Z00 Palescue #23: Het Konijn klokt uit

Z00 Palescue #23: Het Konijn klokt uit

Jawel, een nieuw dier in driehonderd woorden. Met dank aan alle sites uit de links, Alice uit Wonderland, en natuurlijk Marlene. Van haar staat onderaan deze tekst een liedje wat je eigenlijk vooraf wel wil aanzetten. Dat kan.


Je ligt te suffen op het gras in de zon en plots loopt een wit konijn langs. Het Konijn pakt een zakhorloge uit zijn vestje en zegt:

“Ojee, zo laat?!” En je springt op, erachteraan.

Het Konijn rent het hol onder de heg in, wat algauw wel heel steil naar beneden gaat. Je valt en je valt en valt…en denkt: “Waar zijn de konijnen gebleven?”

Het is tijden geleden dat ik ze zag. Drieduizend jaar geleden leefde het Konijn alleen (nou, met een aantal) in het land dat er naar is vernoemd: Spanje. Vandaar werd het verspreid door kloosterlingen en edelen, die het Konijn in omheinde konijnenbergen en waranden hielden als kleinvee. Het Konijn kon pas echt ‘viraal gaan’ na 1900 doordat de landbouw het landschap veranderde. Het konijn hielp mee door te grazen en te graven. Het was bij de konijnen af, want een rams stel konijnen worden er binnen een jaar zomaar vijftig.

De Franse arts Delille had last van konijnen op zijn landgoed, dokterde in het lab aan een milde konijnenziekte en liet het virus los op 14 juni 1952. Myxomatose is daarna ook in andere landen ingezet. Al snel stierven overal vrijwel alle konijnen een gruwelijke dood.

Na een lange herstelperiode dook in China een nieuw konijnenvirus op. Sinds de jaren ’90 is driekwart van de populatie door RHD/VHS afgestorven. In Nederland mag het Konijn nu niet meer bejaagd worden. Maar bedreigender zijn roofdieren, en gebrek aan ruimte en degelijk onkruid door intensieve landbouw.

Konijnenhouders kweken jaarlijks nog 300.000 witte vleeskonijnen. De meeste konijnen (800.000) verblijven bij ons thuis . We meten met twee maten: huisdieren zijn bijna lid van het gezin, maar staan als een gebruiksvoorwerp op Marktplaats. En we fokken ze in alle vormen en kleuren, maar praten en klokkijken leren we ze niet.


… een tweede konijn

en zo verscheen het in Veren & Vachten, 17e jaargang, nummer 3 – september 2022. Een beetje jammer dat het konijnenhol is weggesneden. De veranderde opmaak is minder jammer.

Z00 Palescue #2: Rekel bij ’t Raboes

Z00 Palescue #2: Rekel bij ’t Raboes

De eerste vos die ik zag was een paard. De tweede getekend door Rien Poortvliet. De eerste moervos of rekel die ik zelf zag lag plat, bewegingloos langs de weg. Pas tientallen jaren later zag ik een levende. Over een rotonde in Lelystad liep hij (of zij) naast de auto. Alert maar onverstoorbaar. Vorige week overreed ik bij Lage Vuursche bijna een vos die overstak.

Streetview Polder

De vos leeft in veel Nederlandse gezegdes. Eén van onze oudste boeken verhaalt “Van den vos Reinaerde“: de schelm die zijn streken niet verliest en de raaf ervan overtuigt dat de druiven zuur zijn. Koning Nobel is de wolf in dat verhaal. Met de komst van het Koninkrijk der Nederlanden is in de negentiende eeuw de laatste wolf in ons land geschoten. De afgelopen jaren wordt hij soms weer gezien. De Kroon heeft hem in 2014 alvast tot beschermde inheemse diersoort uitgeroepen. Maar zolang koning Nobel hier niet resideert, is Reinaert het grootste roofdier in ons land. En mag iedereen met een jachtakte op hem jagen, om de weidevogels te beschermen in de weidsheid van de Grote Melm tot aan ’t Raboes.

In Soest ken ik hem vooral van kennissen die, diep in de bebouwde kom, ’s morgens kapotgebeten pluimvee aantroffen wat haar laatste eitje had gelegd. Ik hoor hem ook vaak benoemd worden als schuldige voor de teruggang van weidevogels. Ik lees dat dit ook met de kwaliteit van de weiden, en kraaien, te maken heeft. Het Eemland is voor grutto’s een wereldwijd top-drie leefgebied.

Dat vossen als hondsdol om zich heen bijten weten we. Dat ze alles eten, graag bramen, maar ook afval, wordt vaak vergeten. Op Soestdijk kennen we trouwens een heuse Jachtvereniging. Die houdt alleen een andere traditie levend: onder hoorngeschal met de meute achter een geurspoor over landgoederen galopperen.

(Afbeelding door R. Schulz (1829-1880) – Collectie Rijksmuseum)

Vos_MarjolRP-P-OB-201.020