*Pictures @ an Exhibition*

*Pictures @ an Exhibition*
In het Artishock Jubileumjaar staat De Galerij deze maand in de spotlights met een tentoonstelling van diverse kunstenaars. Na een openingswoord door Rob Metz, burgemeester van Soest en Harm-Jan Luth, voorzitter van Artishock vindt een bijzonder concert plaats. Componist Henk Meutgeert heeft een aantal schilderijen voorzien van muziek.

henkmeutgeert_originalSinds jaar en dag opent Artishock elke eerste zaterdag van de maand een expositie. Doorgaans is dat met werk van één bepaalde schilder of fotograaf, soms is het een groep samenwerkende kunstenaars. Na de opening is er altijd Jazz Club waarbij, vaak gerenommeerde muzikanten in intieme setting een gratis optreden verzorgen.

Voor deze speciale opening worden beeldende kunst en muziek nog dichter bij elkaar gebracht. De inspiratie daarvoor komt ook van het klassieke muziekstuk ‘Pictures at an exhibition’ (Schilderijen op een tentoonstelling). Daarin vangt componist Mussorgsky een aantal schilderijen van een vriend van hem in muziek.

Verrassende onthulling bij exact 50 jaar

Componist Henk Meutgeert gebruikt voor de muzikale belichting van deze opening eigen composities naast bestaande standards en klassieke muziek, maar dan wel in een jazz uitvoering. Henk heeft zijn sporen verdiend in de klassieke muziek, pop en jazz. Zo is hij oprichter en dirigent van het Jazz Orkest van het Concertgebouw. In Artishock zal hij onder andere optreden met zangeres Rosamint Faas. Inmiddels woont en werkt zij in Amsterdam, maar ze komt uit Soest. Zowel Henk als Mint werken belangeloos mee aan dit evenement, evenals de beeldend kunstenaars.

Voor de samenstelling van de expositie werd gekeken naar het archief van solo-exposities die de afgelopen tien jaar in Artishock plaats vonden. Uit de kleine honderd kunstenaars brengen circa twintig kunstenaars nieuw werk aan. Coördinator van de werkgroep die de exposities voorbereid Cees Paul licht toe: “Op 4 maart is het op de kop af 50 jaar geleden dat de vereniging Artishock officieel werd opgericht. De tentoonstelling is geen best-of van de afgelopen halve eeuw. Daarvoor hebben we te weinig ruimte. Van onze werkgroep nam ieder een aantal jaar voor zijn rekening maar we kijken niet of nauwelijks terug. We lieten ons leiden door nieuwsgierigheid naar wat mensen nu maken. Tijdens de opening wordt ook een speciaal nieuw werk onthuld. Een cadeau aan de vereniging.”

De werkgroep Galerij Artishock kijkt niet alleen naar lokaal talent. Toch zijn er ook bekende Soester namen te zien zoals Peter van Oostzanen, Tjerk Reijinga en Lia Laimbock.

De speciale opening wordt uitgevoerd in de grote zaal, te midden van de kunstwerken. Daarna wordt het muzikale gedeelte van de avond voortgezet in de bar, waar Jazzstandards worden vertolkt door Rosamint Faas, met haar trio en Semmy Prinsen.

 1703jazzclubrosamintDe overzichtstentoonstelling met optreden opent zaterdag 4 maart, 20:00u. Vanaf 20:30 JazzClub.

De toegang is gratis.

De expositie blijft hangen en is tot 24 maart te zien tijdens activiteiten (zie www.artishock-soest).

 

 

Daarnaast is Artishock open op: woe- en vrijdagochtend van 10-12 uur, maan- en woensdagavond van 19.15-20.15 uur. Verder in overleg: 06 25586354.

Foto rechtsboven: Henk Meutgeert

Foto links: Rosamint Faas

Foto onder: LP-hoes van Emerson, Lake & Palmer – Pictures at an exhibition (1972)

eml_pic-at-expo

Bezie de kudde die aan je voorbij graast

Bezie de kudde die aan je voorbij graast

 

Bezie de kudde die aan je voorbij graast

 

over de velden van zout en suiker

naar een feest

wat al is geweest

het zinloze beest

verenigt menigeen

waaronder deze

 

kijk en luister

je ziet en hoort

hier zit je goed

rammelende snaren

verslaan de camera

met een koperen zucht

 

wat kan je nog doen?

je houdt het oog op de vlam

en brandt je stem

aan het gras

 

nietzsche2

De titel en eerste regel gaat verder met

“….niet wetende wat gisteren, wat vandaag is, ze dartelt rond, vreet, rust, verteert, dartelt verder, en zo van de ochtend tot de avond, dag aan dag, in haar lust en onlust kort aangelijnd aan het ogenblik en daardoor niet zwaarmoedig en niet verveeld.”

Dat is de eerste zin van Friedrich Nietzsche in Nut en nadeel van geschiedenis voor het leven.  Tweede traktaat tegen de keer. Geschreven in 1874 en nu nog net zo waar als toen ik het las in deze uitgave van Historische Uitgeverij Groningen uit 1983. Vandaar wellicht dat de titel spreekt van een Unzeitgemässe Betrachtung – niet in tijd te meten.

En natuurlijk, de dichter is een koe, dat ook.
Palescue 20170217 – uit losse flodders van 2016 en een beetje van nu.

nietzsche1

 

Uitnodiging: Literair-muzikale zondagmiddag in Artishock

Uitnodiging: Literair-muzikale zondagmiddag in Artishock

Onlangs publiceerde de Soester dichter Palescue een bundel onder de titel “Weg is altijd ergens.” Zondagmiddag 11 december vindt in Artishock de presentatie plaats onder toeziend oog van Jan Visser, nestor van de plaatselijke dichtkunst. Daarnaast treedt de dichter op met twee muzikanten: Semmy Prinsen (saxofoon) en Kamal Hors (ud, arabische luit). Na de pauze kunnen aanwezigen eigen gedichten voordragen, of gedichten van anderen. Ook dan is er live muziek.

cpresentatie-1Semmy Prinsen, tenorsaxofonist, is bekend als jazzmuzikant en organisator. Hij is ook actief als DJ ‘Play it again Sem’. Met originele draaitafels uit de 40-er jaren draait hij 78 toeren platen vanuit een bakfiets. Kamal Hors is een professioneel muzikant, zanger en componist die vooral bekend is door zijn projecten met ensemble Windstreken, waarmee hij ook optrad in het  tv-programma Vrije Geluiden.

Jan Visser is medeoprichter van Artishock in 1967, de Stichting Literaire Activiteiten Soest (SLAS) en van het Cultuurplatform Soest. Van 1990 tot 1994 was hijwethouder van Ruimtelijke Ordening en Kunst. Bovendien publiceerde bij verschillende uitgeverijen tien poëziebundels.

Poëzonmuziekmiddag

De schrijversnaam Palescue is een anagram voor Cees Paul. Hij zegt: ”Natuurlijk vind ik het spannend om mijn eigen gedichten te presenteren. Maar ik ben vooral trots dat ik door die mooie muziek van Kamal en Semmy heen mag praten.”

palescue_polaroiddscf8821
Foto: Katja Sobrino

Wat heb je voor ogen met deze zondagmiddag vol poëzie en muziek?

“Een echte Poëzonmuziekmiddag, of is het Poëmidmuzondag? Ik hoop op een soort festivalsfeertje. Er komen in ieder geval een paar interessante gasten. Bassist Jeroen de Valk komt met gitarist Peter Smit muziek maken, en ook teksten voordragen. En helemaal vanuit Groningen komt Hubert Klaver een paar columns voorlezen. Die man is zó grappig. Wellicht ook dat de dorpsdichter, Kond le Bisck, acte de présence geeft. En er is ruimte voor iedereen die langs komt en wat wil voordragen.”

Waar gaat je dichtbundel over?

Palescue: “Het is een selectie. De ondertitel is dan ook: “Titel 2: Verzameling uit de gele ordner.” Die gele ordner is de tweede die ik heb gevuld. Inmiddels ben ik met de vierde bezig. Maar ik heb niet echt een vast thema. Het gaat soms letterlijk over Iets en Niets. Over van alles en nog niks. Poëzie is niet alleen een verhaal, het ook een kwestie van klank en ritme. Het is niet voor niets dat ik graag optreed met muziek.”

“Weg is altijd ergens Titel 2: Verzameling uit de gele ordner”  ISBN: 978-94-022-2944-8 Prijs: € 15,99 (inclusief verzendkosten) Te koop bij de presentatie en bij Cigo Peperzak (Van Weedestraat), Libris boekwinkel Van de Ven (Soest Zuid) en in de webwinkel van Uitgeverij Boekscout.

Artishock zondag 11 december, 15:00-17:00u., Steenhoffstraat 46a, Soest. Toegang gratis. Een bijdrage in de kosten wordt gewaardeerd.

Het Verhaal van De Titel

Het Verhaal van De Titel

Alles is maar net het verhaal dat je ervan maakt. Stel: je ziet een vreemd wezen. Je herkent iets in de verschijning en noemt het een olifant. Je herkent een zweem van de kleur en noemt het roze. Je zegt dat ik een roze olifant heb gezien. Maar het eigenlijke verhaal is dat ik een delirium heb en aan waanvoorstellingen lijd. De wereld is onbetrouwbaar en keert zich tegen je. Je lichaam trouwens ook. Het beeld van de roze olifant maakt het beheersbaar. Je kan erom lachen en dat is een eerste stap naar herstel.

De mens schept samenhang, ook waar die niet is, door er een verhaal van te maken. Neem je eigen leven: een tamelijk toevallig samenraapsel van keuzes en gebeurtenissen maar voor jezelf maak je er verhaallijnen in. Je kan het navertellen en daardoor lijkt er een logische samenhang te bestaan. Voor veel mensen is hun eigen verhaal zelfs van een onontkoombare logica – het heeft zo moeten zijn.

Wetenschap: proefondervindelijk meten is zeker weten, zuiver objectief et cetera, jaja. Het resultaat van meten is een reeks cijfers of andere symbolen, die overigens niet zuiver objectief tot stand komen, maar altijd door een subject worden waargenomen, genoteerd in een bepaald patroon en dan worden geïnterpreteerd .

Werken van Ben Joosten (1931-2013)
Werken van Ben Joosten (1931-2013)

Het wetenschappelijk discours bestaat er nu uit die symbolen in een logische rij te zetten en te duiden, kortom, er een verhaal van de maken. Symbolen zijn nog geen data, data is nog geen informatie, informatie is nog geen kennis, kennis is nog geen wetenschap, wetenschap is nog geen wijsheid. De wijsheid ligt in het verhaal.

Je kunt een heleboel keer waarnemen dat er een regendruppel van 1 milliliter valt op een gebied van een op een bepaalde lengte en breedte maar het punt is dat het regent – en het verhaal is dat daarmee de oogst gered is en een dreigende hongersnood voor dit gebied lijkt afgewend. En het verhaal is bijvoorbeeld ook dat van de waterkringloop op aarde. En zo zijn er nog ongeveer net zoveel verhalen denkbaar als we regendruppels telden, want als water bevinden wij ons in een kringloop van verhalen. We ontstaan uit, en dragen ons druppeltje bij aan een zee van verhalen.[i]

We hebben vanuit de evolutie een mooi stel zintuigen meegekregen maar we moeten goed beseffen dat die beperkt zijn en dat we de werkelijkheid die buiten die zintuigen bestaat niet kennen, althans niet kunnen meten…en dat de samenhang die we tussen waarneembare verschijnselen zien er niet noodzakelijkerwijs hoeft te zijn. Het is een verhaal over de werkelijkheid. We noemen het Theorie.

En theorieën uit het verleden, of het heden, bieden geen garantie voor de toekomst…

Wetenschap is een waargebeurd verhaal. En degene die het verhaal het best vertelt levert het paradigma, de overheersende theorie. Dit geldt niet alleen voor de zogenaamd zachte wetenschapstakken als geschiedenis en sociologie, maar ook voor natuur- en scheikunde, en zeker in de economische wetenschappen.

Logisch

U zegt “ik maak geen verhaaltjes, ik denk alleen logisch na.” Maar ‘Logica’ is een vaak onjuist gebruikt begrip. Vaak wordt retorica of ‘gezond verstand’ logica genoemd. Logisch nadenken en handelen is meestal niet anders dan platgetreden paden van vaste gewoontes en denkpatronen volgen. Nog niet zolang geleden was het ‘logisch’ dat dat vrouwen geen bankrekening of stemrecht konden hebben. In Tachtig Dagen de Wereld Rond was een fantasie – als we nu in 24 uur de wereld rondreizen, is ergens sprake van een vertraging.

Gevoel en emoties worden irreëel, niet logisch genoemd, maar zijn ook logisch te benoemen in het verhaal van neuronen en chemische processen wat zich in ons lichaam afspeelt. In onze hersenen ook ja, maar is ons hoofd dan geen lichaamsdeel? In het denken is niets onrealistisch. De beperking is alleen ons eigen hoofd en bij de uitvoering staan slechts wetten in de weg, en praktische bezwaren[ii].

De taal van de logica is niet retorica maar algebra en die heeft haar eigen schoonheid en verhaal. En ook in de wis- en natuurkunde geldt dat het mooiste verhaal de meeste overtuigingskracht heeft. Als verschillende berekeningen tot dezelfde uitkomst komen, wordt de voorkeur gegeven aan de meest heldere, transparante bewijsvoering. Bij het schrijven van computerprogramma’s zien we dit ook. Als verschillende programmeurs eenzelfde toepassing maken, zal het werk van degene die de meest elegante code schrijft, beter genoemd, en vaker gebruikt worden.

looproute
looproute

Wat maakt een reeks woorden (lijnen, tonen, beelden, symbolen) tot een goed verhaal? Het belangrijkste is dat er een spanningsboog is. Iedere volgende stap komt onontkoombaar vanuit de vorige. De tweede stap moet zogezegd ‘logisch’ volgen uit de eerste, maar hoeft niet voorspelbaar te zijn. Liever niet zelfs, want we willen een zekere spanning in het verhaal, en spanning ontstaat door de onverwachte combinatie van uiteenlopende elementen die desalniettemin ‘accoord gaan’, in harmonie zijn.

De verhaalvorm is het meest duidelijk in de kunsten, religie en filosofie. De beste muziek, de mooiste kunst, de meest geloofwaardige profetie, wordt niet gemaakt door de meest verbale, virtuoze instrumentalist maar door degenen die het instrument gebruiken als medium om hun verhaal te vertellen – een verhaal dat uit taal of toon, ritme en de persoon wordt gedestilleerd. In andere menselijke uitingen geldt, mutatis mutandis hetzelfde: we zoeken een medium en gebruiken de eigenschappen ervan in combinatie met de geestelijke en fysieke vaardigheden die we hebben meegekregen, die we met oefening hebben ontwikkeld, om een afgerond verhaal te maken dat door medemensen wordt begrepen.

Misschien is dat ook het enige doel: door medemensen te worden begrepen en geloofd – en zo opgenomen te worden in het verhaal van anderen, van allen.

De kern of boodschap van een verhaal kan verschillen, maar zal ook vaak hetzelfde zijn. Uiteindelijk is de boodschap vaak een variatie op iets wat we allang kennen: de schepping is mooi; de liefde is groot, de wereld is hard, en nog zo wat wijsheden die op een tegeltje passen.

Veel verhalen vertellen eigenlijk hetzelfde en zijn toch uniek door het gebruikte medium. De oorspronkelijke pianovertolking van Moessorgski’s “Pictures at an Exhibition” (1874) is anders dan die van een strijkkwartet of de orkestbewerking. Maar ik bedoel niet alleen de instrumentkeuze, of de gekozen kunstvorm: de schilderijen op de tentoonstelling zelf zouden je een heel ander, en toch weer hetzelfde verhaal vertellen.

Wat elk verhaal uniek maakt is het medium van de verteller zelf, in dit voorbeeld de man Modest Mussorgski. De tentoonstelling in kwestie was, bij voorbeeld, met werken van een goede vriend van hem (Viktor Hartmann) die vlak ervoor was overleden. Dat hoor je. En dat ze samen streefden naar Russische Kunst, ook dat verhaal hoor je.

photocollage
J.J. Cale. Photo: Jane Richey

De stem en de stijl van de verteller maken integraal deel uit van een goed verhaal. Ik bedoel, stel dat ik goed gitaar kan spelen, of iets minder goed, dan kan ik best een stuk van bij voorbeeld J.J. Cale naspelen – en zo zijn verhaal navertellen. Het wordt daarmee niet het mijne. De kracht van zijn muziek, het verhaal van zijn compositie, komt voort uit de persoon – zijn afkomst, opvoeding, lichamelijke eigenschappen en ervaringen hebben een handtekening gedestilleerd die zichtbaar is in al zijn uitingen. Het gaat inmiddels niet alleen meer over J.J. Cale. Persoonlijke eigenschappen, zowel aangeleerd als gegeven en gegroeid, vormen de stijl. En pas als je die kan samenvoegen met een ‘Boodschap van Algemeen Nut’, heb je een flinter waarheid, een vonkje wijsheid, een mooi verhaal.

Soms is het de toon, soms het ritme, soms de vorm van het verhaal – uiteindelijk bepaalt de mate waarin de onderlinge verhoudingen aansluiten of je overtuigd wordt door het Verhaal. En waardoor je komt tot een nieuwe, of vernieuwde, waarheid – groot of klein, kort of langduriger, roze of grijs.

Op het gevaar af in de hybris te verzeilen trek ik de verhaallijn nog even door: iets krijgt pas betekenis als het is ingebed in een verhaal. Een klinker heeft potentie zolang ‘ie wordt gebakken uit klei en ligt opgestapeld op een pallet, maar krijgt pas betekenis in een weg. Daarbij zijn verschillende wegen naar verschillende waarheden naast elkaar mogelijk. Dezelfde steen kan verschillende functies hebben. Zoals bekend vertellen verschillende getuigen behoorlijk uiteenlopende verhalen over precies dezelfde gebeurtenis. De waarheid is veranderlijk.

Je kan zeggen: ze bestaat niet, maar een goed verhaal bevat altijd waarheid. Misschien niet De waarheid, maar een deel ervan, zoals elke cel het volledig DNA bevat, en slechts zolang het organisme leeft, voor de duur van zijn verhaal.

Bestaat, in theorie of werkelijkheid, ook het Lied van Alles? Sommige verhalen, op schrift of in andere media, komen best ver. Zoals (bij voorbeeld en volgens mij) Jorge Luis Borges in “Het Schrift van de god (1949) waarin de formule voor Alles zichtbaar is in de vlekken van de vacht van een luipaard. Bestaat er, met andere woorden, op meta-niveau één allesverhalend verhaal, wat we met z’n allen telkens opnieuw proberen vorm te geven in onze uitingen?

Aldus sprak Palescue enkele woorden in Salon van de Wijsbegeerte, Artishock, Soest, september 2013.

Nootjes en Kwootjes

[i] Zie: Salman Rushdie, Haroun and the Sea of Stories (1990), of Rabbi David A. Cooper in God is een werkwoord, een mystieke visie op de kabbalá (God is a verb, Kabbala hand the practice of Mystical Judaism (New York, 1998) pag. 73:

“Het principe van de continue schepping, zonder begin of eind, is gebaseerd op de idee dat er een bron van het leven is die eeuwigdurend de energie uitstraalt die nodig is voor al het bestaande. Als deze bron van het leven zich ook maar een fractie van een seconde zou inhouden, zou alles meteen verdwijnen. Dat wil zeggen: de hele mensheid, de hele natuur, de hele schepping wordt van moment tot moment van kracht voorzien. Het is alsof de schepping een gloeilamp is die blijft branden zolang er stroom op staat. Op het moment dat we de knop omdraaien, gaat het licht uit.”

[ii] Uit Het Huwelijk vanWillem Elsschot (1910), al refereer ik hier evenzeer aan natuurwetten als aan juridische.

Het Huwelijk

Toen hij bespeurde hoe de nevel van de tijd

in d’ogen van zijn vrouw de vonken uit kwam doven,

haar wangen had verweerd, haar voorhoofd had doorkloven

toen wendde hij zich af en vrat zich op van spijt.

 

Hij vloekte en ging te keer en trok zich bij de baard

en mat haar met de blik, maar kon niet meer begeren,

hij zag de grootse zonde in duivelsplicht verkeren

en hoe zij tot hem opkeek als een stervend paard.

 

Maar sterven deed zij niet, al zoog zijn helse mond

het merg uit haar gebeente, dat haar toch bleef dragen.

Zij dorst niet spreken meer, niet vragen of niet klagen,

en rilde waar zij stond, maar leefde en bleef gezond.

 

Hij dacht: ik sla haar dood en steek het huis in brand.

Ik moet de schimmel van mijn stramme voeten wassen

en rennen door het vuur en door het water plassen

tot bij een ander lief in enig ander land.

 

Maar doodslaan deed hij niet, want tussen droom en daad

staan wetten in de weg en praktische bezwaren,

en ook weemoedigheid, die niemand kan verklaren,

en die des avonds komt, wanneer men slapen gaat.

 

Zo gingen jaren heen. De kindren werden groot

en zagen dat de man die zij hun vader heetten,

bewegingsloos en zwijgend bij het vuur gezeten,

een godvergeten en vervaarlijke aanblik bood.

 

Slang

Slang

ouroboros1Ik weet niet hoe lang het duurde voordat ik kon lezen maar ik zal nog niet lang geleefd hebben, en ik weet niet hoelang het leren duurde, het zal vrij kort geweest zijn. In mijn beleving leerden we de letters en konden meteen lezen.

Ik weet nog de letter S, daar had juf Osnabrugge een slang van getekend. Dat was grappig, vond ik, maar waarom schreef ze niet het hele woord? We leerden netjes schrijven in groene schriftjes met balken van lijnen, bijna een muziekschriftje. We kregen een blauwschrijvende doorzichtige Staedler Stick als wapen. We hadden een rode plastic letterdoos waar in vakjes de letters op dunne plastic blokjes waren verzameld. Uit de verzameling knutselden we in het deksel een kleinere verzameling en voilà, een woord. Slang.

Ik las alles wat ik zag en zag alles lezend. Ik beleefde alles als geschreven, dat wil zeggen, ik schreef wat er was, las het, en was wat ik las.

“Hij loopt het schoolplein op. Winnetou ziet in het midden een groepje meisjes staan. Links zitten anderen achter hun rijtje knikkers. Vier knikkers of twee bommen is

“Acht tegels, ja?”

Hij zegt: ”Ja.”

letterdoosIk zag de kinderen met hun spelletjes, maar ze deden het expres. Het was net zo menens als de grote mensen die ik zag met hun eigen spelletjes, onderling, en die met kinderen. Ze begrepen kinderen niet, niet echt, en snapten zeker niet dat ik hen wel begreep. Meestal. En de grote jongens op hun brommers en hun onzekere stoere spel met het gevaar. Ik las ze, en paste op.

Zo las ik de wereld en de boeken – die op papier en in mijn hoofd – vormden mijzelf, sleten mijn origineel uit tot dundruk pagina’s. En de wereld misvormde dapper mee in opvoeding en socialisatie. De volkomen ziel die ik had bij geboorte werd als een steen bewerkt. De stukken vlogen eraf. Er werd gebeiteld en gevijld. Water en zandstormen slepen vreemde vormen uit. Was ik lezend al bijna onzichtbaar voor de buitenwereld, in de binnenwereld vervaagde mijn oorspronkelijke zelf meer en meer. Steen verbrokkelt en spoelt weg.

En het werd later, ouder, en ik zag iedereen slagen die probeerde iemand, of op zijn minst iets te zijn. Ik las ze en schreef ze over, werd ook iemand, of iets, maar nooit lang. Dat is saai – net als sokken en ondergoed moet je dagelijks wisselen van personage. Dan blijven ze fris.

Op mijn zolderkamer hing een foto die Anton Corbijn had gemaakt, uit bowie_elephant manMuziekkrant Oor gehaald: David Bowie, de perfecte gentleman-ster met het telkens wisselende personae in bijpassende kostuums met alleen een lendendoek om, zoals hij speelde hij in het toneelstuk The Elephant Man, over een ernstig misvormde man.

Als een spons zoog ik de wereld op en lekte die in kleine plasjes terug op papier. Die werkelijkheid ‘in mijn eigen woorden’ bleek net zo echt als de rest. Fascinerend, maar eigenlijk heel logisch, want wat ik op papier zet is niet meer dan hergebruik. Mijn ‘Slang’ uit de letterdoos onderscheidt zich niet van een ander. Toch, de ingelezen woorden zijn verwerkt, vergist, en als ze worden teruggespuwd klinkt persoonlijkheid door in de zinsbouw en verteltrant: stijl: mijn stem is anders dan de jouwe.

In wat ik schreef zag ik mezelf, tussen de regels door. Soms zag ik mijn profiel bijna letterlijk in het woordbeeld van een pagina. Met mijn stempel en handtekening. Zou wat ik schreef zo niet een paspoort kunnen zijn naar mezelf, een weg terug?

Maar mij zelf zal je hier niet tegenkomen. Lezend kan je mij niet zien. De ware ik zit in het kind dat zich nog niet las. Ik kan geen cirkel maken door de slang zijn staart te laten zijn.

I.P. Fisher 2014