Alleen dit, Planken Wambuis en de Hoop

Alleen dit, Planken Wambuis en de Hoop

Later meer, maar eerst het volgende: drie teksten die niets met elkaar te maken hebben, behalve dat ik ze redelijk recent typte. Je kan gerust zeggen dat de signatuur-tekeningen erbij vaster van vorm zijn dan de gedichten. Na de presentatie volgt een korte toelichting op het ontstaan ervan.

 Alleen dit

Geen feit of mening
                reden of bewering, argument
                geen conclusie, aanbeveling –
alleen dit.
 
Geen beeld of geluid
                beweging of stilstand
                geen begin, vervolg, einde –
alleen dit.
 
Geen goed of slecht
                humeur, gevoel, of temperament
                geen derde oog, zesde zintuig –
alleen dit.
 
Geen dag of nacht
                geen zomer winter, herfst
                of weersomstandigheden –
alleen dit.
 
Geen licht of donker
                geen gewichtige vorm, afstand
                massa of hoge diepte –
alleen dit
 
                taalstilleven, uitgelezen letters
                die zin geven per woord.
  Planken Wambuis
 
Want buiten wacht de waard
die niet valt te vertrouwen
al schijnt hij gouden bergen
op de hoge waterstand
 
De waard waart rond en slaat gericht
zijn klauwen uit. Als zich een vinger
of teen over de drempel waagt
rukt hij je hele arme been af
 
Niemand hoort je noodklok luiden
buiten de lijken in de kast. Hoor
ze kraken op de vlizotrap
en tikken tegen ‘t dubbel glas
 
Laten we dus binnen blijven
de spoken verblijden de geesten laten feesten
op O zo te vermijden angsten,
de langste geflest onder ‘t aanrecht
 
Bedeesd benader ik het einde
en hamer een deur uit de nacht
Vrucht van mijn schoot, waar blijf je
om mij te redden van die gast?
  De Hoop
 
Mijn mes moet een machete worden
de valk een Ottomaanse dhow
 
De wekker staat elke dag weer op
het tijdstip van mijn executie door
een instrument met hoger doel.
De droom is heen en weer gesneld
 
over de mensen de velden de bergen en de zee
onder de radar in een opblaasboot
 
Daar wapperen witte lakens
uit de restanten van een kozijn
in de slaapzaal van het bospaviljoen,
verlaten portaal naar het ondermaanse.
 
De geest gaat te paard, de ziel te voet hier binnen
en beide laten hoop varen door het leven.

De Hoop was de eerste tekst, geschreven op 22 september 2019 in een soort vakantiedagboek waarin ik elke dag getrouw beschreef hoe we wat waar hadden gedaan. We waren in Turkije, met Lesbos in het vizier. We zijn daar ook geweest, een dag op en neer naar de EU met de reguliere ferry. Op de laatste dag van de vakantie wilde ik een stukje vrij schrijven. Dat werd dit. Toen ik het af had, zette ik mijn paraaf eronder die ik veranderde in een vissersbootje van het soort zoals ik had gezien in Turkije. De andere signatuur tekeningetjes maakte ik op 22 oktober.

Alleen Dit schreef ik begin oktober, eigenlijk als vervolg op een droom waar ik lachend uit ontwaakte. Dat was meen ik op woensdag de tweede. De lach, de bevrijdende, bijna hallucinerende vrolijkheid uit die droom heb ik niet kunnen reproduceren, daarvoor was de droom te snel verwaaid. Ik weet nog dat ik worstelde met een groot probleem toen het opeens duidelijk werd: alles begint met letters.

Planken Wambuis, tenslotte, is het product van de eerste vorm van schrijfcursus die ik volgde, een Masterclass Expressie in Poëzie door Gijs ter Haar. Dat was op zondag 13 oktober, in Zevenaar. Als onderdeel van het programma schreven we een A4 achter elkaar vol met een gegeven eind- en beginzin. Freewriting. De eerste regel was ‘Laten we vooral binnen blijven’ en de laatste ‘Je wilt dat kind behoeden’, allebei uit zijn bundel ‘Voor de zwijnen’ (2017). Elke gelijkenis met bestaande personen is louter toevallig en in die herberg op de Veluwe ben ik nooit geweest.

PT.’18

PT.’18

Kamperen op eigen grond bemest met eigen stront.
Er zijn kippen, mandarijnenbloesem, water van eigen bron
en stroom van eigen zonnewind. De honden passen op.
 
Het regent bijna niet meer. De egel verdween uit de tuin,
de appelboom werd nog wel behommeld.
Nodig, nuttig en noodzakelijk. Alles vaneigens aanwezig
 
hoofdzakelijk in warm behagen. Op onderling verbonden
onderliggende kabels van hout tonkelen avondbries en de laatste
duisterling lichtend in wolkende linies achter bedachte daken,
 
gekarteld karton stelt de honderdste seconde
af. Als de koperen kogel rolt een metalen vulpendop
over het glazen tafelblad.

Voor B&E, Palescue, IV.V.’IXX

Herrie Bier & Harde Koppen

K-dag19

Herrie, bier & harde koppen

scheten boeren wilde plassen

matten met de wouten

 

Plastic glazen natte poten

kouwe klauwen wollen dekje

melken choco, weidekopkaas

 

Op de tocht windkracht Oost

beuken op het horsten nok-hout

kloffen opgesjord aan dek

 

Van het huurvalkje uit Huizen

met een vat of wat aan boord

krampen blekkerende zwaarden

 

Stuurroos ten loeverse morgen

gister in vandaag verevenaard

omstreeks Dode Hond, Eemmeer.





Herrie-Bier-en-Harde-Koppen

Sonnet

Sonnet

Sommige mensen, inclusief mijzelf, vinden het jammer dat mijn teksten zo weinig vormvast zijn. Daar moest eens wat aan gebeuren. Dus heb een sonnet geschreven, naar een litanie die ik vaak fietsend afsteek.

SONNET


Fuck you fuck you fuck you.
Fuck you. Fuck. Fuck,
fuck you, fuck you, fuck,
F*ck you. FU & FU2
 
You & you & you. Fuck
You. Fuck him, fuck her. Fuck all.
Fuck it, fuck it, fuck it. Fuck.
Fuck, fuck you, fuck you all
 
Fuck you. Fuck you fuck
the system, fuck you, fuck fuck
fuck, fuck you. Fuck you.
 
Fuck it bigtime, fuck you too
and you and you and you – fuck
off. Fuck you. Fuck me. Fuck 

Pa-fucking-lescue, 30 DEC 2018
the finger
the finger

Stevige schoenen (4/5 mei)

Stevige schoenen (4/5 mei)

Stil maar , slaap maar, loop maar door

alles is nieuw nu voor het laatst

 

Geef mij een vers wit hemd,

een degelijk pak, een zwarte hoed

en schoenen om stevig in te staan –

dan kan ik de dag weer aan

 

als ik nog eens wakker word

wakker word en werken ga

wakker blijven tot het werkt –

werken aan de droomverwekker

 

Mannen met ferme baarden stappen

door voren die betovergrootvaders

al ploegden zaaiden oogsten egden –

daar blijft de tijd

 

en lente steekt elk jaar een hoop weer op

het leven uit doden van gistermorgen.

Stampende laarzen bovengronds,

nog even geduld en het moet lukken

 

om werkelijk alles kapot te krijgen.

Stil maar, schep maar, zand erover

de massa graven zo dichtbij –

aarde waar ik uit ben geboren

 

wereld onder heide waar we speelden,

waar we kogels en konijnenschedels vonden.

 

45mei fakkel   Palescue – Soest, 4/5 mei 2018

mo’ nu-momenten-taal

mo’ nu-momenten-taal

onderhuids

kruipt het waar het gaan kan.

 

Feit – en

data zijn als klei: klei-

ne deeltjes grond, in groten getale

zwaar en taai maar moeiteloos

tot elke vorm te boetseren.

 

De fotograaf (Bloyd)

 

je kent de waarde van ogenblik

zo snel als tijd is het licht

verschoten

 

je moet alert zijn

om de wereld even vast te zetten, ingelijst

om de wereld even vrij te laten, uitgebeeld

 

het kan in een seconde gebeurd zijn

een druk op de knop

sluit je oog een vinger af.

 

3 augustus 1896

wat deden die soldaten daar in Soest op 3 augustus 1896?

Er zijn foto’s van die dag. Ze staan in uniform langs het Kerkepad, je ziet de Oude Kerk. Er staan ook burgers (boeren) bij met kruiwagens en verderop steken rietstengels over het pad.

Soest 18960803 soldaten 1

Soest 18960803 soldaten

fotograaf: Jacob Olie Jbz. Amsterdam (1834-1905).