal Art & Design” staat er op zijn bus. Als kunstenaar is hij deze dagen hard aan het werk met een nieuw gevonden techniek. Tot 1998 was Ruud Termijn horecaondernemer. Voor zijn Utrechtse café Jazz Alley ontwierp en maakte hij zelf de inventaris uit oude olievaten en boodschappenwagentjes. In 1998 besloot hij kunstenaar te worden: “Mijn vader was kunstschilder en ik kan ook wel tekenen. Dus ik dacht, ik wordt ook schilder. Maar metaal beviel toch beter.”

Nieuwe start

Dit jaar bestaat Artishock 50 jaar. Ook voor Ruud Termijn is het een bijzonder jaar: “2017 wordt echt een nieuwe start. Vorig jaar was ik vooral bezig met een grote verbouwing thuis en de verhuizing van mijn atelier. Voorheen zat het in een oude school. Dat was tijdelijk maar werd telkens verlengd, tot 5 jaar lang. Dan verzamel je toch wat – driehonderd kilo materiaal heb ik weg moeten doen.”

Ruud werkt nu op het industrieterrein van Amersfoort: “Eigenlijk zoek ik nog steeds een industriële ruimte waar ik voluit kan werken. Dat is lastig. Als ze horen dat ik ga lassen en hameren, haken verhuurders al gauw af. De ontwikkeling in mijn werk heeft veel te maken met die omstandigheden: de grootte en tijdelijkheid van mijn atelier dwingen me om lichter te werken. Qua gewicht moet het te dragen blijven en ik heb ook geen ruimte om een smidse in te richten.”

Woest genoeg?dscn0138

“Als ik eenmaal een nieuwe techniek ontwikkel kan de productie hard gaan. Zoals nu. Eerst beschilder ik houten platen met acrylverf. Ik gebruik verf die ik nog over had uit mijn beginperiode. De verf krijgt voorrang, ook omdat ik het schilderen niet zo goed onder de knie heb als het metaal. Als het schilderwerk woest genoeg is naar mijn zin, ga ik pas werken met metaal. Dan hamer en buig ik delen in en om het schilderwerk. Ik werk met koud metaal. Dat vind ik ook mooi, het metaal vangt zo van alle kanten licht. Op Instagram staan de foto’s al, de website is nu in verbouwing. Daar kan je binnenkort ook een hoop zien.” En in Artishock natuurlijk.

Ruud Termijn, man van staal opent zaterdag 4 februari, 20:00u. Vanaf 20:30 JazzClub. Te zien tot 24 februari. Zondag 5 februari vanaf 14:30 is er Semi Prof Jamsessie. Ook dan is Ruud Termijn aanwezig. De toegang is gratis.

De expositie is te zien tijdens activiteiten (zie www.artishock-soest). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

‘Tussen fantasie en werkelijkheid’

‘Tussen fantasie en werkelijkheid’

Inette Wagenaar gebruikt als kunstenaar de fotografie om verhalen te vertellen. ‘Storytelling’, verhalende fotografie, is een stroming waarvan ze erg gecharmeerd is. Gedurende de maand december laat ze in Artishock zien dat ze ook een eigen kijk heeft op landschapsfotografie en zelfportretten: ‘selfies’ zonder gezicht.

“Bijna een jaar geleden heb ik in Frankrijk een huis bezocht. Het was verlaten, maar alles lag er nog, vergaan en in puin. Daar ben ik een verhaal over gaan maken, gaan uitzoeken wie daar woonde. Dat bleek een vrouw te zijn, Jeanette. Ik heb ontdekt dat ze in 2006 is overleden. Ze heeft ook een tijdje met haar broer Norbert daar gewoond. Blijkbaar hield ze van koken en kleren naaien, want ik vond boekjes met recepten en allerlei naaipatronen. vk1611_inette-in-atelier_eigen-fotoIn Artishock zal ik veel laten zien van het verhaal ‘Jeanette’: zwart-wit foto’s waar ik zelf in figureer als Jeanette en een aantal kleurenfoto’s van wat ik daar zoal aantrof.”

Verhaal

“Een ander verhaal, meer abstract, gaat over loslaten. Eigenlijk gaat het over klei. Voordat ik serieus met fotografie begon heb ik veel geboetseerd. In De Kleibos in Groningen zie je nog de greppels in de grond waar in de Middeleeuwen klei werd verzameld voor kloostermoppen, bakstenen. Als ik dat zie groeit er weer een verhaal in me. Ik heb van diezelfde klei een beeld gemaakt en gefotografeerd hoe het uit de klei verrees en weer terug naar
de natuur ging. ‘Storytelling’ in de fotografie is wel mijn ding. Je werkt in series, vertelt een verhaal, maar er zit meer fantasie in dan in een documentaire.”

“Op dit moment ben ik bezig met zelfportretten. Het is ook een onderzoek naar zelfportretten in de fotografie. Het zijn zelfportretten waar ik zelf niet of nauwelijks op sta. Uiteindelijk wil er 9 maken. Ik maak er ook een paper over voor mijn opleiding Creative Photographic Design. Die volg ik vooral voor de verdieping en de kunstgeschiedenis. Daarvoor heb ik de Fotoacademie in Amsterdam gedaan. Daar werd meer de creatieve kant benadrukt.”

Spanning

“Als kind was ik al bezig met experimentjes in de donkere kamer op zolder. Een foto moest van mij toen al nooit precies zo zijn als de werkelijkheid. Pas in 2010, toen ik een nieuwe camera kocht, werd het serieus. Toen heb ik eerst bij Fotogram alle cursussen gedaan waarna ik overstapte naar de academie. Inmiddels heb ik wel een bepaalde zekerheid opgebouwd om kunst te maken met fotografie als medium. Als ik bij voorbeeld landschappen maak, moet er altijd beweging in zitten. Een strak scherp landschap heeft geen spanning, vind ik. Ik zoek de grens op tussen fantasie en werkelijkheid.”

Inette Wagenaar: Tussen fantasie en werkelijkheid opent zaterdag 3 december, 20:00u. Vanaf 20:30 JazzClub. Te zien tot 28 december 2016. Zondag 4 december vanaf 14:30 is er Semi Prof Jamsessie. Ook dan is Inette aanwezig. De toegang is gratis.

De expositie is te zien tijdens activiteiten (zie www.artishock-soest). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

1610_inette-wagenaar_3luik-1

Octade

Octade

Het interesseert misschien niemand ene reet, maar ik heb een nieuw gedicht gemaakt. En passant heb ik daarbij een nieuwe versvorm uitgevonden. De Octade, een binair poëem: 1 gedicht met 4 lettergrepen per regel waarbij twee gekoppelde regels worden verdubbeld tot vier per couplet.

(lees verder onder het gedicht)

Octade

Door de dagen
verder / terug
voor de dagen
uit en thuis

door de dagen
gaan en komen
voor de dagen
die nog resten

door de dagen
die nog slapen
voor de dagen
die ontwaken

door de nacht en
de dag ervoor
het dagen voor
en na de dag

door de dagen
voorbij de nacht
komt de droom langs
voor de dagen

door de dagen
maant het zonlicht
voor de dagen
het maanlicht aan

onder / tussen
vast geklonken
aan de kinken
in de kabel

alles beweegt:
wat stroomt staat vast
voor de nachten
door de dagen.

Palescue, september/oktober 2016

creëert een nieuwe versvorm:

In deze eerste octade worden acht verzen geplaatst met in totaal 128 lettergrepen, vier per regel. De regels zijn twee aan twee gekoppeld en vormen zo acht lettergrepen of één ‘byte’. Er zijn er twee per couplet. Het hele gedicht vormt dan 16 ‘byte’.

octade_20161021_2Een byte of octade is een ‘woord’ van acht bit, een combinatie van acht nullen en enen. Als we de, talige, lettergreep als binaire bit beschouwen, kan je zeggen dat in dit gedicht een stukje code is neergezet met twee tot de macht zeven lettergrepen (27= 128).

Met de standaard van acht bits per byte, zou het twee tot de macht acht 28 ofwel 256 lettergrepen worden. Dan zou het gedicht twee keer zo lang zijn en niet meer op één pagina (A4) passen, wat in de papieren wereld een soort natuurlijke grens is.

Het begon eigenlijk met het zinnetje ‘door de dagen.’ Dat spookte door mijn hoofd, vooral ’s nachts. Dan kon ik de slaap niet vatten en draaide het maar rond: “Dóór de dagen (één twee drie vier) / Vóór de dagen (één twee drie vier)…” Uiteindelijk schreef ik maar een paar associaties van vier lettergrepen op in klad. Van de week schreef ik ze in inkt en pixels om na wat puzzelen, strepen en bijschrijven tot deze tekst te komen.

De talige (on-)zinnen die er nu staan hebben, althans in mijn ogen, nog de schijn van een betekenis. De ‘ware betekenis’ van de code achter deze 16 byte aan 7-bits gecodeerde talige woorden is voor mij een raadsel. Je kan in principe elke letter terug vertalen naar hexadecimale bytes. De kans is groot dat er dan onzin uitkomt waar het systeem met een beetje mazzel van op tilt slaat: ***ERROR***

software_error

Uit Wikipedia:

Een byte is een binaire eenheid van informatie voor te stellen als een woord van een aaneengesloten rij van bits. De de facto standaard is dat een byte uit 8 bits bestaat. Het kan zijn dat vroeger, (jaren 60), er nog geen consensus was over de precieze definitie en ook verwarring met een (machine)woord ligt voor de hand. De moderne definitie van een byte is de kleinst rechtstreeks adresseerbare eenheid. Daarmee is de eenheid van informatie van een byte, hoewel tegenwoordig altijd 8 bits, afhankelijk van de gebruikte processorarchitectuur(hardware). ECMA, de internationale, private standaardenorganisatie voor informatie- en communicatiesystemen, gebruikt de frase “8-bit single byte”.

Om expliciet aan te geven dat men acht bits bedoelt, gebruikt men ook wel het woord octet (bij Philips octad (Engels) of octade (Nederlands)). Mogelijk werd de term byte vermeden omdat het intellectuele eigendom was van IBM.

Meestal wordt de waarde van een 8-bits byte weergegeven als twee hexadecimale cijfers; daarbij wordt de byte opgesplitst in tweemaal vier bits; een groep van vier bits heet een nibble (bij Philips tetrad of tetrade). Het woord ‘byte’ is een aanpassing van het woord ‘bite’ (hapje) om verwarring met bit te voorkomen. Het is bedacht door Werner Buchholz in 1956 tijdens de ontwikkeling van de IBM Stretch-computer. Het woord duidt op een ‘hapje’ vol bits. Het woord ‘nibble’ heeft dezelfde etymologie.

 

 

‘Dita en haar Soester mannen’ hangt in Artishock

‘Dita en haar Soester mannen’ hangt in Artishock

Dita Valkenet wilde oudere mensen schilderen. Het werd een serie van 23 mannen, allemaal bekenden van haar. “Ik vind koppen mooi; de kennis, de levenswijsheid die in zo’n gezicht zit.” Zaterdagavond opent haar expositie in Artishock. Dan onthult ze ook het laatste portret dat de serie compleet maakt.

Dita vertelt hoe ze portretschilder is geworden: “Mijn vader was onderwijzer. Op de lagere school had je van die grote schoolborden met zijflappen. Daar maakte hij hele taferelen op met krijt, zo uit de losse pols. Dat was zijn trots en ik vond het ook heel mooi. Ik heb hier thuis één schilderijtje van hem, een winterlandschap met knotwilgen, en volgens mij is dat het enige schilderij dat hij ooit gemaakt heeft.”

“Ik tekende altijd, zeker vanaf de middelbare school. Ik heb ook veel met inkt gewerkt, maar in 2007 ben ik voor het eerst in olieverf gaan schilderen. Ik nam toen lessen bij Peter van Oostzanen in de Kunstkeuken. Na een jaar dacht ik: waar wil ik me nu echt in vastbijten? Ik was een beetje doelloos bezig met schilderen en wilde wel iets met een betekenis. Sindsdien heb ik vrijwel alleen maar portretten gedaan. Maar van huis uit ben ik meer tekenaar. Dat zie je nog altijd in mijn werk. Ik ga ook al jaren met veel plezier naar de tekenclub in Artishock.”

Ontwikkeling

De afspraak om te exposeren in Artishock is meer dan een jaar geleden gemaakt. Sinds die tijd is Dita vrijwel dagelijks bezig geweest om deze speciale serie te maken. Ze vertelt: “Ik begon met Herman Joosten. Die heeft zo’n mooie kop. Ik heb van iedereen zelf foto’s gemaakt en vroeg telkens of ze een beetje ironisch wilden glimlachen. Dan maak ik een serie en zoeken we samen de leukste foto uit. Dat kan er ook één zonder glimlach zijn. Ze moeten zichzelf er wel in herkennen. Ik geloof niet zo in het ‘te pakken krijgen van de ziel’. Ik probeer gewoon duidelijk iemand neer te zetten.”

“Ik ga de schilderijen ophangen in de volgorde waarin ik ze gemaakt heb, omdat ik een verandering zie. Of het een verbetering is weet ik niet, maar ik ben minder minutieus gaan schilderen. De latere koppen zijn, denk ik, meer in vlakken gemaakt. Aan de laatste vier moet nog wat gebeuren. En, kijk, van de week zag ik ergens dit portret – dat zijn alleen maar vlakken die toch een prachtig portret vormen. Die kant wil ik graag op.”

Met die laatste vier portretten gaat Dita later die dag naar Annemiek van den Bedem in Amersfoort. “Toen ik daar lessen ben gaan volgen stond ik er versteld van hoe snel ze dingen bij mij kan verbeteren.” Daarvoor heeft ze dus lessen gevolg bij Peter van Oostzanen in Atelier Kunstkeuken te Soest, maar ook bij de Gooise Academie voor Beeldende Kunsten in Laren, Humphrey Bennett in Baarn en bij Ellen Groenendijk toen Artishock nog Stichting Artishock was.

Dita en haar Soester mannen opent zaterdag 5 november, 20:00u. Vanaf 20:30 JazzClub. Zondag 6 november vanaf 14:30 is er muziek van Semi Prof Jamsessie. Ook dan is Dita aanwezig. De toegang is gratis. De expositie is te zien tijdens activiteiten (zie www.artishock-soest). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Original: Die Dreigroschenoper

Door Kenza Koutchoukali

De Dreigroschenoper onbekend? Grote kans dat Mack the knife je wel iets zegt. Berlijn, de jaren twintig. De stad had een aantrekkingskracht waar weinig kunstenaars zich tegen konden verzetten: Salvador Dali, Pablo Picasso, Marlene Dittrich. Het was het culturele epicentrum van de wereld en trok een scala aan artiesten, genres en humoristische […]

via Een kraker van een nummer uit een onbekend werk — Lambo blogt

Pinhole fotografie van Katja Sobrino: schilderen met tijd en licht

Pinhole fotografie van Katja Sobrino: schilderen met tijd en licht

Katja Sobrino maakt al 25 jaar bijzondere foto’s met een bijzondere techniek. Haar camera is namelijk niets meer dan een houten doosje, met een groot negatief aan de achterkant en een speldenprik aan de voorkant om te belichten. Vandaar de naam ‘pinhole’ fotografie. Na enkele groepstentoonstellingen heeft ze komende maand in Artishock haar eerste solo-expositie.

Vroeger woonde er een gezin boven station Baarn. Nu zijn er vier atelierruimtes in de voormalige woning in het rijksmonument. Fotograaf Katja Sobrino is in één van de ateliers al dagen bezig met iets nieuws. Ze vertelt: “Deze foto heb ik ’s nachts gemaakt in mijn tuin. Het is een krentenbloesem. Het rood is van een lampje. Tijdens de belichting ben ik gaan schilderen met dat licht. Als ik eenmaal een goed negatief heb kan ik altijd meerdere afdrukken maken. Nu ben ik voor het eerst op het eindproduct gaan tekenen. Zo wordt het een unicum. Ik ben nog niet tevreden, maar het eindresultaat laat ik in Artishock zien.”

“Een uitleg over techniek komt ook op de expositie. Ik merk dat mensen het fijn vinden om te weten wat ze zien. Eigenlijk is dat onzin. Het beeld moet gewoon mooi zijn. Laatst kwam op een expositie een vrouw op me af die zei: “Je moet toch eens een andere camera kopen. Alles is onscherp.” Een goedbedoeld advies, maar het is precies het effect wat ik wil bereiken. Met dit doosje zie je alles even scherp, of onscherp. Er is geen focus, je ziet de werkelijkheid zoals die echt is. Het menselijk oog en de lens op een camera focussen zich op een bepaald punt. Ik heb ook geen zoeker. Ik weet inmiddels hoe ik moet mikken, maar de uitkomst is altijd een verrassing omdat ik het zelf niet zo kan zien.”

Niets bewerkt

“Door dat kleine gaatje is een lange belichtingstijd nodig. Zo kan ik spelen met het licht, en met de tijd. Je legt eigenlijk de tijd vast. Maar het blijven stilstaande beelden, mijn foto’s zijn geen verhalen. De tijd is ondergeschikt aan het onderwerp. Voor mijn onderwerpen kijk ik gewoon rond in de omgeving. Daarbij ben ik een fan van stromend water.”

lavaspinbklein-001Veel foto’s zijn in het buitenland gemaakt. Katja: “Toen ik met pinhole-fotografie begon was er nog geen Photoshop. Toen dat opkwam konden mensen denken dat een simpel trucje is. Dat het meerdere negatieven door elkaar zijn. Maar ik bewerkte dus niets – alle foto’s waren puur in de camera gemaakt op één enkel negatief. Ik heb toen een tijd alleen foto’s gemaakt op vakantie. Niet dat het vakantiekiekjes zijn. Daar zijn de negatieven die ik gebruik ook te duur voor.”

“Ik ben altijd lang bezig met het zoeken naar een mooie plek voor een pinhole-foto. Soms ontdek ik ook nieuwe afbeeldingen in mijn oude contactafdrukken. Misschien omdat ik oudere ogen heb gekregen. Alhoewel, mijn ene oog lens is nog nieuw. Ik heb laatst operatief een nieuwe lens gekregen. Het oude oog is verweerd door de UV-straling. Daar zie ik meer oranje mee, met het nieuwe oog zie ik meer blauw. Maar in de loop der tijd ga je sowieso anders leren kijken.”

“Jarenlang hebben maar een handvol mensen kennis kunnen maken met mijn werk. Tot newzealand1een goede vriendin van mij, Angeli Mulders, die ik al dertig jaar ken, mij vroeg om mee te doen met een groepstentoonstelling in Het Koetshuis, hier in Baarn. Daarna hebben we ook in De Speeldoos geëxposeerd. En nu mijn eerste solotentoonstelling.”

“Ik ben ooit begonnen met binnenfotografie. Dat wil ik ook wel weer doen, maar dan moet je alles zelf bouwen. De natuur heeft al schoonheid van zichzelf. Voor deze expositie ben ik in het Baarnse Bos en mijn eigen tuin gaan fotograferen.”

Katja Sabrino’s Pinhole Fotografie opent zaterdag 1 oktober, 20:00u. Vanaf 20:30 JazzClub. Zondag 2 oktober vanaf 14:30 is er muziek van  Jazzsessie Plus. Ook dan is Katja aanwezig De toegang is gratis. Kijk voor meer foto’s van haar werk op http://katjasobrino.nl

De expositie is te zien tijdens activiteiten (zie www.artishock-soest). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

(c) Cees Paul.

Foto’s: Katja Sobrino. Foto boven: Lavaspin. Onder: New Zealand

 

 

‘Terugblik’ Nadjezjda – over Pandora’s Box en Nabokov

‘Terugblik’ Nadjezjda – over Pandora’s Box en Nabokov

Zaterdag 3 september opent in Artishock de expositie ‘Terugblik’ van Nadjezjda van Ittersum. Hierin wordt duidelijk dat deze kunstenares de afgelopen zestig jaar meer heeft gemaakt dan de bekende keramische beelden van ‘pronte tsarina’s’. Tijdens de opening zien we een aantal andere, grotere beelden. De rest blijft ook na het weekend: een doos van Pandora vol kleur en vorm, humor en fantasie.NadjezdaMetWerk_10_15

‘Pandora’s Box’ is ook de titel van een serie presentaties in plexiglas waaraan ze langere tijd heeft gewerkt. Nadjezjda vertelt: “De titel is ontleend aan de Griekse mythologie. Zeus stuurde Pandora naar de aarde met een doos die ze niet open mocht maken. Dat deed ze wel, met slechte gevolgen. Alles verdween, alleen de hoop bleef over. Zelf ben ik geboren in de hongerwinter. Mijn ouders hoopten dat de oorlog snel voorbij zou gaan en noemden mij Nadjezjda, dat betekent ‘hoop’. Dat vind ik wel weer een grappige link. Ik zie ook dat mensen blij worden als ze naar mijn werk kijken. Ik word er zelf ook blij van. Het is heel licht, letterlijk: ik gebruik geen zware materialen. Ja, die tsarina’s wegen wel wat. Ik maak ze nu ook kleiner, dat scheelt een hoop gesjouw.”

Nadjezjda begon al jong met tekenen en schilderen en volgde in de jaren ’60 de Koninklijke Academie van Beeldende Kunst in haar geboorteplaats Den Haag. Nadjezjda vertelt: “Eerder heb ik ook wel serieuze aquarellen gemaakt, maar die passen niet zo bij de rest. Mijn oudere abstracte schilderijen wel, maar het moet ook weer niet te vol worden. In Artishock heb ik ook veel etsen en zeefdrukken gemaakt. Het lijkt me wel leuk daar iets van op te hangen.”

WerkNadjezda_10_15Haar woning is zelf ook een soort doos van Pandora: de kunst komt uit alle hoeken. Zoals dit werk in het atelier: een assemblage van een stoel, balletschoentjes en ornamenten van bewerkt papier: “Het is ook een beetje recycling art. Voor dit soort werk gebruik ik meestal oude tekeningen,” zegt Nadjezjda. “Alhoewel je het niet altijd ziet, gebruik ik vaak straatvondsten. Dat dateert uit de tijd dat ik van niets iets moest maken. Ik had geen rooie cent. Gelukkig heb ik veel fantasie. En ik wil het altijd uit mezelf laten komen – niet iets namaken wat ik bij iemand anders heb gezien. Daarnaast ben ik ook wel perfectionist.”

Nabokov en de tsarina’s

De ‘pronte tsarina’s’ waarmee Nadjezjda bekend is geworden zijn beelden die geïnspireerd zijn op haar familiegeschiedenis. Haar overgrootmoeder en andere familieleden waren Russische hofdames. In huis staat een foto van een vrouw in rijk tenue. “Dat was de zus van mijn overgrootmoeder. Die heette ook Nadjezjda, prinses Von Sayn-Wittgenstein. Ze is gekleed voor het bal – in een bojarenpak, bekleed met pareltjes. Van mijn overgrootmoeder zelf heb ik geen foto’s, althans niet in een dergelijk tenue.Print 20x25 cm

Mijn grootvader, Dmitri de Peterson, verhuisde als laatste consul van de tsaar vanuit Sint Petersburg naar Nederland. Door de Revolutie van 1917 kon hij niet meer terug en verviel het gezinsinkomen. Mijn grootmoeder ging toen jurken maken om te verkopen aan de rijkere Rotterdamse dames.”

Nadjezjda zoekt een boek: “Ik moet het hier nog ergens in huis hebben. Er staan foto’s in van een landgoed van die Russische familie. ‘Batova’ heette het landgoed, het was van mijn overgrootmoeder. Alle zussen kregen een landgoed, als een soort bruidsschat, denk ik. Mijn grootvader heeft ook op dat landgoed gewoond. De schrijver Vladimir Nabokov kwam er ook. Hij was namelijk een neef van mijn overgrootmoeder Nathalia, zij was ook een Nabokov. In zijn roman “Speak Memory” beschrijft Vladimir het dagelijks leven van de familie heel beeldend.”

“Maar goed, op een dag werd ik gebeld door een man die ik helemaal niet kende. Die man had dat boek gevonden op een vlooienmarkt in Den Haag. Via een bureau voor genealogie is hij toen bij ons uitgekomen. Hij is het hier aan de deur komen brengen. Een beetje vreemde man, met zwarte handschoenen aan, die hij binnen ook niet uit deed. Later heeft hij zelfmoord gepleegd…Ik word gek van mezelf – het moet hier in huis zijn. Het origineel Vladimir Nabokov by Gunsmithcat on deviantARTis naar het Nabokov Museum in Sint Petersburg gegaan. Naar aanleiding van dat boek heeft mijn vriend meteen contact gezocht en daar waren ze ook geïnteresseerd in mijn werk. Zodoende kon ik daar mijn Tsarina’s en de installatie “Family Tree” exposeren. Dat was in 2007. Ik werd daar met alle égards ontvangen. Nabokov is daar echt een held en ze vonden dat ik erg op hem leek. Ik ben zelfs op de Russische Nationale Televisie geweest.”

 

Terugblik opent zaterdag 3 september, 20:00u. Vanaf 20:30 JazzClub met Job Helmers Invites.

Zondag 4 september vanaf 14:30 is er ook muziek: Jazzsessie Plus, o.l.v. Antoinette van Nievelt. Ook dan is Nadjezjda aanwezig De toegang is gratis.

Kijk voor meer foto’s, filmpjes en achtergrond ook eens op www.nadjezjda.nl

De expositie is te zien tijdens activiteiten (zie www.artishock-soest). Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Natuurlijk doet Artishock ook mee met de Atelierroute Kunstlint in het weekend van 17/18 september tussen 12:00 en 17:00u.

 

MousePaint

MousePaint

MousePaint

Mousepainting is a more or less self-coined term. Actually, I don’t paint with the mouse. I make drawings by hand, usually in ink, with a fountain pen. Next I scan the drawing and add colour with MS Paint, because I am too lazy to use pencils or paint.

Sometimes it does not work, don’t know why. The little bucket just won’t spill it’s coloured pixels between the lines.

No worries (a bit though, I like colour), I go straight to the next step: open the picture in Picasa and adjust it as a photograph. Oh, Picasa is no longer supported by Google. So, now I try other free editors, like Photoscape,  to phuck the picture up.

Up till then, it’s all for free, but when it comes to printing I rather spend some extra  money. I have to be there and adjust the colours and frame, otherwise pieces and tones will be missing for sure. What you see on the screen is not always what you get.

Here are three pictures I made last night and today. In There you see the coluring from MS Paint. The other two are adjusted with Photoscape: Bird Leaves Frame and Closed 2 Open.

Deze diashow vereist JavaScript.

You can find other examples spread across my Palescue blog postings and on some other webpages.

I started this way around 2009. Doodling away during long telephone conversations I found that the picture in the end was sometimes worthy for keeps. I made prints at the local photography shop, also as a way of preservation. Other people than my girlfriend also turned out to like the colurful pictures (“like, yeah, a bit Cobra-ish”) and I’ve had the chance to exhibit them. Even sold a few of ‘em.

Although I can print the images ‘larger than life’ I usually stick close the original and at home I can scan A4, at a school nearby I can scan on A3 format.

Sometimes I have awkward discussions with artists about the pricing. They think I ruin the market by asking €50,- for an A4 or A3 sized picture. I usually say they are not unique, it’s a photograph, so I can’t ask much.

Actually, I never make more than one print at a time. And everytime I make another print of the same image, it turns out different.So, the theory of limitless reproduction does not really hold up. Besides that, the truth is I am too unknown, so with higher prices I would not sell at all.

Manu Scriptu

Manu Scriptu

Wil je ook zo’n manuscript in huis, bij voorbeeld aan de muur?

Dat kan.

Handgeschreven met inkt op speciaal papier, gedateerd en gesigneerd, ingelijst naar wens en thuisbezorgd vanaf € 10,-

En natuurlijk kan het ook een ander gedicht zijn. Dit is een voorbeeld. Neem hier contact op voor alle wensen en mogelijkheden, zoals bijvoorbeeld een illustratie. Van dit gedicht zie je hier de uitgetypte versie met een tekening, ook van Palescue.

December...Manuscript_lijst

 

 

Eigen Werk

Eigen Werk

artikel SoestNU2
Cees Paul citeert zichzelf en plaatst één van de zeldzame foto´s van Palescue uit eigen toestel. (SoestNu, 1 juni 2016)

 

Ter afsluiting van het seizoen bevat de maandelijkse expositie in de grote zaal van Artishock in de maand juni Eigen Werk. Dat wil zeggen: de mensen die de andere exposities hebben georganiseerd hangen eigen werken op. U ziet:

Magdalena de Coninck

Magdalena schildert hoofdzakelijk intuïtief. Ze maakt abstracties van de werkelijkheid of schildert haar visie op het verborgene. De spanning ligt in het  losschudden van voor de hand liggende realiteiten, in het bevragen en te voorschijn toveren van wat ze ontmoet in haar schilderij.

 Ze geniet zielsveel van de natuur. Gewoon stil kijken en zich eindeloos verwonderen. Hieruit ontstaat haar drang tot schilderen. In de eerste plaats is ze als schilder autodidact, maar ze had ook enkele jaren les van Gabriële Fäustle­Diller, (Baarns schilder) en van Carine van Gorp (Gooise Akademie voor Beeldende Kunsten te Laren).

Vaak zie je in haar schilderijen flarden terug van imaginaire landschappen, bewustwordingsprocessen of tref je stille getuigen aan uit een ver verleden. Niet zelden mysterieus of visionair. Maar soms ontstaat haar werk spontaan vanuit zin in kleur, in de zee, in vliegen of vanuit een dringende behoefte aan het oproepen van een bepaalde sfeer. Vaker gaat het om abstracties, zoektochten, droomwerelden, trances.

 Magdalena de Coninck is aangesloten bij de NABK (Nederlandse Associatie voor Beeldend Kunstenaars). Haar werk is opgenomen in collecties van particulieren en bedrijven. Ze is blijvend uitgenodigd om deel te nemen aan de Biënnale Internationale dell’Arte Contemporaine in Florence.


 

 

Marian Reintjes 

Inkt op papier,

soepele materie die stroomt en vloeit.

Subtiel,

op de grens van vast en vluchtig.

Vormen verschijnen,

vragen om een verdergaan.

Teer, kwetsbaar,

maar ook grillig en vol kracht

verschijnen de vormen vanuit een dieper donker,

SPELEND MET HET NIEUWE LICHT

 Met deze regels heb ik mijn werkwijze kort en bondig weergegeven. Het ‘dieper donker’ staat voor het onbewuste, waaruit alles voortkomt, de vaak onbekende drijfveren van waaruit een mens handelt.

Via de Werkschuit in de Bilt en De Nieuwe Akademie Utrecht heb ik me ontwikkeld tot autonoom kunstenaar. Het zoeken naar een eigen handschrift en vorm was en ís een lange weg; hij gaat immers nog steeds verder.


Claire Hulswit

Claire3b
Claire Hulswit: Chaos

Claire heeft een heel eigen methode van werken waarbij ze het schilderdoek eerst vol smeert met de geselecteerde kleuren op haar palet. Daarna bewerkt ze de verf met…een afwassponsje. “Maar soms gebruik ik ook andere spullen,” zegt ze.

 

Het resultaat is verrassend: soms wordt het een romantisch soort textielprint, andere keren een heftige “slangenkuil”, maar altijd herkenbaar.


Eva Goorhuis

Voor mij is soms iets zien een inspiratie om te gaan schilderen. De Spaanse danseres (Tentación / Verleiding) b.v. was een van mijn collega’s op een feest. Dit bleef maar in mijn hoofd zitten met dit schilderij als gevolg. De ene keer zijn het heel duidelijk vrouwen en een andere keer vage figuren op het doek. Maar dan blijken dit uiteindelijk altijd vrouwenfiguren. Zelfs het steeltje van de Pompoen op het doek lijkt op een danseres. Dit schilderij is ontstaan door een Rubensachtige vrouw, wie fantastisch kon dansen. Op het schilderij heb ik dit omgekeerd weergegeven.


Palescue

Natuurlijk is Palescue een anagram van mijn eigen naam. Die wordt vaak verkeerd verstaan en verschreven. Ik dacht, vergeefs, dat één woord zou helpen.

Palescue maakt als mijn alter ego leuke dingen, voor aan de muur en om te lezen, en soms allebei tegelijk. 

Palescue is tussen 1806 en 1982 geboren in Noordwest-Europa, “Onder de adem van de Maas“,  en opgegroeid tussen heuvelrug en horizon. Voelt zich thuis op landgoederen en schepen maar heeft op geen van beide ooit gewoond, leerde Nederlands als eerste taal en is altijd blijven leren lezen en schrijven. Sinds een aantal jaar schrijft hij ook in beelden, met kleur en materiaal.

De prints die hier hangen zijn spontane tekeningen die ik heb gescand en ingekleurd met een simpel programma waarna ik ze als foto afdruk. Soms zijn er ook ‘echte’ foto’s in verwerkt.

Als ik de ruimte en de tijd vind schilder ik ook graag. Het schilderij dat hier hangt heb ik gemaakt in een workshop met Marja Ormeling. Met haar eigen wijze van werken maakte ik mijn eerste bewust abstracte werk in verf, met alleen een groot paletmes als instrument.


Helma Keller

Geïnspireerd door de mensen waar ik les van heb gehad: o.a. Boy Namias de Crasto uit Bussum en

Helma1a
Helma Keller: Figuren

Mitzy Renooy uit Soest, ben ik zelf gaan experimenteren met kleur en vormen.

 

Bij Boy ging ik bijvoorbeeld op ontdekking met kwast, doekje of paletmes en er ontstond vanzelf iets, een beeld, vaak vage figuren of schimmen. Hij liet mij ook na een avond schilderen met de restanten van de verf experimenteren: verf op een doekje en daarmee schilderen. Daaruit kwam o.a. het schilderij ‘huisjes’.

De portretten heb ik gemaakt om de karakteristieke vormen van het hoofd meer ‘uit de verf’ te krijgen. Hierin werd ik geïnspireerd door Mitzy, zij liet mij een portret schilderen dat letterlijk ‘op zijn kop’ lag, waardoor ik losser ging schilderen

 – Soest, 2016 –

Angeli Mulders: Het Onzichtbare Zichtbaar

Angeli Mulders: Het Onzichtbare Zichtbaar

 

Door Cees Paul

 

In april is de zaal van Artishock voor Angeli Mulders. Deze Baarnse Angeli Mulders-001communicatiestrateeg maakt veelkleurige schilderijen met deels herkenbare vormen in een surrealistische setting. Ze begon ruim 15 jaar geleden met schilderen “met als doel om er geen doel mee te hebben, niet om te exposeren of te verkopen. In mijn leven en werk waren er al genoeg doelen.”

Inmiddels is ze om, exposeert ze en vertelt over haar proces: “Ik zie iets voor me wat blijft terugkomen: beelden, een verhaal, een ontwikkeling. Daarmee ga ik aan de slag. Vervolgens ontstaat er een proces van leiden en laten leiden. Vaak zitten er letterlijk en figuurlijk veel lagen onder voordat verbeeld is, wat geschilderd wilde worden. Mijn schilderijen geef ik bewust geen titel mee. Als ik dat doe zet ik het vast, stuur ik jouw waarneming. Zelf ben ik er ook vaak niet meteen uit wat een schilderij me precies wil vertellen. Het schilderen is een proces, een samenspel tussen het bewuste en het onbewuste. Het kijken naar schilderijen is dat ook. Daarom praat ik er graag over met anderen. Die gesprekken leiden tot nieuwe inzichten, over mezelf, de ander en bredere ontwikkelingen die gaande zijn.”

schilderij Angeli Mulders“Maar 5 tot 10% van ons handelen wordt bepaald door ons bewustzijn, het overgrote deel komt uit ons onbewuste. Kunst is voor mij een vorm om de poort naar het onbewuste open te zetten. Een wisselwerking van bewust leiden en onbewust laten leiden. Dat zie ik niet alleen terug in het maken of genieten van kunst, maar ook in de wereld om ons heen. We leven in een tijdperk van wantrouwen, waarin we de verbinding met de natuur, onszelf en elkaar kwijt zijn geraakt. Vanuit ons bewustzijn hebben we er geen grip op. Toch zie ik een positieve onderstroom ontstaan, een komende revolutie die die verbinding herstelt, vernieuwt. We staan aan de vooravond van een omwenteling, maatschappelijk, economisch en als mensheid in zijn geheel. Daarvoor is het nodig om de touwtjes van ons bewustzijn soms wat te laten vieren en ruimte te scheppen voor nieuwe ontwikkelingen en inzichten.”

“Kunst speelt een belangrijke rol in het zichtbaar maken van het onzichtbare. Als je stilstaat bij een schilderij en voelt waar het resoneert, is dat een onderwerp om op verder te gaan. Het inzicht komt dan vanzelf, al duurt het soms een hele tijd.”

Op de site www.angelimulders.nl kunt u digitaal kennismaken met haar kunst. Live kan dat zaterdagavond 2 april vanaf 19:45. Angeli Mulders houdt dan een lezing over haar werk ter gelegenheid van de opening. U wordt van harte uitgenodigd daar ook op te reageren.

Vanaf 20:30 JazzClub met Saskia Laroo. Zondagmiddag 13:45u. kunt u ook de lezing bijwonen met aansluitend muziek van de JazzCats. De toegang is telkens gratis. Zie www.artishock-soest voor meer bijzonderheden. De expositie is te bezichtigen tot eind april. Openingstijden: woensdag- en vrijdagochtenden tussen 10 en 12 uur en maandag- en woensdagavonden tussen 19.15 en 20.15 uur. Verder in overleg tel: 06 25586354

Mart Kwakkel: “De natuur is de slaap van de geest”

Mart Kwakkel: “De natuur is de slaap van de geest”

schilder van wetenschap, mythen en symbolen

Door Cees Paul

MartKwakkel_bij schilderij
Mart kwakkel voor zijn werk “Symbolische Sprookjes” (foto: Cees Paul)

Mart Kwakkel is kunstenaar. Zijn eerste solo-expositie is komende maand in Artishock. Mart is ook historisch geograaf en, iets heel anders, databeheerder. “Studeren is het leukste wat er is. Voor mijn schilderijen doe ik ook veel onderzoek. Als ik het doek ga opzetten en schilderen vind ik compositie heel belangrijk. Het moet een harmonisch geheel worden.”

Hij woont en werkt heel toepasselijk in een voormalige verffabriek, met uitzicht over de Amersfoortse Eem. Op de bank staat een schilderij met, onder meer,  een ridder, jonkvouw en draak. Mart vertelt: Dit werk heb ik terug gehaald uit de Kunstuitleen, maar het mag wel verkocht worden. Het is een middeleeuwse voorstelling. Schilderijen uit die tijd staan vaak vol symbolen. Bijna alles betekende wel íets, maar dat weten mensen niet meer. Daarom heb ik symbooltjes erbij gezet zoals we die nu kennen van onze telefoon en uit de openbare omgeving.”

Naast de kunstacademie heeft Mart landschapsgeschiedenis gestudeerd. Hij zegt daarover: “De natuur, het landschap heeft een enorme invloed op mijn schilderijen. De menselijke eigenschap om de natuur te bezweren is voor mij een inspiratie. In mijn schilderijen zie je een vermenging van de mythische natuur en de wetenschappelijke realiteit. Ik noem het surrealistische of mystieke landschappen.”

Op de ezel staat ‘Monarch’, wat zowel slaat op de koning als een vlindersoort. Het is nog niet af. Net als op andere schilderijen zien we veel dieren, in een landschap of bij neergestorte ruimtevaartuigen, zoals in het vijfluik ‘Mythische proporties’. Mart: “Mensen doe ik bijna nooit. In het echte leven hou ik van mensen. Maar misschien heeft de mens zich teveel gedistantieerd van de natuur om interessant te zijn voor mijn schilderijen.”

(R)evolutie detail1
Detail van “(R)evolutie” (foto: Mart Kwakkel)

“Voor de achterwand van de zaal in Artishock wil ik nog iets groots te maken. In verf zal niet meer lukken, maar ik maak ook illustraties, zeefdrukken en animaties. Ik schilder nogal langzaam. Daarom kan ik van mijn schilderijen niet leven. Dat ligt ook wel aan mijn instelling: ik heb geen zin om makkelijke series te maken of werk in opdracht te doen. Ik schilder liever naast een baan dan dat mijn creatieve vrijheid wordt beperkt.”

“Ik schilder om andere mensen een boeiend verhaal te vertellen. Beeldende kunst zie ik als een katalysator om de haastige moderne mens te ontspannen, zodat zij zich geïnspireerd voelen weer te gaan dromen.”

Opening Galerij Artishock zaterdag 7 mei expositie 20:00u., Steenhoffstraat 46a. Vanaf 20:30 JazzClub met het trio van Timo Menkveld. De toegang is gratis. Zie www.artishock-soest voor meer bijzonderheden. De expositie is te bezichtigen tot 27 mei. Openingstijden: woensdag- en vrijdagochtenden tussen 10 en 12 uur en maandag- en woensdagavonden tussen 19.15 en 20.15 uur. Verder in overleg tel: 06 25586354

Ruimte

Ruimte

 

Ruimte_manuscript_0001

Het is weer een gedicht geworden. Voor de meester.

De eerste aanzet schreef ik tijdens een jazzconcert, afgelopen zaterdag. De muziek was vrolijk genoeg. Nee, aan het Bart Lust Quintet heeft het niet gelegen dat het over sombere zaken gaat. Wel hielp het misschien de muzikale invalshoek die er in zit duidelijker te maken. Pas toen dat gebeurde, bij een latere versie, kwam ik er eigenlijk op, het gedicht op te dragen.

De foto vond ik op een historisch WordPress blog. Hier zie je hoe het lijk van de 18-jarige Peter Fechter  wordt weggedragen door Oost-Duitse soldaten.

 

Uit het blog:

Op 17 augustus 1962, ongeveer één jaar na de bouw van de muur, besluit de 18 jarige
Peter Fechter, om samen met zijn vriend Helmut Kulbeik te vluchten naar West-Berlijn. Om 14.10 knippen ze het eerste hekwerk door. Bij de Zimmerstrasse, in de buurt van Checkpoint Charlie, renden ze naar de Muur toe. Als ze vlak bij de muur fechter2-1zijn worden ze ontdekt en klinken er schoten.

Beide vrienden staan bij de muur. Helmut Kulbeik klimt over de Muur. Peter Fechter twijfelt en blijft nog staan. Schoten weerklinken….Hij wordt neer geschoten. Enkele kogels doorboren zijn lichaam. De Oost-Duitse grenswachters laten Peter hevig bloedend liggen.

Met een lichtelijk andere betekenis kwam de muur al voor in een vorige tekst, en natuurlijk in de song ‘Heroes’. De Berlijnse muur heb ik nog gekend, ik heb er overheen gekeken en ben er onderdoor gereden met de U-Bahn – langs verlaten stations waarop een enkele VoPo met machinegeweer stond. Ik ben ook door Checkpoint Charlie geweest en heb ook door de Zimmerstraße gelopen. Na 1989 heb ik ook het museum in de Normannenstraße, het voormalige hoofdkwartier van de Stasi, bezocht.  Bizar. Maar goed, dat is een ander verhaal.

Ruimte


Voor Davy Jones

Je tast langs een muur tot waar je door kan –

een deur – van buiten naar binnen of binnenstebuiten –

wat kan het je schelen en hoe erg is dat?

De loze kreten doen de ribben zeer

 

Het maakt niet uit of je nog stopt met roken

de laatste rust staat genoteerd

hoop alleen dat je het einde

van de bladzij haalt – je weet maar nooit

 

En als nog een lied rest

om het refrein in op te nemen

zijn we dit – zo ooit geweten nu vergeten

voor wie of wat wanneer ook weer te spelen

 

Je schuld aan de dood is levensgroot

en aflossing volgt na de solo. Je gaat

door een deur en tast langs een muur in het duister

tot ook de muur verdwijnt en dan de vloer

 

Palescue, 16-18jan’16 (v.3)

 

Petra Tool: “passie, eigenheid en hobbels onderweg”

Petra Tool: “passie, eigenheid en hobbels onderweg”

In februari exposeert Petra Tool ‘explosieve aquarellen’ in de grote zaal van Artishock. Voorafgaand aan de opening op zaterdagavond 5 februari zal zij een lezing houden over haar kunst, wat haar beweegt en wat haar modellen beweegt. Haar muzen zijn vooral artistieke persoonlijkheden zoals dansers en muzikanten. Op zondagmiddag zal ze de lezing nog een keer houden en mensen met haar werk kennis laten maken. Ook dan is er live jazz muziek.

petra-juvat-artishock
Aan het werk met danser Juvat Westendorp (foto: Lucasfotografie)

 

In haar atelier in Hoevelaken houdt Petra elk jaar open atelier waar ook live muziek bij is. “Het verschil is dat ik nu een lezing houd en dat ik in Artishock veel meer werken kwijt kan. De laatste tijd heb ik nogal wat verkocht, dus ik moet hard aan het werk. Deze maand heb ik nog vier afspraken, onder andere Ruud Breuls, de solo-trompettist van het Metropole Orkest, en Judith Nijland. Zij is een hele mooie zangeres uit Soest. Van deze vier maak ik ook weer geschreven portretten. Die zal ik in eerste instantie publiceren op mijn blog.

Petra Tool is bekend geworden met portretten. In haar boeken staan geschreven portretten naast de aquarel van de muzikant in actie. Ze vertelt: “Dat begon in Amersfoort, toen ik gevraagd werd voor Jazz in Beeld, en van het een kwam het ander. Ik heb toen als eerste Lils Mackintosh geschilderd en daarna Alexander Beets. Hij had een heel expressieve houding. Ik let op motoriek en beweging. Het gaat mij om het weergeven van de eigenheid, en hoe mensen opgaan in het moment. Dat heeft me altijd al getrokken en zie ik terug bij jazz musici, als ze improviserend muziek

heartfelt-painting-www.petratool.nl-001
‘Heartfelt’- zangeres Madeline Bell, door Petra Tool

maken. Maar ik maak ook andere dingen, hoor, zoals dansers en acrobaten. En zwervers – daar komt vast ook een serie over. Die mensen hebben veel te vertellen over passie, eigenheid en hobbels die je onderweg tegenkomt. Bij passie gaat het vooral om het genieten, maar het heeft ook een donkere kant. Heel veel creatievelingen hebben last van depressies.

 

Ook wil ik meer stadsgezichten gaan maken. Daarin schilder ik niet zozeer de skyline, maar zet ik de essentie van een stad neer. Het zijn eigenlijk ook portretten en dan gaat het weer om de eigenheid, om wat iets of iemand maakt wat het is.”

Vanwege de lezing start het programma deze 1e zaterdag van de maand wat eerder. De lezing begint zaterdag 5 februari om 19:45u. Vanaf 20:30 JazzClub, dit keer verzorgt door Job Helmers met Suzan Veneman (trompet); Bart Tarenskeen (bas) en Joost Kesselaar (drums).  Zondagmiddag 13:45u. kunt u ook de lezing bijwonen met aansluitend muziek van de JazzCats. De toegang is telkens gratis.

Zie www.artishock-soest voor meer bijzonderheden. De expositie is te bezichtigen tot vrijdag 20 februari. Openingstijden: woensdag- en vrijdagochtenden tussen 10 en 12 uur en maandag- en woensdagavonden tussen 19.15 en 20.15 uur. Verder in overleg tel: 06 25586354

foto-Saskia-Berdenis-van-Berlekom
Atelier Petra Tool (foto: Saskia Berdenis van Berlekom)

 

December Daargelaten

December Daargelaten

def KRST_2 DSC_1903_tekening

December daargelaten

 

Vergeten pagina’s de laatste spraken af

gezegd de kortste dagen om doorheen te slapen

de nacht bij lange na om niet te waken

 

Nog steeds december duurt maar door en door

dit jaar gaat uur U maar moeizaam teloor

uitgetelde zevenkwarts opgewonden af te tikken

 

In maandvallen van nul uur nul

nul één nul één op volg wanorde

de klok slaat nergens op – twaalf keer

 

We knallen kurken zoenen korte lontjes

en weten weer hoe laat het is

en het beter anders want twee voor

 

De tijd dijt verder van ons weg

ze draait haar kolk om uit de fles

nog steeds niet meer december daargelaten

 

Palescue, december 15 / januari 16.

Dcemebr Daargelaten

 

 

 

Uit de bundelll

Uit de bundelll

Uit de bundel

Buiten de bundel

Nu dan het volgende:

Blauw glas wit licht koperdraad en kruit

 

Uit de oorlog gerommeld

Door de wanhoop schipperen

De Balk en Van Eenennaam

Zonder genade. Geschapen in dit huis

 

En zonder luchtsteun afgebombardeerd

– bajonet op ‘t geweer / boets op the grond –

Maar zijn wij wel met meer, meneer de president?

Gewoon, als het eropaan komt

 

Is politiek voortzetting met andere middelen

van het voortzetten met algemene middelen

om voor te zetten op, in het vooruit te zetten

algemeen gemiddelden van deze middelen

 

Aldus programt de Partij van de Buurt-

winkel voor Noord Oost Ons Pekwijk.

De klok en de kachel staan stil

in de straten van sosjale huurwoningen

 

Nieuwe oude nieuwe kleren wegen

in geperforeerde pedaalemmerzakken op de rol

van het bijkeukenplankje in een ouwe sok

“Zwatra – al tachtig jaar overhoekt in goudwerf”

 

Een loze ruimte met metselmortel ingeblikt. Zonder

Bom valt niet te ruilen, maak er maar wat van.

Spijker de troep in zes plankjes. Hang het op

een plek waar het eerste zonlicht valt

 

Steen over steen wordt het nog wat

Plaatjes vullen alle gaatjes

En eigenlijk is het één groot gat

Met een plaatje door het midden

 

Want wat anders

is die muur van u?

Hij staat, ziedaar twee ruimtes

En voor je het weet stond hier een huis.

 

 

*’Uit de bundelllll’ – hoor: Wilhelmina Kuttje jr. (door Janine van Elzakker) in Wim T. Schippers’ radioprogramma Ronflon

De foto’s zijn genomen van een tv-scherm waarop de film Tirza (2010) te zien is.

Niemandsdorp

Niemandsdorp

“Er is weinig romantisch aan mijn niemandsdorp, of het moest de romantiek zijn van de complete afwezigheid van romantiek.”
– uit: Villa Pouca: kroniek van een dorp – Gerrit Komrij (2008)

Het Dodeneiland_Arnold Bocklin 1880

Het citaat komt van de eerste pagina van het boek. De eerste zinnen zijn:

Villa Pouca heet mijn dorp. Als ‘geringe nederzetting’ zou je dat kunnen vertalen, als ‘nietige samenklontering’, als een ‘gehucht van niets’. Niemandsdorp noem ik het zelf graag.

In de laatste bladzijden vergelijkt Gerrit Komrij het uitzicht op ‘zijn’ dorp met Het Dodeneiland, het schilderij van Arnold Böcklin, wat hier staat afgebeeld en overigens één van de meest romantische, eigenlijk symbolistische, schilderijen die je kan bedenken.

Toch is het een aanrader. Ik vind het mooi hoe Komrij hier deze uitersten geloofwaardig rond breit en en passant een mysterieuze moord oplost. Mozaïekgewijs nog wel.

Er valt veel over Komrij te zeggen. Een tijd lang las ik alles wat hij schreef. Ik knipte zijn columns uit en ging naar zijn toneelstuk Het chemisch huwelijk. Prachtig vond ik het. In de jaren tachtig kwam hij een keer signeren in de Utrechtse Bijenkorf. Ik ging erheen, nam een getypt gedicht mee van mezelf. Dat was ‘Vox’, denk ik. Ik had rijen mensen verwacht maar er was niemand op de boekenafdeling. Behalve hij, gezeten achter een tafeltje, en ik. Geconfronteerd met een idool…zenuwachtig zocht ik snel het goedkoopste boekje om te laten signeren. Dat was het moment om mummelend het gedicht te overhandigen. Hij wiep er een blik op en zei: “Dankjewel…. leuk.” Vriendelijk, dat wel.

Toen begon hij romans te schrijven die ik nogal teleurstellend vond en verloor ik hem een beetje uit het oog. En toen ging ‘ie opeens dood. Hij was, en is een groot dichter. Geweldig rijmend zelfs, al zag hijzelf het anagram Ik Rijm Erg Rot in zijn naam.

Eigenlijk is de kroniek van Villa Pouca een verzameling anekdotes, columns die eerder verschenen in het NRC Handelsblad. Toch leest het als een roman, en als een gedicht. Sprankelend eenvoudig en toch telkens verrassend. Het zijn observaties over het wezen van een dorp. Daar weet hij best wat zinnigs over te zeggen. En over de dood, een moord, bureaucratie, de kerk en de Anjerrevolutie.

Tja, er valt veel over dorpen, en Komrij, te zeggen. Bij voorbeeld dat hij Gerrit heette, net als Achterberg en Kouwenaar. Conclusie: de grote jongens heten Gerrit.

Vox

 

Ik houd mijn kaken op elkaar

En heb mijn lippen weggeschoren

Ik heb gevraagd wanneer en waar

 

En woog daarna je woorden stuk

Voor stuk. Maar lichter nog dan

Postzegels vluchtten ze voor elk

 

Gewicht. Nooit heb ik één ervan

Hier terug gezien. Ze schijnen,

Zo schreef je, samen te zingen

 

En spinnenwebben te weven

Maar als je spreekt verdwijnen

Ze in het puntje van je tong.

“Wow. Nu is ‘ie lekker” Thea van den Berg exposeert in Artishock

“Wow. Nu is ‘ie lekker” Thea van den Berg exposeert in Artishock

In de grote zaal van Artishock begint met Thea van den Berg het nieuwe expositieseizoen. In opdracht van burgemeester Metz maakte zij onlangs een set pentekeningen die als relatiegeschenk worden gebruikt: bekende plekken in Soest, zo gedetailleerd getekend dat je de bakstenen kunt tellen. Haar schilderwerk is organisch en expressief. Het is abstract maar met bekende, natuurlijke vormen.

Thea loopt niet met haar talent te koop. Toch timmert ze op haar bescheiden wijze aan de weg. Zo hielp ze eerder dit jaar mee Kunst In Soesterberg te organiseren. “Weet je wat het is, het Dorpshuis is nu weg en zo miste ik het schilderclubje wat we daar hadden. We zitten nu met een nieuwe groep in de Linde. Anita Vreugdenhil, cultuurconsulent van Idea Soest, heeft flink moeten buffelen om het Casino te kunnen gebruiken. Ik zou graag het Casino als cultureel gebouw willen behouden. Het is nu afgeschermd. Ik liep daar als kind al rond en heb er veel goede herinneringen aan. Jacques, mijn man gaf er met Odeon vaak concerten en dan schilderde ik de decors.”Thea van den Berg2

Ontwikkeling

Thea is een geboren en getogen Soesterbergse. “Als kind heb ik ook altijd al veel getekend . Na mijn trouwen ben ik begonnen te schilderen. Ik heb cursussen gedaan en zo begon de ontwikkeling naar abstract. Dat moest loskomen, gestimuleerd door de cursusleiders, maar je moet er zelf ook klaar voor zijn om vormloos te gaan creëren. Ik heb ook heel realistisch geschilderd en dat doe ik tussendoor nog wel, maar de achtergrond was altijd al heel los, abstract eigenlijk.”

“Nu gebruik ik veel materie in mijn schilderijen, waardoor ik m’n werk nog meer diepte kan geven. Kijk, hier ben ik met papier aan het experimenteren geweest. Daar strooi ik dan zand of ander materiaal over en dat gebruik ik als ondergrond. Zonder na te denken zet ik kleuren erop en laat me verrassen door wat onder de kwast gebeurt. Ik heb nooit een vooropgezet plan. Dat is dus heel anders dan met pentekeningen. In het schilderen blijf ik altijd experimenteren, altijd op zoek naar diepte en kleurgebruik, zodat mensen wat te kijken hebben. En ikzelf denk ,”wow nou is ie oké.”

“Die organische vormen ontstaan uit zichzelf. Ik heb wel oog voor natuurlijke vormen, ben ook bloembindster geweest en samen fotograferen we ook veel. Details uit de natuur boeien me daarbij enorm.”

Verkocht

In september doet Thea ook mee aan de Kunstroute Kunst en Bedrijven in Soest. En in de map met foto’s van haar schilderijen staat bij heel wat werken ‘Verkocht.’ Is er nog wat om op te hangen? “Nee, ik moet hard aan het werk. In Artishock komt dus veel nieuw werk te hangen. Misschien ook foto’s en pentekeningen. Samen met mijn dochter die de Fotovakschool heeft gedaan heb ik laatst samen stadsgezichten gemaakt. Die komen ook mee.

Thea van den Berg1
Thea van den Berg voor een werk, geïnspireerd op Ierland (Foto Jacques van den Berg).

Zie ook de site van Thea

Zaterdag 5 september 20:00u: Feestelijke opening met aansluitend JazzClub. De toegang is gratis. De expositie is de hele maand vrij te bezichtigen. Openingstijden: woensdag en vrijdag 10.00-12.00u., maandag en woensdag van 19.15- 20.15u. en in de pauze van filmvoorstellingen, of op afspraak: tel.: 06-25 58 63 54; Artishock, Steenhoffstraat 46A.

Expositie ‘Hypocriet’ in Artishock

Expositie ‘Hypocriet’ in Artishock

1-GertWessels_met doek
Gert Wessels met Bedrukt Badkamermatje

Gert Wessels zou een expositie in Artishock maken. Het de maand mei zou worden en het leek een goed idee als de kunstenaar ook buiten het gebouw iets zou tonen. Dit jaar organiseren de drie ‘bewoners’ van het Sint Joseph gebouw (Het Gilde, Museum Soest en Artishock) samen het ‘Museumplein’. Los van de feestcommissie ontwikkelde Gert zijn idee: een feestslinger langs de voorkant van het gebouw, met letters van twee meter hoog. Prima, tot dat de commissie ontdekte welk woord de letters vormen: HYPOCRIET. Dat vond men niet leuk, en niet passend bij het thema Vorstelijk Verschijnen. Op het moment van schrijven is onduidelijk wat er met de letters gaat gebeuren. “De expositiezaal komt in ieder geval vol.”

Gert Wessels is bekend geworden met de Graffiti Art Wall in de fietstunnel op de Eng. Hij kreeg hiervoor de Cultuurstimuleringsprijs 2013. Onlangs besloot de gemeente het project voor onbepaalde tijd te verlengen. Gert is inmiddels 20 en een heleboel projecten verder. Als conceptueel kunstenaar houdt hij bezig met van alles, maar niet meer met graffiti.

Hij komt binnen met een plastic tas. “Chaos” is het eerste woord wat hij zegt. Hij heeft het druk, heel druk. “Qua expositie heb ik trouwens gevraagd of een paar goede bekenden willen bijdragen. Jasper van Doorn, Kim van Veelen en Adam IJspeert. Ik heb ze verteld van het idee. Het thema is heel dynamisch. Daarom ben ik heel benieuwd naar de invulling van de anderen.”

Kunstenmaker

“Die slinger moet je zien als zo’n slinger voor het raam met “Gefeliciteerd.” Dat hang je op als je blij bent dat er iets gebeurd. En: het is een traditie, ook al wil je het niet, je viert het toch. Met deze slinger vieren we – letterlijk – iets wat niet gevierd zou mogen worden: hypocrisie. Dat slaat niet per se op Koningsdag, maar op een universele negatieve waarde. Iedereen is hypocriet, op zijn eigen manier, ik ook. Ik draag nu zo’n goedkope sweater van de Primark. Tien tegen één dat die gemaakt is onder slechte arbeidsomstandigheden. Toch draag ik ‘m…”

“Als ik over kunst praat gaat het altijd over een aantal dingen tegelijk, die elkaar best kunnen tegenspreken. De feestslinger met het woord ‘Hypocriet’ heeft dus de contrastwerking van iets negatiefs wat gevierd wordt. Tegelijkertijd betekent het niets, gaat het nergens over. Als er een bordje bij zou moeten, zou dat alleen vermelden: “Bordje.” Toch is het ook een aanklacht. En tenslotte is het ook de aankondiging van de expositie in Artishock.”

Gert studeert Design aan de Hogeschool voor de Kunst Utrecht (HKU). “De HKU kent een autonome kant en een toegepaste kant voor het ontwerp. De grens daarvan vind ik heel interessant. Enkel een idee bestaat niet. Zogauw je het gaat uitwerken verandert het. Ik maak iets concreets. Een kunstenaar hoeft niet zweverig te zijn. Daarom vind ik kunstenmaker wel een mooie term.”

Zaterdag 2 mei 20:00u. opening van de expositie met aansluitend JazzClub. De toegang is gratis. De expositie is vrij te bezichtigen tot eind mei. Openingstijden: woensdag en vrijdag 10.00-12.00u., maandag en woensdag van 19.15- 20.15u. en in de pauze van filmvoorstellingen, of op afspraak met huismeester Semmy Prinsen (06-25 58 63 54). Artishock, Steenhoffstraat 46A

KUBUS -een ander project van Gert Wessels
KUBUS – een ander project van Gert Wessels

“Ik schilder omdat ik het niet kan laten”

“Ik schilder omdat ik het niet kan laten”

De muren van Artishock zijn in maart voor schilderes Ine de Charro. Ze begon ooit met modeltekenen waarna ze begon te schilderen met vaak explosief kleurgebruik. De laatste jaren worden haar kleuren rustiger en haar vormen abstracter. “Maar bij alles zijn de kleuren uiteindelijk het belangrijkste,” zegt ze. In Artishock een overzicht van nieuw werk.

Ine de Charro bij eigen werk
Ine de Charro bij eigen werk

Ine de Charro vertelt: “Ik ben opgegroeid in Diemen. Dat was toen echt een gat, dus voor school en zo ging ik naar Amsterdam. Daar heb ik ook mijn eerste tekenlessen gehad, in de Voque-studio. Ik mocht lessen om en om lessen volgen. De andere weken was er een naaktmodel en ik mocht geen naakten tekenen van mijn moeder. Per ongeluk kwam ik toch wel bij de andere les binnen. Dat heb ik thuis maar niet verteld. Daarna heb ik te hooi en te gras verschillende cursussen gedaan. Ik kom ook al jaren bij de Werkschuit, dat zit nu in het KunstenHuis in Bilthoven. Dat is een vaste groep geworden. Ik ga ook op vakantie met mensen daarvan, kunstvakanties. Dit jaar wordt het weer Rome. In de buurt van Rome gaan we onder meer naar Etruskische opgravingen. Ik ben heel benieuwd.”

“Ik heb eerst alleen model getekend. Toen de kinderen groter werden heb ik me er echt in gestort en ben ik andere dingen gaan doen. Ik noem mezelf geen fulltime kunstenaar, maar ik zou veel tijd overhouden als ik niet alleen met schilderen bezig zou zijn. Ik schilder misschien een paar uur per dag, maar als ik er niet met mijn handen mee bezig ben, dan wel met mijn hoofd. En waarom? Gewoon, omdat ik het niet kan laten.”

“Zonder Titel”

Ine woont en werkt in haar huis in Lage Vuursche. De vensterbanken vol glaswerk, de muren vol kunst. De grootste lijstdichtheid is op het toilet. Hoe moeten we haar eigen werk plaatsen?

“Ik zit wel in de hoek van het impressionisme. Dat is onbewust gegaan. Eerst schilderde ik met heel veel kleur. De laatste jaren gaat de kleur eruit en wordt alles wat abstracter. Dat gaat ook onbewust, dat zie je gebeuren als je eens kijkt naar wat je de afgelopen tijd heb gedaan.Werk van Ine de Charro

“Ik werk in thema’s. Zoals deze, uit “Verlaten ruimtes.” Die neem ik ook mee naar Artishock, denk ik, maar geen schilderijen uit de kleurige periode, alleen nieuw werk. Als mensen die oudere willen zien, moeten ze maar langs komen, of op mijn website kijken. Ik denk dat ik ook een doosje met zeefdrukken neerzet, waar mensen doorheen kunnen bladeren. Ik zou het liefst ook alle schilderijen zonder titel maken. Ik geef er één als herinnering, voor mezelf, maar je zet mensen ook gauw op het verkeerde been. Ik zou ze beter kunnen nummeren, maar dat staat ook weer zo koud.”

Opening zaterdag 7 maart 20:00u. Aansluitend JazzClub met Job Helmers. De toegang is gratis. De expositie is vrij te bezichtigen tot 27 maart. Openingstijden: woensdag en vrijdag 10.00-12.00u., maandag en woensdag van 19.15- 20.15u. en in de pauze van filmvoorstellingen, of op afspraak met huismeester Semmy Prinsen (06-25 58 63 54). Artishock, Steenhoffstraat 46A.

De grootste reis maak je ter plekke – een ontmoeting met Meneer Jozef

De grootste reis maak je ter plekke – een ontmoeting met Meneer Jozef

En je verhaal?
Mijn verhaal, Mevrouw de Heks?…
Waarom moet u daar nu over beginnen?
Mijn verhaal… uitgerekend nu!
Mijn verhaal, daar begin ik morgen aan.
Dat zeg je altijd!
Morgen, Mevrouw de Heks.
Morgen is er weer een dag. 
Weet je dat wel zeker?
(stilte)
Jongeman?
(stilte)
Nee, niet echt.
Slaap lekker.
Hmmm
Jozef van den Berg, uit: De Geliefden (1985)
Zondagochtend. Gehuld in het dekbed keken we naar kinderprogramma’s uit de Villa van de VPRO. Het was in de jaren ‘80 en ik was allang geen kind meer, eerder weer op zoek naar het kind in mezelf. We zagen toen onder ander de serie Monni en Nanni, Rembo en Rembo, en ook theatershows van Jozef van den Berg.
Prachtig vond ik het, hoe hij, mét de zaal, opging in een fantasiewereld die heel scherp de lijnen van de ‘echte’ wereld volgde. Schijnbaar eenvoudige parabels die, in ieder geval voor de jong-volwassene die ik was, de ontroerende tragiek van het leven weergaven met de oneindige wijsheid en speelsheid van een kind.
Ik schreef toen ook, en net als nu, te weinig. Van mijn vriendin kreeg ik een antiek, leeg opschrijfboekje. Voorin schreef ze: ”Ga zitten en schrijf je verhaal.” Misschien dat er een paar woorden bij zijn geschreven maar mijn verhaal heb ik nog steeds niet gedaan. Misschien is dit een deel ervan.
Vaak gaat het zo: ik ga iets doen. Daar heb ik iets voor nodig en dat ben ik kwijt. Zoek het, op de computer. Start dus de computer op…Koffie zetten, halen, drinken… De computer is dan opgestart, werkt niet naar behoren en wat ik zocht ben ik inmiddels vergeten. Ik ga iets anders doen. Wat heb ik daarvoor nodig? Een pasje, of iets anders. Waar is dat?…Zoeken, zoeken, zoeken… Vind een pen die al lang kwijt was maar ik niet zocht. En papiertjes die ik ook niet zocht maar waar nodig iets mee gedaan moet worden. Maak een nieuw stapeltje papier. Gooi ander papier in de oudpapier bak. Dan heb ik iets gedaan.
Boek
 
Jozef van den Berg begon als poppenkastspeler, voor kinderen, en evolueerde naar theatermaker met een Familie aan kleine handpoppen. In de jaren 1980 maakte hij naast elk programma voor volwassenen een versie voor kinderen. Zo las ik net in het boek van Francis Jonckheere: ”Jozef van den Berg, Van

Poppenspeler Tot Acteur Van Christus” (uitgeverij Lannoo, 2014). Francis heet voor Jozef ook wel Nikodim, beiden zijn toegetreden tot de Grieks-Orthodoxe Kerk. Waarschijnlijk heb ik indertijd dus alleen de kindervoorstellingen op tv gezien, maar het maakt mijn waardering voor zijn werk er niet minder om.

Vijfentwintig jaar geleden stopte Jozef met het theater. Op 14 september 1989 komt hij het podium op van de Rode Zaal in het Singel theater in Antwerpen en zegt:
“Ik zal nooit meer spelen.
Ik ben een werkelijkheid genaderd die niet meer te spelen is.
Ik heb ontzettend lang gezocht, ben overal geweest.
Uiteindelijk kwam ik tot de conclusie
en die conclusie ben ik nu zelf: dat de zoeker zoekt, maar hij wordt gevonden.
Daarom sta ik vanavond voor het laatst op de planken.
[…]
Ik ga.
Het geld dat u hebt betaald kunt terugkrijgen bij de kassa.
Het gaat u allen goed. Tot ziens.” 

Er ging een schok door de culturele wereld. Ik heb het niet gemerkt. Mijn vader was een maand daarvoor op 12 augustus overleden en ik stond niet open voor veel nieuws uit de wereld. De val van het IJzeren Gordijn, dat drong wel door, en die man, die met een plastic tasje in de hand de tanks tegemoet trad op het Tien-A-Min Plein in Peking, dat weet ik ook nog. Maar op een of andere manier had ook dat met de dood van mijn vader te maken, toen.
Ik ben in die tijd zelf ook wel eens naar Russisch Orthodoxe diensten geweest. Onder het mannengezang van Gospody Pomiloei zie ik Gods geest tussen de berken op de Russische toendra’s zweven.

Verhaal
Jaren later, twee jaar geleden, komt mijn vrouw bij mij wonen. We kijken filmpjes op YouTube en ik vertel hoe een kunstenaar kan worden opgeslokt door zijn eigen werk, zoals in mijn ogen bij voorbeeld Jozef van den Berg is overkomen. Dat hij als zoekend theatermaker de ultieme stap had genomen en kluizenaar was geworden. We bekijken nog wat filmpjes en mijn lief zegt dat ze die man graag wil ontmoeten. Uit de filmpjes maken we op dat hij bij een gele kerk woont. Vanuit de tuin waar zijn hutje staat en waar hij op een fimpje het gras maait, kan je de klokketoren zien. Kerstavond 2012 gaan we op zoek naar die kerk en komen eerst bij een tweeling-kerk die een dorp verderop staat en vinden even later de juiste. We spreken een paar uur met hem, over ons verhaal en over het zijne.
‘Meneer Jozef’ noemt mijn vrouw hem en dat houden we er maar in. In zijn voorstellingen speelde hij altijd De Jongeman. Nu is hij, zowel naar leeftijd als geestelijke rijpheid, geen jongeman meer. Ik zeg dat ik het jammer vind dat hij geen toneel meer speelt. Via het theater en tv wist hij een heleboel mensen te bereiken, mensen zoals mij te laten delen in de mooie boodschap die hij heeft. Meneer Jozef vertelt hoe hij tot zijn stap is gekomen. Over de dood van zijn broer en het zoeken naar waarheid via verhalen in het theater. En hoe dat op een gegeven moment niet meer samen ging. En hoe hij van een Griekse patriarch de opdracht meekreeg ‘acteur van Christus’ te worden en hij zelf ook dacht dat daarmee bedoeld werd: op de planken, maar dat dit mislukte. Op (boven-) natuurlijke wijze werd duidelijk dat er iets anders mee bedoeld werd. De wereld is het toneel en God zelf maakt de scene in het bestaan van Meneer Jozef, die leeft van wat de mensen hem geven en nooit gebrek lijdt. We zijn er sindsdien een paar keer geweest en nemen ook altijd iets mee – koffie, iets lekkers, warme sokken, een boek.
Het gebeurde niet meteen, maar mijn idee over Meneer Jozef als de geniale kunstenaar die is opgeslokt door zijn fantasie is wel bijgesteld. Ik had wel meteen door dat hij niet gek is, allerminst. Hij is ook geen Jezusfreak of goeroe. Meneer Jozef straalt een bijzonder prettige warmte uit. “Met liefde en in waarheid. Als we de liefde of de waarheid verwaarlozen, gaat de diepgang teloor”, zegt hij in het boek tegen Francis Jonckheere, over zijn leven in het geloof.
Hij is gewoon een buitengewoon mooi persoon die leeft in God. Zonder voetstuk. Voor de VRT Radio zei hij: “Ik ben geen monnik, evenmin ben ik tot diaken of priester gewijd, ik ben gewoon een gelovige, maar ook iemand met een specifieke taak, een eigen roeping.”
Nieuws
Meneer Jozef is nog steeds, of meer nog, wijs en spreekt nog steeds schijnbaar eenvoudig. En hij is ook nog steeds grappig, en o zo belangstellend. Hij drinkt met zijn vriendelijke ogen alles in wat je vertelt. Alhoewel we met grote tussenpozen zijn geweest, weet hij altijd niet alleen onze namen, maar ook de details nog van vorige gesprekken: “En, heeft je zoon die baan nog gekregen?” vraagt hij dan.
Ik vind het ook (bijna) niet meer jammer dat hij is gestopt met optreden. Zijn ‘verhaal’ is er alleen maar mooier op geworden, authentieker. En ik kan nu dus gewoon bij hem langs. Niet voor een voorstelling, maar voor een echt gesprek, van mens tot mens. Dat is heel mooi. Ik voel me altijd puur en open, mijn ziel voelt zogezegd gelaafd, als ik bij Meneer Jozef ben geweest.
Gisteren waren we er weer. Voor Sinterklaas had mijn moeder ons samen het boek van Francis Jonckheere gegeven. Bijna op de dag af vijfentwintig jaar na zijn afscheid van het toneel, werd het boek gepresenteerd in dat zelfde Singel theater in Antwerpen. En Meneer Jozef was er bij, en maakte zogezegd de singel rond. “Een soort levende brief”, zegt hij in een interview. . Ditmaal was het niet in de Rode Zaal, maar in de Blauwe Zaal van het theater. Hij ging gekleed in een rode jas – dat dan weer wel – die  hij ooit van een Griekse priester heeft gekregen.
Het haalde zelfs het BRT Journaal van 5 september 2014. Zoals wel vaker geven de media van onze Zuiderburen oneindig veel meer blijk van cultureel besef dan de Nederlandse. In Nederland is Cultuur alleen nieuws als er geld mee gemoeid is.
Meneer Jozef had er lang over na moeten denken, veel raad gezocht in gebed, of het wel de Bedoeling was van de regisseur Daarboven. En ja, hij is dus gegaan, terwijl hij eigenlijk nooit Neerijnen verlaat. De laatste keer was drie jaar geleden, toen zijn zus was overleden.
Beide keren was Ronnie zijn chauffeur. Ronnie komt nu zo’n tien jaar om de week bij Meneer Jozef langs. We hebben Ronnie daar gisteren ontmoet. En, toevallig of niet, had hij vier gebakken visjes en patat bij zich. Zo hebben we, met z’n vieren binnen de vierkante meter van het ‘gastenverblijf’, met z’n allen gegeten. Mijn lief had een kaart voor Meneer Jozef gemaakt waarop ik iets had geschreven naar aanleiding van de stukjes die ik al had gelezen in het boek. Er staan ook transscripties in van fragmenten uit de theatershows, die altijd uit improvisatie zijn ontstaan. Wat ik las vond ik meteen weer erg ontroerend en als reactie schreef ik op de kaart iets als: “Ont-roering leidt niet tot verstilling, inactiviteit, wel tot sprekende stilte.”
We hadden het boek bij ons en vroegen of hij er wat in wilde schrijven. Dat deed hij:
“Neerijnen, 6 December 2014
H. Nicolaas
Uit dit boek:
“Elke mens, die van dit water wil drinken wil drinken
moet er zelf heen gaan, want ik spreek over Christus.”
Heel veel goeds,
Jozef”
Meneer Jozef vertelde over de grote heilige die Nicolaas was en dat er nog steeds olie uit zijn sarcofaag in Bari druppelt. Maar we hadden het ook over de goede oogst uit de tuin dit jaar en hij vertelde over de problemen die hij had met muizen en ratten. “Ze lopen gewoon onder mijn hoofdkussen door. Daar valt niet mee samen te leven, vooral niet met ratten” Tegen de ratten heeft hij toch maar gif gebruikt. De muizen vangt hij en zet hij uit in het bos. “Dan lig ik te slapen en hoor ik die val. Dan moet ik er snel bij zijn, anders gaan ze dood. En dan kijkt die muis je zo aan, van ‘wat gaat er nu me gebeuren.’ De muis doe ik ik een kooitje en dan fiets ik daar, midden in de nacht, met een muis naar het bos waar ik ze weer vrij laat.
Stilstaande Reiziger
In het boek beschrijft Francis Jonckheere hoe Meneer Jozef in zijn werk en als mens een reiziger was, een zoeker die gevonden werd. En hoe hij nu “een stilstaande reiziger” is in een hutje langs de weg. Dat vind ik een mooi beeld wat erg lijkt op mijn idee over reizen.
Mensen reizen wat af, vaak uit noodzaak, voor het werk of op de vlucht, maar ook uit gezonde nieuwsgierigheid. We reizen om de wereld te leren kennen, om andere dieren, culturen en mensen te zien. Overal komen we vooral ons zelf tegen en de meeste mensen hebben een thuis om praktisch onveranderd weer in terug te keren. Foto’s gemaakt, herinnering opgeslagen en de deur gaat dicht. “Dat hebben we weer gehad.”
Hoe kan je nu zoveel mogelijk zien en leren op reis? “De reis is de bestemming” is misschien een cliché geworden, maar daarom niet minder waar. In mijn weliswaar beperkte ervaring merk ik dat het vliegtuig onbevredigend is. De reis begint op een zielloze plek, de luchthaven, waar je in een zwart gat stapt en er weer uitkomt op even karakterloze luchthaven. Als een soort buizenpost ben je weliswaar vervoerd, maar van reizen is geen sprake. Als je met de trein gaat is dat al beter. Om te beginnen is het treinstation vaak een levendige omgeving, en onderweg zie de landschappen mooi aan je voorbijtrekken. Als je iets langzamer gaat, met de auto, zie je al meer. Zeker als je de snelwegen mijdt, zie je niet alleen landschappen, maar ook de verschillende steden. En het is wat actiever, je voelt de afstand.
Fiets van Jozef
Je voelt de afstand nog beter als je gaat fietsen. Met je kop in de wind voel je elke kilometer en vooral het hoogteverschil erin. In plaats van steden en dorpen zie je wijken en straten. Met de boot, en dan vooral zeilend is op dit niveau ook een mooie vorm van reizen, de mooiste wat mij betreft. Vanaf het water ziet de wereld er heel anders uit. Je herkent je eigen stad haast niet als je die voor het eerst over het water kan benaderen en verkennen.
Hoe langzamer je gaat, hoe meer je ziet. De reis wordt nog gedetailleerder als je gaat lopen. Dan kom je individuele huizen en bomen tegen op je pad. Maar het meest zie je nog als je blijft staan, of gaat zitten onder de boom. Nu pas ziet de reiziger de plek waar hij is het best. Er komen mensen langs, en vogels en hij ziet een mierenroute naast zich. De verste reis maak je sur place, ter plekke. En als je lang genoeg zo blijft reizen, begrijp je waarom die boom hier staat, en niet verderop.
Dat doet Meneer Jozef nu. Hij reist in zijn hutje onder die kweeperenboom in Neerijnen verder dan wij. De hele wereld komt langs in de ogen van een muis. En hij reist verder, ziet het Licht in het kaarslicht bij de icoontjes.
I.P. Fisher