Juxta – Studio Veel

Juxta – Studio Veel

Kim is kunstenaar. Kim tekent. Veel. Op een gegeven moment begon hij een verhaallijn te zien in de lijnen die hij elke dag maakte. Hij ging er een boekje van maken en vroeg mij het  voorwoord te schrijven. Dat deed ik graag. Dat was bijna een jaar geleden en ik snap niet dat ik dit stuk hier nog niet eerder heb geplaatst, maar goed, hier is het. Het boek raad ik – uiteraard – van harte aan en is gelukkig nog steeds te koop bij Boekscout. Kim is ondertussen ‘alive and well and working on a more ambitious  project’.

Juxta – A Fairytale of Modern Society

by Kim van Veelen

I am not very proud of being an human being; in fact, I distinctly dislike the species in many ways. I can readily conceive of beings vastly superior in every respect.

– H. P. Lovecraft

Juxta can be seen as Kim’s first graphic novel, but it’s not. We’ll get to that later.
In Juxta we enter a mythic world with ancient gods and antique landscapes combined with a dystopian view on the consumer lifecycle. Here, the gods rule and ritual is more important than science. Does that sound familiar?

Technology has become an important part of our lives, the mobile phone is indispensable. Independent entrepreneurship promises us the ultimate freedom while the youngsters in this second millennial AC are still searching for the essence of leadership.

“I give shape
to what people are” – Juxta

This is the world Kim grew up in and, in his art he mixes what he sees around him with the myths of Mesopotamia. Mesopotamia, in fact the whole region known as the Middle East, now torn by a seemingly endless war, once produced multiple empires and civilizations. Mesopotamia is known as the “cradle of civilization” primarily because of two developments that occurred in the 4th millennium BC, in the region of Sumer (now Iraq): the rise of the city as we recognize that entity today and the invention of writing.

In fact writing is also known to have developed in Egypt, in the Indus Valley and in China, and, in a very different, independent and still mysterious way, in South America. In the world of today, writing is transformed into clicking on emoticons. And in the world of Juxta the city of today is mostly in ruins. The digital society has survived (including, thank some gods, Wi-Fi), but not in the shape we see today. There is no Facebook’s Marck Zuckerberg or Apple’s Steve Job. Here the High Priest and entrepreneurs are nameless, but the gods are called by name.

In the world of Juxta we see the same sense of the tiny humans living under a great, incomprehensible universe. If the Mesopotamians always had to be at the ready for the godly ruler of high priest, people nowadays are serving 24/7 the godly Client. Between the lines of Juxta we read the conception of the Consumer or the Client as an incarnation of Ego. And the gods provide them with the necessary tools: a smartphone, 4G and Wi-Fi. Basics for society. Not unlike H.P Lovecraft, Kim mixes the world we know with another dimension to tell his story.

This is not a novel

The title of this book, Juxta, is derived from the concept of juxtaposition. According to Wikipedia, this is an act or instance of placing two elements – preferably contradictive or unrelated elements – close together or side by side. This is often done in order to compare and contrast the two, to show similarities or differences. In art, juxtaposition will make both elements, and the whole of the artefact, gain weight. That’s what we see happening in Juxta, both in the technique of the drawings as the theme of the narrative. The objects here are the icons of the client and consumer and the gods. In his work, Kim aims at putting those object in their ultimate position in which they communicate under the ultimate tension. Especially in his statues, the tension of the construction is quite literally.

Some consumers
never return
from the forest.
They have acceptes
silence,
lost their elic,
lost their connection.” – Juxta

We, that is Kim and me, talked about this book in his studio In Space. That is less science fiction then it sounds. In fact his ‘studio’ is a garage on the grounds of a democratic school called ‘In Space’. Kim shares the garage with a marvelous old-timer reconstruction job and the only daylight he gets is when the folding door is opened. A recurring topic in our talks is how to give shape to artistic ideas, or: how to produce thought in tangible items.

When I talked about this book as a graphic novel, he shunned that term. I guess he sees it as an art-book. To Kim the story and the drawings of Juxta are just a mold in which he can pour some (actually just a tiny bit) of his artistic imagination. The book may be a fantasy, it displays some real and earnest views on contemporary society.

Kim does quite a bit of juxta positioning himself, in his art in a broader sense. For example he has made flat set pieces that act three-dimensional on stage. He also makes 3D statues out of the drawings you see on the flat pages of this book. That’s right, and although the statues are quite small they also have ‘in real life’ the sensation of greatness, probably even more so. And not only because of the juxtaposed dimensions. It is simply because Kim is a great artist.

See the website veel.org for more of Kim’s work and follow him on Instagram. Believe me – clicking is worth the effort

Palescue, April 2018

Sonnet

Sonnet

Sommige mensen, inclusief mijzelf, vinden het jammer dat mijn teksten zo weinig vormvast zijn. Daar moest eens wat aan gebeuren. Dus heb een sonnet geschreven, naar een litanie die ik vaak fietsend afsteek.

SONNET


Fuck you fuck you fuck you.
Fuck you. Fuck. Fuck,
fuck you, fuck you, fuck,
F*ck you. FU & FU2
 
You & you & you. Fuck
You. Fuck him, fuck her. Fuck all.
Fuck it, fuck it, fuck it. Fuck.
Fuck, fuck you, fuck you all
 
Fuck you. Fuck you fuck
the system, fuck you, fuck fuck
fuck, fuck you. Fuck you.
 
Fuck it bigtime, fuck you too
and you and you and you – fuck
off. Fuck you. Fuck me. Fuck 

Pa-fucking-lescue, 30 DEC 2018
the finger
the finger

‘Grenzeloos Verlangen’

‘Grenzeloos Verlangen’

Op de eerste zaterdag van het nieuwe jaar, 6 januari 2019, is de openbare Nieuwjaarsreceptie van cultureel podium Artishock. Dezelfde avond wordt de jaarlijkse expositie met schilderijen van Tekenclub Artishock geopend. In de grote zaal komen 23 werken van 80 bij 80 centimeter te hangen, allemaal persoonlijke variaties op het thema ‘Grenzeloos Verlangen.’ De live muziek is van het Semmy Prinsen Trio.

Niemand heeft de werken nog gezien. Coördinator Ineke Talen van de Tekenclub zegt: “Ik kan je nog niets laten zien. Sorry, maar dat is strikt geheim.”

Het is dinsdag, de wekelijkse tekenavond in Artishock. In het gezellige geroezemoes van de deelnemers komt één onderwerp telkens terug. Ineke Talen vertelt: “Eigenlijk zijn we een modeltekenclub. Dan weten de leden wat ze gaan doen: het model tekenen of schilderen. Eerst een paar korte standen en daarna een paar standen van een kwartier. Met de jaarlijkse tentoonstelling laten we altijd een andere kant van ons zien.”

Nadat het thema is gekozen maakt elke deelnemer thuis zijn eigen schilderij. Iedereen werkt op hetzelfde formaat, op meubelplaat (MDF),een paneel van 80 bij 80 centimeter. Ineke: “Dat is best groot. Verder is alles toegestaan, als het maar op het paneel past.”

“Bloed, zweet en tranen,” zegt Anne, één van de deelnemers.“Mijn echte grenzeloze verlangen durf ik niet te schilderen. Voor het eerst ben ik al vroeg begonnen. Het is een beetje gebaseerd op een gedicht van Pierre Kemp. Als ik dat lees denk ik: dat zou ik nou wel eens willen.” Ineke Talen zegt: “Soms heb je teveel ideeën en krijg je keuzestress. Wat moet het nou worden? Vaak kan je dan het best uitgaan van de eerste ingeving. Ik ben dit jaar ook vlot. Het is al bijna klaar. Dat is heel bijzonder voor mezelf.”

Idea

De opening van de expositie valt samen met de nieuwjaarsreceptie van vereniging Artishock, waarvoor bij dezen iedere belangstellende is uitgenodigd. De expositie zal de rest van de maand te zien blijven.

Nieuw dit jaar is dat de expositie daarna ‘op reis’ gaat. In de zomermaanden juli en augustus zullen alle werken namelijk te zien zijn in het gebouw van Idea aan de Willaertstraat.

‘Grenzeloos Verlangen.’ Zaterdag 5 januari opening expositie Tekenclub Artishock & Nieuwjaarsreceptie. Zaal open: 19:30u. Opening 20:00u. door voorzitter Harm-Jan Luth.

Zoals iedere eerste zaterdag van de maand is de toegang gratis en is er live muziek, ditmaal verzorgd door het Semmy Prinsen Trio. Sfeervolle muziek met veel ‘evergreens’ en later op de avond ballades van o.a. John Coltrane. Bezetting: Semmy Prinsen – tenorsax; Rico de Jeer – bas; Guido Eymann- drums. Guest: Wouter Wantenaar – altsax.

De expositie is te zien tot 28 januari tijdens activiteiten (zie http://www.artishock-soest.nl). Daarnaast is Artishock – Steenhoffstraat 46a -open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Zoo Palescue No.8: De het een ree

Zoo Palescue No.8: De het een ree

Voorpublicatie van het decembernummer van Veren & Vachten: 

Als je het bos ingaat zie je met reeën één van de Nederlandse big five. Sommige mensen zeggen dat ze herten zagen maar het hert en de (of het) ree zijn aparte soorten.

De ree is die inheemse Bambi aan de bosrand in de schemering, met flarden grondmist tot de schoften. Van oorsprong de meest voorkomende hertensoort in Europa, zijn ze langer op Aarde dan de mens. Uit het IJsselmeer zijn reegeweien bovengekomen van bijna een miljoen jaar oud.

Een ree is vooral herkenbaar aan de spiegel, die witharige vlek op de kont. De reebok, en soms ook de reegeit, heeft een klein gewei, sprietjes vergeleken bij andere herten. In de winter valt het af.

Het is nu winter. Na Sint Hubertus is ook de culinaire wintertijd ingegaan. Ree is dan het meest klassieke Kerstdiner. Eigenlijk moet je alleen vlees eten wat je zelf gedood hebt, maar dat is een ander verhaal.

Het ree is jagerstaal voor dit soort ‘roodwild’. De jacht op reeën is streng gereguleerd. Een provinciale stichting verleent volgens plan en na tellingen ontheffing om volgend seizoen een bepaald aantal door afschot te beheren. In de Wildbeheerseenheden (WBE) Lage Vuursche en De Eem werden vorig voorjaar 389 reeën geteld.

In de provincie Utrecht wonen 2.500 reeën samen met 1.285.000 mensen. In 2017 werden er 584 afgeschoten. Reeën, dan. Daarnaast vonden er 312 als ‘valwild’ de dood in het verkeer.

Begin twintigste eeuw kwamen reeën nog alleen voor op de Veluwe en in Limburg, en waren er zo’n drieduizend van. Door toegenomen aandacht en regels voor flora- & faunabeheer is de reestand inmiddels zogezegd op ree.

Ooit heb ik een ree beslopen en van dichtbij in de ogen mogen kijken. Een oogwenk lang. Toen was ze verdwenen en begreep ik iets van de of het, en één ree.

8 de het een ree -klein-IMG_20181029-2

En zo ziet het er dan uit in de december-editie, 12e jaargang, nummer 4. Het is wederom een fijn nummer geworden.

“Het moment van mijn wezen” – nieuw werk van Ruud Bijman

“Het moment van mijn wezen” – nieuw werk van Ruud Bijman

In november exposeert Ruud Bijman in de grote zaal van Artishock met nieuw werk, vrijwel allemaal uit de afgelopen twee jaar. Vier jaar geleden stelde hij hier zijn eerste series ten toon. Ruud is blijven schilderen. “Ik heb geen behoefte meer aan vakantie, want dan kan ik niet schilderen. Dat is mijn vakantie. Het is echt feest.”

Ruud Bijman vertelt: “De laatste tijd heb ik veel tekenopdrachten voor educatieve uitgaven. Maar tussendoor blijf ik schilderen. De weekenden zijn heilig voor me. Zo Ruud Bijmanmaak ik toch wel één à twee werken per maand. Normaal werk ik met acrylverf op doek. Ik heb net een nieuw soort stiften met acrylverf gekocht en sta nu te popelen om die te proberen.”

“In Amersfoort heb ik laatst 20 werken geëxposeerd bij Vreemde Gasten. Veel blijven er ook tekenwerk in zien. Ik denk doordat ik werk met zwarte contouren. Ik gebruik ook niet veel kleur, eigenlijk alleen voor de achtergrond en accenten. Ik vind de vorm belangrijker. Uit andere reacties merk ik dat mensen mijn werk rustiger vinden geworden.”

“Elk nieuw schilderij is goed. Elke keer leg ik de lat weer hoog en wil ik niet in herhaling vervallen. Ik heb heel mooie dingen gemaakt waarvan ik dacht: het voegt niets toe. Dan schilder ik het weer over. Ook als ik het niet meer uitkies voor exposities, dan heeft het geen waarde en wordt het overgeschilderd.”

“Frustrerend is wel dat je nooit uitgeschilderd raakt. Het eind is nooit in zicht. Ik ben nu bijna 60 maar ben zo benieuwd hoe ik over 60 jaar zal schilderen. Ik weet ook niet waar het vandaan komt. De personages, wezens die ik schilder hebben heel wat meegemaakt. Ik zie verdriet en  angst – dat herken ik en schilder ik. Alleen die vreemde vormen en rare wezens, daar herken me niet in. Maar het hoeft ook niet haarfijn uitgelegd te worden. Dan is de magie weg.”

“Ik vertel wel wat maar ik heb geen boodschap. Ik werk in een roes en gebruik ook maar één penseel. Wat eruit komt is het moment van mijn wezen. Dit werk hier ook. Toen ik het had geschilderd dacht ik: ‘wauw, heb ik dat gemaakt?’ Ik heb geen idee wat het is, maar het is af. Ik weet dat ik alles heb gezegd wat ik wil zeggen. Er hoeft niets bij en er is niets teveel gezegd.”

“Ik wilde een serie maken van pakweg twintig schilderijen onder de titel Les Misérables. De ellendigen. Maar eigenlijk kan ik elk schilderij daar wel onder scharen. Uiteindelijk begrijp ik geen fluit van het leven en dus ook niet van wat ik maak. Veel mensen zien humor in mijn werk. Soms vindt men het gewoon eng. Het leven is ook eng. We worden op aarde gesmeten als in de openingsscene van Mr. Bean – in de spotlight op een koude natte straat, en zoek het maar uit. Dat is ook wel een beetje eng.”

Cees Paul

Zaterdag 3 november om 20.00uur in Artishock, Steenhoffstraat 46. Na de opening JazzClub: Semmy Prinsen + Kai von Rosenberg Trio. Gratis entree. De expositie is vrij te bezichtigen tot vrijdag 23 november. Openingstijden: woensdag en vrijdag 10.00-12.00u., maandag en woensdag van 19.15- 20.15u. en in de pauze van filmvoorstellingen. Ook is het mogelijk een afspraak te maken met huismeester Semmy Prinsen (06-25 58 63 54).

Uitgelichte Afbeelding:  Les Misérables II (2017; 60×50 cm) door Ruud Bijman.

Foto Ruud Bijman door Cees Paul

2017-11-24-Les-Misérables-II-60-x-50-cm-Ruud-Bijman

Persfoto’s en portretten van twee vrienden

Persfoto’s en portretten van twee vrienden

Iedere lezer van de Soester Courant kent het werk van Ronald Kersten. Hij exposeert al 30 jaar zijn foto’s in dit weekblad. Komende maand hangen zijn mooiste pers- en portretfoto’s in Artishock. Hij exposeert samen met Hans Bult die verscheur(en)de portretten schildert.

Ronald en Hans kennen elkaar zo’n 50 jaar. Ze zaten samen op de handbalvereniging en gingen met de brommer op vakantie naar Terschelling. Toen Hans trouwde maakte Ronald de trouwrapportage. Terwijl Ronald is opgegroeid als fotograaf – “Ik was 9 toen ik al achter het doel zat om sportfoto’s te maken” – werd Hans onderwijzer. Later heeft hij de Nieuwe Academie gevolgd en werd kunstschilder. Hij heeft een heel eigen stijl ontwikkeld door portretten te verscheuren en tot nieuwe schilderijen te maken.

Bekende Soesters

Hans Bult vertelt: “Aanleiding was eigenlijk dat Ronald 75 werd. Toen vroeg ik of hij wel eens had geëxposeerd. Niet echt, zei hij, en het leek ons leuk om samen iets te doen.” Ronald Kersten heeft als fotograaf voor o.a. de Amersfoortse Courant gewerkt en had een eigen fotopersbureau: “Dat heeft mijn oudste zoon overgenomen. En met de fotostudio ben ik inmiddels ook al 10 jaar gestopt. Maar ik werk ik nog steeds als freelance fotograaf. Zometeen heb ik weer een opdracht.”

“Op de expositie laat ik portretten van bekende Soesters zien. Zo heb ik een mooie prent van Korlaar en van Paul Smit, de oude uitgever van de Soester Courant. Het wordt een mengeling met sportfoto’s en straatfotografie. En ik neem deze mee die ik in de studio maakte van mijn eerste kleindochter.”Hans en Ronald-0495-klein

Zelfportretten

De portretten die Hans Bult schildert zijn iets heel anders. “Ze zijn wel geïnspireerd op bestaande mensen, maar uiteindelijk is het een soort zelfonderzoek en zijn het allemaal zelfportretten. Het zijn een soort collages. Eerst schilder ik het portret. Dat gaat vrij snel. Dan ga ik scheuren, ik zoek stukken die de sfeer van het portret verbeteren en schik alles op een nieuwe manier. Zo stel ik het schilderij opnieuw samen. Dat kan maanden duren. Ik merkte dat op die manier het schilderij luchtigheid kreeg. Het wordt verrassender.”

“Inmiddels heb ik het gevoel dat ik ook in één keer zo kan schilderen maar ik laat me nog graag verrassen door het scheuren. Het heeft mij veel gebracht. Ik heb een eigen stijl ontwikkeld en die ontwikkeling gaat nog steeds door. Dit grote portret van een jonge vrouw bij voorbeeld is bijna klaar en laat een vrolijke kant van mij zien die er eerst niet zo was.”

Opening expositie zaterdag 6 oktober om 20.00 u. Daarna live muziek JazzClub. Het adres is Steenhoffstraat 46a, 3764BM Soest. Rechts het gebouw in lopen. De toegang is vrij.

De expositie is te zien tijdens activiteiten tot en met eind oktober. Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maandag- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354. Zie www.artishock-soest.nl voor meer informatie.

Kijk op de site van Kunstkring Kattenbroek voor een indruk van Hans Bult’s werken.

Veld Zonder Leeuwerik

Veld Zonder Leeuwerik

300 woorden voor de veldleeuwerik als metafoor voor het grote uitsterven.

Zoo Palescue nr.7 voor het tijdschrift van Stichting Dierenzorg Eemland

Het was zonnig en droog op de grote stille heide. Je hoorde niets dan wind en een krekel. Toen ontsprong plots een klaterende bergbeek van de helderste klanken uit de zon. Ik keek omhoog, zag een donker puntje al zingend de strakblauwe hemel beklimmen. Ongelofelijk. Als je hard schreeuwt vanuit een luchtballon, horen de mensen beneden niets. Maar dat bruine vogeltje daarboven laat moeiteloos de hele vlakte volstromen met muziek.

De Veldleeuwerik was de meest verspreide vogel in de jaren ’70 en is nu gedecimeerd. Op Vliegbasis Soesterberg zijn elk jaar nog een paar honderd nesten. De mens beschermt die, maar toen kwamen de kauwtjes. Als een regiment soldaten marcheerden ze door het gras en vraten de nesten leeg. Het lijkt of het lawaai van vroeger de kauwen verjoeg en de leeuwerik juist beschermde.

De mens denkt, zeker in Nederland, de natuur te regelen maar uiteindelijk roeien we ‘per ongeluk’ dagelijks soorten uit, om zelf ongebreideld uit te kunnen breiden. Veel soorten hadden nog geen naam. Met Rode Lijsten vinken we af: vrijwel alle bekende soorten steenvliegen, afhankelijk van stromend water, zijn verdwenen uit ons land, bijna driekwart van alle soorten dagvlinders en meer dan 80% van alle reptielen.

Een deel van Dierenpark Amersfoort is voor dinosaurussen, uitgestorven voordat de mens bestond. Daar konden we niets aan doen. Bij veel nog levende soorten staat aangegeven dat ze bedreigd zijn in het wild. De biodiversiteit neemt af, heet dat: het leven sterft uit – planten en dieren, te land, ter zee en in de lucht.

Uiteindelijk overleeft het wild alleen in de Zoo. Ik loop met een buggy buiten de kooien en ook wij overleven niet in het wild. Ik vraag me af: voor hoeveel soorten blijft de aarde leefbaar en zijn er dan nog kleinkinderen over om ze te tellen?

Leeuwerik 20180826_02-450

En zo stond het in Veren en Vachten van September 2018 (13e jaargang, nr.3), inclusief de foutieve extra r.

7. Veld zonder Leeuwerik publ. IMG_20181014 klein